Veiligheid in het verkeer

Veiligheid in het verkeer
1 / 17
volgende
Slide 1: Tekstslide
Natuurkunde / ScheikundePraktijkonderwijsLeerjaar 2

In deze les zitten 17 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

Onderdelen in deze les

Veiligheid in het verkeer

Slide 1 - Tekstslide

Rem je altijd op hetzelfde moment als je gevaar ziet?
A
Ja, daar zijn mijn remmen op ingesteld.
B
Ja, dat doe ik altijd direct.
C
Nee, want iedereen heeft een reactietijd.
D
Nee, want je moet eerst rustig nadenken.

Slide 2 - Quizvraag

Tijdens de reactietijd blijf je doorrijden. Wat gebeurt er met de snelheid in de reactietijd.
A
De snelheid wordt groter.
B
De snelheid blijft gelijk.
C
De snelheid wordt kleiner.

Slide 3 - Quizvraag

Slide 4 - Tekstslide

Reactieafstand = afstand totdat je kan reageren

Remafstand = afstand totdat je stilstaat wanneer je begint te remmen.

Stopafstand = reactieafstand + remafstand

Slide 5 - Tekstslide

De reactie-afstand van een motorrijder is 20 meter. Zijn remweg is 36 meter.

Wat is de totale stopafstand?

Slide 6 - Open vraag

Veiligheid in het verkeer
In het verkeer kan af en toe iets gevaarlijks gebeuren.

Soms gebeurt er dan zelfs een ongeluk.

Wat voor maatregelen ken jij, waardoor het veiliger is als het mis gaat?

Slide 7 - Tekstslide

Veiligheid in het verkeer

Slide 8 - Woordweb

Valhelm
Harde, stevige buitenkant. Zachte binnenkant.
Zo ben je beschermt tegen harde, scherpe dingen van buiten,
en krijgt je hoofd niet zo'n harde klap.

Slide 9 - Tekstslide

Een fabrikant wil een nieuwe helm maken die zacht van buiten is, en hard van binnen. Leg uit waarom dit geen goed idee is.

Slide 10 - Open vraag

Veiligheid in de auto
Autogordel, airbag en hoofdsteun


Slide 11 - Tekstslide

Wanneer moet je je autogordel dragen?
A
Alleen als de auto harder gaat dan 50 km/h.
B
Alleen achterin de auto.
C
Alleen voorin de auto.
D
Altijd als je in de auto (mee)rijdt.

Slide 12 - Quizvraag

Wanneer komt de airbag uit het stuur van de auto?
A
Alleen bij autoracen.
B
Als je auto opeens heel snel moet remmen.
C
Alleen bij een botsing

Slide 13 - Quizvraag

Wat gebeurt er als je een (harde) botsing van voren krijgt?
A
Je vliegt naar achter in de auto.
B
Je vliegt opzij tegen de deur van de auto.
C
Je vliegt naar voren in de auto

Slide 14 - Quizvraag

Wat kan er gebeuren als je geen hoofdsteun hebt in de auto?
A
Je achterhoofd kan beschadigen bij een botsing van voren.
B
Je nek kan beschadigen bij een botsing van achteren.
C
Je voorhoofd kan beschadigen bij een botsing van achteren

Slide 15 - Quizvraag

Kreukelzone
Een auto heeft twee kreukelzones

Die vouwen bij een botsing in elkaar, waardoor de klap deels wordt opgevangen.

De mensen in de auto raken minder gewond.

Slide 16 - Tekstslide

Slide 17 - Video