BK tags + recap pres continuous

Today's lesson
- Question tags
- Recap present continuous
1 / 15
volgende
Slide 1: Tekstslide
EngelsMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 1

In deze les zitten 15 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 40 min

Onderdelen in deze les

Today's lesson
- Question tags
- Recap present continuous

Slide 1 - Tekstslide

Question tags


  • Do you have any idea what a question tag is? 

Slide 2 - Tekstslide

Question tags
  •  Korte vraag naar bevestiging, einde zin 

- Het is mooi weer, he? 
- Hij is 13 jaar, toch? 

- He is 13 years old, isn't he? 

Slide 3 - Tekstslide

He is 13 years old, isn't he?
- He is 13 years old       = hoofdzin 
- isn't he                            = tag

Je gebruikt het onderwerp + persoonsvorm uit de hoofdzin: 
- He  is 13 years old,     isn't he

Hoofdzin bevestigend? Tag ontkennend
Hoofdzin ontkennend? Tag bevestigend

Slide 4 - Tekstslide

Question tags
Onderwerp blijft hetzelfde: 
- he = he; she = she; we = we; etc
- Kate = she; James = he; my sisters = they; Kate and I = we; etc

Bevestigend <> ontkennend: 
- is       <>    isn't
- are    <>   aren't
- can   <>   can't

Slide 5 - Tekstslide

Finish the sentence:
We are eating ice cream, ...

Slide 6 - Open vraag

Finish the sentence:
She is never going there, ...

Slide 7 - Open vraag

Finish the sentence:
Your sisters can draw, ...

Slide 8 - Open vraag

Finish the sentence:
I am not very tall, ...

Slide 9 - Open vraag

Present continuous
Take a minute to remember what present continuous is again: 
       - how do you make it? 
       - when do you use it? 

Slide 10 - Tekstslide

When do you use
present continuous?
A
Als je iets van plan bent om te gaan doen
B
Als iets altijd, nooit of regelmatig gebeurt
C
Als iets op dit moment aan de gang is
D
Als het zeker is dat iets gaat gebeuren

Slide 11 - Quizvraag

Which one is present continuous?
A
James walks to school
B
James is walking to school
C
James is going to walk to school
D
James will walk to school

Slide 12 - Quizvraag

So...
  •  als iets nu aan de gang of bezig is
        dus bijv. iets wat iemand nu aan het doen is

  • to be            +  verb + ing
       am/is/are  +  walk + ing 
       I am walking

Slide 13 - Tekstslide

Translate using present continuous:
Zij zit (to sit)

Slide 14 - Open vraag

Translate using present continuous:
jij drinkt (to drink)

Slide 15 - Open vraag