Wanneer je bij een vraagzin verwacht dat je 'JA' als antwoord krijgt dan gebruik je....
Wanneer je 'geen idee' hebt wel antwoord je krijgt dan gebruik je.....
SOME
ANY
Slide 4 - Sleepvraag
SOMETHING / SOMEBODY / SOMEONE / SOMEWHERE
ANYTHING / ANYBODY / ANYONE / ANYWHERE
Kijk het filmpje in de volgende slide en let goed op de woorden in het rood.
Beantwoord daarna de vragen in deze quiz .
Slide 5 - Tekstslide
Slide 6 - Video
Anybody / Somebody /
Not .. Anybody
Slide 7 - Tekstslide
De eerste zin van het filmpje is: 'Hello, is anybody home?!' Wat betekent 'anybody' in deze zin?
A
Niemand
B
Niets
C
Iemand
D
Iets
Slide 8 - Quizvraag
Sam zegt: 'I think somebody came home' Wat betekent 'somebody' in deze zin?
A
Niemand
B
Niets
C
Iemand
D
Iets
Slide 9 - Quizvraag
Sam zegt: 'There is nobody home.' Wat betekent 'nobody' in deze zin?
A
Niemand
B
Niets
C
Iemand
D
Nergens
Slide 10 - Quizvraag
Wat betekent 'nobody'? 'There is nobody home'
A
Not.. anything
B
Not.. Anybody
C
Not.. Anyone
D
Not.. Anywhere
Slide 11 - Quizvraag
Someone / Anyone /
Not.. anyone
Slide 12 - Tekstslide
Clara zegt: 'Hey, I can see someone in the backyard'. Wat betekent 'someone' in deze zin?
A
Iets
B
Iemand
C
Niets
D
Niemand
Slide 13 - Quizvraag
Clara zegt: 'I think anyone who comes here falls in love with this town.' Wat betekent 'anyone' in deze zin?
A
Iets
B
Iemand
C
Niets
D
Niemand
Slide 14 - Quizvraag
Sam zegt over de appeltaart: 'No one can bake a pie like Grandma.' Wat betekent 'no one' in deze zin?
A
Iets
B
Niets
C
Niemand
D
Nergens
Slide 15 - Quizvraag
'No one can bake a pie like Grandma.' Wat betekent 'no one' in deze zin?
A
Not... anything
B
Not... anybody
C
Not... anyone
D
Not... anywhere
Slide 16 - Quizvraag
Somewhere / Anywhere /
Not.. Anywhere
Slide 17 - Tekstslide
Sam zegt: 'Yes, there is always somewhere to go'. Wat betekent 'somewhere' in deze zin?
A
Iets
B
Niemand
C
Nergens
D
Ergens
Slide 18 - Quizvraag
Clara vraagt: 'Are there any shops anywhere around here?' Wat betekend 'anywhere'?
A
Niets
B
Niemand
C
Nergens
D
Ergens
Slide 19 - Quizvraag
Clara zegt: 'I'm afraid there is nowhere to sit' Wat betekent 'nowhere'?
A
Not.. Anything
B
Not.. Anywhere
C
Not.. Anybody
D
Not.. Anyone
Slide 20 - Quizvraag
Wat betekend Not.. Anywhere in de zin: I'm afraid there is not anywhere to sit'
A
Niets
B
Niemand
C
Nergens
D
Ergens
Slide 21 - Quizvraag
Something / Anything /
Not.. Anything
Slide 22 - Tekstslide
Sam zegt: 'You can prepare something special tomorrow'. Wat betekent 'something' in deze zin?
A
Niets
B
Niemand
C
Iets
D
Iemand
Slide 23 - Quizvraag
Sam zegt: 'I've haven't eaten anything all day.' Wat betekent 'not.. anything' in deze zin?
A
Niets
B
Niemand
C
Nergens
D
Iets
Slide 24 - Quizvraag
De ober vraagt in het restaurant: 'Would you like anything to drink with your meal'? Wat betekent 'anything' in deze zin?
A
Iets
B
Niets
C
Iemand
D
Niemand
Slide 25 - Quizvraag
Clare zegt in het restaurant: 'I want nothing heavy'. Wat betekent 'nothing' in deze in?
A
Niets
B
Niemand
C
Iets
D
Nergens
Slide 26 - Quizvraag
Wat betekent 'nothing' in de zin 'I want nothing heavy'?
A
Not.. anything
B
Not.. anyone
C
Not.. anybody
D
Not.. anywhere
Slide 27 - Quizvraag
Samenvatten
Slide 28 - Tekstslide
Match de afkorting bij de juiste omschrijving
Not.. Anybody
Not.. Anywhere
Not.. Anyone
Not.. Anything
Nothing
Nobody
No one
Nowhere
Slide 29 - Sleepvraag
Match de juiste woorden bij elkaar
NIEMAND
NIETS
NERGENS
Not.. Anywhere
Not.. Anybody
Not.. Anyone
Not.. Anything
Slide 30 - Sleepvraag
Match de juiste woorden bij elkaar
Iets
Iemand
Ergens
Something
Anything
Somebody
Anybody
Someone
Anyone
Somewhere
Anywhere
Slide 31 - Sleepvraag
Vul de regel aan: In bevestigende zinnen gebruik je (een woord met) ..................
Slide 32 - Open vraag
Vul de regel aan: In ontkennende zinnen (zinnen met not of ontkennende woorden zoals: without, never, hardly) gebruik je (een woord met)...................
Slide 33 - Open vraag
In vraagzinnen vraag je (een vorm) van 'some' wanneer je verwacht dat het antwoord ......
Slide 34 - Open vraag
In vraagzinnen vraag je een vorm met 'any' wanneer je .........
Slide 35 - Open vraag
De ober vraagt: 'Would you like anything to drink with your meal'? Waarom vraagt de ober deze vraag met 'anything' in plaats van 'something'?