Basiszorg met aandacht *Van korte theorie naar oefenen in de carrousel.*
Basiszorg met aandacht *Van korte theorie naar oefenen in de carrousel.*
Noem kort dat de les vooral voorbereidt op praktisch oefenen. Benoem de vijf basisonderwerpen: bed opmaken, aan- en uitkleden bij bewegingsbeperking, aan- en uitkleden van een platliggende zorgvrager, houdingen in bed en mondzorg. Noem ook de aanvullende onderwerpen: palliatieve zorg, zorg na overlijden en handmatig bloeddruk meten.
Dit leer je vandaag
Ik kan uitleggen waar ik bij deze basiszorg op let, de zorg afstemmen op mogelijkheden en wensen, veilig oefenen volgens het protocol, comfort en bijzonderheden controleren, en gerichte feedback geven en ontvangen.
Vilans protocollen ; inloggen bespreken -> meteen proberen te openen
Deze slide heeft geen instructies
Welke handeling uit de basiszorg doe jij al op je werk?
Gebruik dit als activering na de leerdoelen. Vraag daarna mondeling door: wat gaat al goed en wat vinden studenten nog lastig? Benut praktijkervaring, maar ga niet uit van gelijke vaardigheid.
De basis bij iedere handeling
Leg uit wat je doet en vraag toestemming.
Laat de zorgvrager zelf doen wat mogelijk is.
Werk hygiënisch en bescherm privacy.
Werk veilig en op een passende hoogte.
Controleer comfort en meld bijzonderheden.
Bespreek dat je stopt bij pijn, benauwdheid, duizeligheid of onveiligheid. Koppel dit aan actuele school- en instellingsprotocollen.
Bed opmaken
Zonder zorgvrager: schoon, glad en comfortabel bed.
Met zorgvrager: ook veilig begeleiden en bedekking behouden.
Houd schoon en vuil gescheiden.
Schud vuil beddengoed niet uit.
Controleer plooien, bedremmen en bel.
Benadruk dat benodigde hulp en hulpmiddelen afhangen van de zorgvrager. Dit is geen volledig protocol, maar een korte voorbereiding op de carrousel.
Aankleden bij bewegingsbeperking
Vraag wat iemand zelf kan en waar pijn zit.
Kies passende kleding.
Ondersteun de beperkte arm of het beperkte been.
Forceer geen beweging.
Aankleden: vaak eerst de beperkte zijde.
Geheugensteun: aankleden doorgaans eerst de beperkte zijde, uitkleden doorgaans eerst de minst beperkte zijde. Specifieke afspraken, bijvoorbeeld bij een pijnlijke schouder, gaan altijd voor. Demonstreer dit kort met een ruim vest.
Aankleden terwijl iemand ligt
Controleer welke bewegingen zijn toegestaan.
Houd de zorgvrager zo veel mogelijk bedekt.
Stem bewegen en draaien op elkaar af.
Trek niet aan armen of kleding om te verplaatsen.
Controleer kledingplooien en eventuele slangen.
Noem dat geschikte hulpmiddelen en extra hulp worden ingezet volgens het protocol. Laat zien dat comfort en veiligheid samen gaan.
Houdingen in bed
Rugligging.
Ondersteunde zijligging.
Halfzittende houding.
Let op wensen, pijn en ademhaling.
Voorkom drukpunten, schuiven en onderuitzakken.
Benoem dat een passende houding en houdingswisselingen per zorgvrager verschillen. Verwachte aandachtspunten: ondersteuning, drukpunten, schuifkrachten en comfort.
Mondzorg is dagelijkse zorg
Vraag naar gewoonten en wat iemand zelf kan.
Verzorg tanden, prothese en mondslijmvlies passend.
Let op pijn, droogte, wondjes en bloedend tandvlees.
Houd rekening met houding en slikproblemen.
Forceer het openen van de mond niet.
Eigen tanden verzorg je met fluoridetandpasta. Prothesereiniging gebeurt met geschikte materialen volgens het actuele protocol. In de les oefenen studenten op een model, niet in elkaars mond.
Wat hoort bij de basis van iedere handeling?
Snel doorwerken
Altijd alles overnemen
Toestemming vragen
Pas achteraf uitleggen
Toetst de kern van slide 2. De afleiders sluiten aan bij veelgemaakte fouten: tempo boven comfort zetten, te veel overnemen en te laat informeren.
Maak de zinnen compleet
Bij basiszorg leg je uit wat je doet en vraag je toestemming. Je laat de zorgvrager zelf doen wat nog mogelijk is. Na de handeling controleer je het comfort en meld je bijzonderheden.
Herhaalt de load-bearing woorden uit de algemene basis en verbindt ze met alle handelingen uit dit blok.
Waar let jij het meest op bij comfort in bed of mondzorg?
Verwachte elementen: wensen van de zorgvrager, pijn, ademhaling, drukpunten, plooien, privacy, slikproblemen, slangen, veiligheid en wat iemand zelf kan. Laat meerdere goede antwoorden naast elkaar bestaan.
Casus: wat doe jij?
Meneer Jansen heeft na een CVA minder kracht in zijn linkerarm. Jij helpt hem zijn vest aantrekken. Hij trekt een pijnlijk gezicht en zegt: 'Doe maar snel, dan is het klaar.'
Wat doe je eerst?
Welke arm kleed je doorgaans eerst aan?
Hoe laat je meneer zelf meedoen?
Laat studenten eerst denken vanuit veiligheid, pijnsignalering, eigen regie en tempo. Sluit aan bij verschillen in praktijkervaring.
Casus: bespreking
Bij meneer Jansen met pijn bij het aantrekken van zijn vest:
Stop de beweging, vraag naar pijn en controleer wat mogelijk is.
Doorgaans kleed je eerst de beperkte linkerarm aan.
Ondersteun de arm en volg gemaakte afspraken.
Vraag wat meneer zelf kan doen.
Snelheid mag niet leiden tot pijn of onveilig werken.
Herhaal kort de casus mondeling. Benadruk dat 'doorgaans' geen vaste regel boven individuele afspraken is.
Wat doe je eerst bij de casus van meneer Jansen?
Vest snel aantrekken
Linkerarm strekken
Beweging stoppen
Rechterarm eerst pakken
Sluit direct aan op de casusbespreking. Kern: pijnsignaal serieus nemen, stoppen en opnieuw afstemmen.
Welke regel helpt jou het meest bij aan- en uitkleden?
Pijn eerst checken
Beperkte zijde eerst
Zelf laten meedoen
Niets forceren
Deze slide heeft geen instructies
Vul de casusregel aan
Bij een bewegingsbeperking stop je bij pijn en kijk je wat wel mogelijk is. Bij aankleden begin je doorgaans met de beperkte zijde. De zorgvrager doet zelf mee waar dat kan.
Controleert of studenten de casus kunnen koppelen aan de algemene regel over pijn, eigen regie en volgorde bij aankleden.
Wat is palliatieve zorg?
Palliatieve zorg is zorg voor iemand met een levensbedreigende ziekte of kwetsbaarheid.
Het doel is niet genezen, maar comfort, kwaliteit van leven en aandacht voor wat iemand belangrijk vindt.
Houd de uitleg eenvoudig. Leg uit dat palliatieve zorg lichamelijke, psychische, sociale en spirituele aandacht kan omvatten, maar noem alleen wat past bij deze groep en lestijd.
Basiszorg in de palliatieve fase
Werk rustig en stem af op energie en wensen.
Let extra op pijn, benauwdheid en vermoeidheid.
Comfort gaat vaak vóór tempo.
Mondzorg en houding zijn vaak extra belangrijk.
Meld veranderingen op tijd.
Verbind dit met de basishandelingen uit de les: houding, mondzorg, aankleden en bed opmaken blijven belangrijk, maar je past tempo en belasting aan.
Zorg na overlijden
Werk respectvol en volgens protocol.
Houd rekening met wensen van de overledene en naasten.
Zorg voor rust, privacy en een verzorgde houding.
Meld en rapporteer volgens de afspraken.
Vraag hulp bij twijfel of bijzondere situaties.
Geen handelingsprotocol op de dia. Benoem dat school- en instellingsprotocollen leidend zijn en dat culturele of levensbeschouwelijke wensen kunnen meespelen.
Mogelijk extra oefenonderdeel?
Handmatig bloeddruk meten is een extra oefenonderdeel.
Let op houding, manchetmaat en rustige uitvoering.
Werk volgens school- en instellingsprotocol.
Noteer de uitkomst correct.
Vraag feedback op je techniek.
Noem dit als extra onderdeel naast de carrousel. Houd de theorie kort; de uitwerking volgt in de praktijk.
Wat is het doel van palliatieve zorg?
Genezing versnellen
Comfort en kwaliteit
Alle zorg stoppen
Minder rapporteren
Toetst het onderscheid tussen curatieve en palliatieve doelen in eenvoudige taal.
Maak de tekst compleet
In de palliatieve fase werk je rustig en stem je af op energie en wensen. Na overlijden werk je respectvol en volgens het protocol.
Verbindt slides 10 t/m 13: palliatieve zorg, zorg na overlijden en het belang van protocolgericht handelen.
Wat vraagt volgens jou extra aandacht in de palliatieve fase?
Verwachte elementen: rust, wensen, privacy, respect, comfort, pijn of benauwdheid signaleren, veranderingen melden, werken volgens protocol en hulp vragen bij twijfel.
Wat neem jij mee naar de carrousel?
Exit ticket zonder goed of fout. Laat studenten terugkijken op hun eigen leerproces en voorbereiding op de carrousel.
Welk onderdeel wil jij vandaag extra oefenen?
Gebruik de antwoorden om te bepalen waar tijdens de praktijk extra instructie of voordoen nodig is.
Begrippen
zorgvrager - persoon die zorg of ondersteuning ontvangt
bewegingsbeperking - niet goed of pijnlijk kunnen bewegen
rugligging - houding waarbij iemand op de rug ligt
zijligging - houding waarbij iemand op de zij ligt met ondersteuning
halfzittende houding - houding waarbij het bovenlichaam omhoog is gebracht
palliatieve zorg - zorg gericht op comfort en kwaliteit van leven
zorg na overlijden - verzorging en handelen na het overlijden volgens protocol
Deze slide heeft geen instructies
Begrippen
comfort - prettig en zo klachtenarm mogelijk liggen of zitten
privacy - persoonlijke ruimte en afscherming van het lichaam
hulpmiddel - middel dat helpt om zorg veiliger of makkelijker te geven
slikprobleem - moeite met slikken, met risico op verslikken
protocol - afgesproken werkwijze binnen school of instelling
bijzonderheden - dingen die opvallen en gemeld moeten worden
CVA - beroerte, met mogelijk uitval van arm, been of spraak
Deze slide heeft geen instructies
Afsluiting en Huiswerk
It's learning openen -> onderwerpen skills na basiszorg, uitleg e-learning etc.
Volgende week zal er een kennistoets tijdens de skills les plaatsvinden, over alles wat de afgelopen weken is behandeld
Deze slide heeft geen instructies