In deze les zitten 39 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.
Lesduur is: 50 min
Onderdelen in deze les
passieve vorm
Slide 1 - Tekstslide
Lijdend voorwerp
passieve/actieve vorm
Slide 2 - Tekstslide
De kapper waste mijn haar.
A
Mijn haar is door de kapper gewassen
B
Mijn haar wordt door de kapper gewassen
C
Mijn haar werd door de kapper gewassen
D
Mijn haar was door de kapper gewassen
Slide 3 - Quizvraag
Petra heeft de hond uitgelaten.
A
De hond werd door Petra uitgelaten
B
De hond is door Petra uitgelaten
C
De hond wordt door Petra uitgelaten
D
De hond was door Petra uitgelaten
Slide 4 - Quizvraag
De medewerkers brengen de pakjes weg
A
De pakjes zijn door de medewerkers weggebracht
B
De pakjes worden door de medewerkers weggebracht
C
De pakjes werden door de medewerkers weggebracht
D
De pakjes waren door de medewerkers weggebracht
Slide 5 - Quizvraag
De regisseur had de actrice stiekem gezoend.
A
De actrice was stiekem gezoend door de regisseur
B
De actrice is stiekem gezoend door de regisseur
C
De actrice wordt stiekem gezoend door de regisseur
D
De actrice werd stiekem gezoend door de regisseur
Slide 6 - Quizvraag
De jonge student bracht bloemen mee voor zijn zus.
Slide 7 - Open vraag
Lisa repareert vaak de fiets van haar vader
Slide 8 - Open vraag
Gaan wij lekkere broodjes kopen bij de Lidl?
Slide 9 - Open vraag
Pim zal zijn computer nooit aan hem willen geven.
Slide 10 - Open vraag
De winkeliers hebben gisteren alle bezoekers een geschenk uit laten kiezen
Slide 11 - Open vraag
Uitleg - o.t.t.
actieve vorm
passieve vorm
o.t.t.
Een ervaren docent geeft de intensieve cursus Nederlands.
De intensieve cursus Nederlands wordt door een ervaren docent gegeven.
Slide 12 - Tekstslide
Uitleg - o.v.t.
actieve vorm
passieve vorm
o.v.t.
Een ervaren docent gaf de intensieve cursus Nederlands.
De intensieve cursus Nederlands werd door een ervaren docent gegeven.
Slide 13 - Tekstslide
Uitleg - v.t.t.
actieve vorm
passieve vorm
v.t.t.
Een ervaren docent heeft de intensieve cursus Nederlands gegeven.
De intensieve cursus Nederlands is door een ervaren docent gegeven.
Slide 14 - Tekstslide
Uitleg - v.v.t. (plusquamperfectum)
actieve vorm
passieve vorm
v.v.t.
Een ervaren docent had de intensieve cursus Nederlands.
De intensieve cursus Nederlands was door een ervaren docent gegeven.
Slide 15 - Tekstslide
Uitleg actief versus passief
In de actieve vorm ligt de nadruk op het onderwerp, degene die de handeling doet. In de passieve vorm ligt de nadruk op de handeling. Door wie de handeling wordt verricht, is vaak niet bekend of is niet belangrijk.
Slide 16 - Tekstslide
1. Veel senioren gebruiken de fiets.
Slide 17 - Open vraag
1.
De fiets wordt door veel senioren gebruikt.
De fiets wordt gebruikt door veel senioren.
Slide 18 - Tekstslide
2. De kaasboer heeft de kaas in de fietstas gegooid.
Slide 19 - Open vraag
2.
De kaas is door de kaasboer in de fietstas gegooid.
De kaas is in de fietstas gegooid door de kaasboer.
Slide 20 - Tekstslide
3. Reinildis van Ditzhuysen schreef Hoe hoort het eigenlijk? - De dikke Ditz.
Slide 21 - Open vraag
3.
Hoe hoort het eigenlijk - De Dikke Ditz werd door Reinildis van Ditzhuysen geschreven.
Hoe hoort het eigenlijk - De Dikke Ditz werd geschreven door Reinildis van Ditzhuysen.
Slide 22 - Tekstslide
4. Heeft de automobilist de klap op de achterkant gehoord?
Slide 23 - Open vraag
4.
Is de klap op de achterkant door de automobilist gehoord?
Slide 24 - Tekstslide
5. De winkeliers gebruiken de stoep om te lossen en te laden.
Slide 25 - Open vraag
5.
De stoep wordt door de winkeliers gebruikt om te lossen en te laden.
Slide 26 - Tekstslide
6. Ik vond het ergerlijk dat mensen altijd troep in mijn fietsmand gooien.
Slide 27 - Open vraag
6.
Ik vond het ergerlijk dat er altijd troep in mijn fietsmand werd gegooid.
Slide 28 - Tekstslide
7. Automobilisten toeteren ongeduldig.
Slide 29 - Open vraag
7.
Er wordt door automobilisten ongeduldig getoeterd.
Slide 30 - Tekstslide
8. Ze hebben een grote fietsenstalling bij het winkelcentrum gemaakt.
Slide 31 - Open vraag
8.
Er is een grote fietsenstalling bij het centrum gemaakt.
Slide 32 - Tekstslide
9. Fietsen fietsers vaak over de stoep?
Slide 33 - Open vraag
9.
Wordt er vaak over de stoep gefietst?
Slide 34 - Tekstslide
10. Het is een ergernis dat veel klanten de fietsen voor de etalage neerzetten.
Slide 35 - Open vraag
10.
Het is een ergernis dat de fietsen door veel klanten voor de etalage worden neergezet.