In deze les zitten 15 slides, met interactieve quizzen en tekstslide.
Lesduur is: 50 min
Onderdelen in deze les
Oefentoets VSO 2 + 3
Slide 1 - Tekstslide
Onder welke groep hoort de pijlgifkikker?
A
Zoogdier
B
Reptiel
C
Vogel
D
Amfibie
Slide 2 - Quizvraag
Dit is de schedel van een?
Slide 3 - Open vraag
Een Jack Russell en Labrador behoren tot dezelfde?
A
Soort
B
Ras
C
Familie
D
Roedel
Slide 4 - Quizvraag
Welke drie soorten eters bestaan er onder dieren?
Slide 5 - Woordweb
Welk begrip hoort bij de volgende omschrijving: Het lichaam van het dier heeft dezelfde temperatuur als de omgeving.
A
Koudbloedig
B
Warmbloedig
Slide 6 - Quizvraag
Hoe noemen we de manier waarop de dieren op de afbeelding worden vastgehouden? Is dat hanteren, fixeren of knuffelen?
Slide 7 - Open vraag
Wat is de functie van de ondervacht van een dier?
A
Zorgt dat het dier geen last heeft van regen
B
Zorgt dat een dier warm blijft
C
Zorgt dat het dier niet uitdroogt
D
Zorgt ervoor dat wij kleding kunnen maken van die vacht
Slide 8 - Quizvraag
Waar moet je rekening mee houden als je de juiste huisvesting voor een dier moet hebben? Bijvoorbeeld voor een cavia.
Slide 9 - Open vraag
Dieren kunnen soms gaan ijsberen. Waardoor ontstaat dit gedrag?
A
Door een warme winter
B
Honger
C
Chronische stress
D
Omdat ze graag een ijsbeer willen zijn
Slide 10 - Quizvraag
Wat is verrijking van een hok?
A
Slingers ophangen omdat het dier jarig is
B
Leefomgeving aanpassen zodat het meer natuurlijk gedrag kan vertonen
C
Het hok van een dier van kleur veranderen
D
Een duur hok kopen
Slide 11 - Quizvraag
Wat is het verschil tussen de primaire en secundaire geslachtskenmerken?
Slide 12 - Open vraag
Wat is een ecosysteem?
A
Geheel van planten en dieren die elkaar nodig hebben om te leven
B
Een systeem waarbij ecologie samen gaat met de natuur
C
Planten en dieren die niet met elkaar kunnen leven
D
Een samenvatting van de natuur
Slide 13 - Quizvraag
De biodiversiteit (variatie aan soorten en planten die met elkaar samenhangt) is belangrijk voor mens en dier. Hoe kan je zorgen voor meer biodiversiteit?
A
Maai het gras vaker
B
Plaats in je tuin nest kastjes en diverse soorten planten
C
Gebruik bestrijdingsmiddelen om slakken we te houden
D
Ruim je tuin altijd helemaal netjes op, laat geen bladeren liggen