Les 3 Volgen van de ontwikkeling

Les 3 Volgen van de ontwikkeling 2.3 (onderwijs als werkveld)
Doelen: 
  • Je leert over de manier waarop de ontwikkeling van een leerling gevolgd kan worden
  • Je leert hoe je een leerling kunt observeren en waarom dit belangrijk is
1 / 20
volgende
Slide 1: Tekstslide
OnderwijsassistentenMBOStudiejaar 2

In deze les zitten 20 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 90 min

Onderdelen in deze les

Les 3 Volgen van de ontwikkeling 2.3 (onderwijs als werkveld)
Doelen: 
  • Je leert over de manier waarop de ontwikkeling van een leerling gevolgd kan worden
  • Je leert hoe je een leerling kunt observeren en waarom dit belangrijk is

Slide 1 - Tekstslide

Wat is een leerlingvolgsysteem?

Slide 2 - Open vraag

Leerlingvolgsysteem

Basisscholen werken verplicht met een leerlingvolgsysteem (LVS). Dit wordt ook wel leerling- en onderwijsvolgsysteem (LOVS) genoemd. Hiermee houdt de school vorderingen en resultaten bij. Niet alleen van het kind, maar ook van de groep en van de school. Dit gebeurt in ieder geval voor Nederlandse taal en rekenen-wiskunde.

Slide 3 - Tekstslide

Veelgebruikte leerlingvolgsystemen
CITO LVS
Parnassys
Esis
Dia
IEP
Kijk! 

Slide 4 - Tekstslide

Welk leerlingvolgsysteem wordt er gebruikt op je stageplaats?

Slide 5 - Open vraag

Welke gegevens vind je terug in een leerlingvolgsysteem?
Persoonlijke gegevens
Gespreksverslagen
Uitslagen van onderzoeken
Observaties
Toetsgegevens
Gegevens over de sociaal-emotionele ontwikkeling
Ontwikkelingsperspectieven 

Slide 6 - Tekstslide

Wat wordt er vastgelegd in een leerlingvolgsysteem
A
cognitieve ontwikkeling
B
sociaal-emotionele ontwikkeling
C
motorische ontwikkeling
D
verzuim

Slide 7 - Quizvraag

Waarom heb je de gegevens uit het leerlingvolgsysteem nodig om een handelingsplan of groepsplan te kunnen maken?

Slide 8 - Open vraag

Energizer

Slide 9 - Tekstslide

Wat weet je nog over....
OBSERVEREN?

Rondvraag

Slide 10 - Tekstslide

Observeren
Observeren kun je omschrijven als het bewust, doelgericht en systematisch waarnemen, registreren en interpreteren van gedrag.  

Observeren doe je altijd een bepaalde periode. Je observeert zo objectief mogelijk (feiten)

Slide 11 - Tekstslide

Waarom is (objectief) observeren belangrijk in jouw werk als onderwijsassistent?

Noem een voorbeeld

Slide 12 - Open vraag

Observeren doe je omdat:
A
Je gedachten over een kind kwijt wilt
B
Je een kind niet begrijpt
C
Je wilt onderzoeken of jouw idee over bepaald gedrag klopt

Slide 13 - Quizvraag

Methodisch observeren
Observeren middels een stappenplan:
stap 1: Schrijf op waarom je gaat observeren
stap 2: Schrijf op wat de achtergrondgegevens zijn 
stap 3: Schrijf de vraagstelling op
stap 4: kies de observatiemethode
stap 5: voer de observatie uit
stap 6: rapporteren
stap 7: antwoord geven op de vraagstelling

Slide 14 - Tekstslide

Mag jij als onderwijsassistent ouders informeren over de resultaten van de kinderen?
A
Ja
B
Nee
C
Alleen als de ouders er naar vragen.
D
Je moet altijd naar de leerkracht verwijzen.

Slide 15 - Quizvraag

Wat is ook alweer een sociogram?
A
Een overzicht van alle resultaten van de kinderen
B
Een overzicht van welke kinderen goed met elkaar om kunnen gaan.
C
Een overzicht van welke kinderen buiten de groep vallen.
D
Een overzicht van de sociale vaardigheden van de groep.

Slide 16 - Quizvraag

Rapporteren 
Door het vastleggen van je gegevens kun je er op een later moment nog eens naar kijken en er conclusies uit trekken. Uit jouw observaties en de gegevens uit het leerlingvolgsysteem kunnen doelen voor activiteiten voortkomen. Ook zijn de gegevens zo inzichtelijk voor je collega’s en kan het een hulpmiddel zijn in een gesprek met bijvoorbeeld ouders of specialisten in zorg en opvoeding.

Slide 17 - Tekstslide

Casus 1:
Bespreek de volgende casus in een groepje van drie;

Layla is onderwijsassistent in groep 3 en het valt haar op dat 1 meisje moeite heeft met de letters en het lezen. Hoe kan Layla dit aanpakken met een observatieplan en een handelingsplan. Welk Smart doel kan ze stellen?

Slide 18 - Tekstslide

Casus 2:
Bespreek de volgende casus in een groepje van drie;

Jorrit is onderwijsassistent in groep 7/8 en het valt op dat er bij het buiten spelen steeds een paar kinderen apart staan op het plein. Ze doen niet mee met de rest van de groep bij het voetballen of tikspel. Hoe kan Jorrit dit aanpakken met een observatieplan en een handelingsplan. 
Welk Smart doel kan hij stellen?
Lever je antwoorden in met je namen erbij.

Slide 19 - Tekstslide

Doelen behaald?
Weet je nu wat een leerlingvolgsysteem is en waarvoor het dient? Weet je (weer) wat observeren is en waarom dit als OA belangrijk is?
πŸ˜’πŸ™πŸ˜πŸ™‚πŸ˜ƒ

Slide 20 - Poll