les 3 - appelflap

1 / 44
volgende
Slide 1: Tekstslide
GesMiddelbare schoolmavoLeerjaar 1

In deze les zitten 44 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Overzicht Periode 1 j 1
  • Thema: hygiene en keukenmaterialen
  • Benodigde lesmaterialen: powerpoint, werkboek, receptenboek
Week 1
Week 2
Week 3
Week 4
Week 5
intro/vlaflip
fruitsalade
appelflap
snijtechnieken
groentesoep
Week 6
Week 7
Week 8
Week 9
Week 10
tomatensoep
macaroni
br kruidenboter
kruidnoten
inhaalles

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

JdW-kijkwijzer
Lesopbouw:
  1. VOORAF: Startklaar, Voorkennis activeren
  2. INSTRUCTIE: Leerdoelgericht werken, Inclusieve didactiek, Concrete en herkenbare voorbeelden
  3. TOEPASSING: Actieve verwerking, Formatief handelen 
  4. EVALUATIE: Afsluiting

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

startklaar
start van de les: 
- jas/tas bij kapstok
- jas en haarnetje aan
- handen wassen
- werkbank schoon 


klaar? recept gaan lezen

Slide 5 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

hoe houd ik mijn mes vast?

Slide 7 - Woordweb

2. Voorkennis activeren
De docent activeert relevante voorkennis aan de hand van een terugblik-opdracht, waarbij eventueel een beroep op de thuistalen wordt gedaan. Op deze manier biedt de docent een kapstok om nieuwe stof te verbinden aan de eerder geleerde stof en richting te geven aan het verdere verloop van de les. Tegelijkertijd worden hiermee misconcepties van leerlingen zichtbaar gemaakt, waar de docent vervolgens gericht op in kan spelen.

      Leerdoelen
  1. Ik kan omschrijven wat levensmiddelenhygiëne betekent en hier een voorbeeld van geven.
  2. Ik kan afwegen met behulp van een weegschaal
  3. Ik kan uitleggen waarom het belangrijk is om producten goed te wegen en/of te meten.

Slide 8 - Tekstslide

3. Leerdoelgericht werken
De docent geeft het onderwerp, RTTI geformuleerde leerdoelen en de lesopbouw aan. De docent weet de leerdoelen goed te laten aansluiten bij de voorkennis en het (taal)niveau van de leerlingen. Gedurende de les wordt continu een terugkoppeling naar de leerdoelen gemaakt om de mate van beheersing te controleren.

Levensmiddelenhygiëne

Slide 9 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

Niet alle micro-organismen zijn schadelijk.
Bereiding van: bier, zuurkool, wijn, yoghurt, brood
Celdeling
  • Voeding
  • Vocht
  • Zuurstof
  • Temperatuur


Slide 10 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

haccp
Hygiënecode = boek waarin alle gevaren beschreven staan die kunnen ontstaan wanneer je met eten werkt.

HACCP = punten waar het gemakkelijk fout kan gaan goed controleren en bijsturen.

Slide 11 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

Ziek worden

Slide 12 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

Kruisbesmetting = het besmetten van bereidde producten met bacteriën van rauwe producten

Nabesmetting = het opnieuw besmetten van gare producten (gare kip op dezelfde snijplank snijden als waar je de rauwe kip op gesneden hebt).

Slide 13 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

bederf
Voedselbederf = voedsel wat bedorven is

Wanneer voedsel te lang bewaard wordt, bederft het.
Bederf van bereidde producten = verkeerde opslag of te lang bewaren.






Slide 14 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

kleur snijplank
rood= rauw vlees(ongebakken)
bruin = gebakken vlees + worst
blauw= vis en waterdieren
groen = groente en fruit
geel = kip
wit = kaas, brood, boter
 !!! eigen mes, handen wassen tussendoor

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Aan de slag
De volgende slides staat stap voor stap wat je moet doen om het gerecht te maken. 
stap 1: kijk goed naar het plaatje
stap 2: lees de tekst

Deze stappen staan ook op je receptblad geschreven

Slide 16 - Tekstslide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet over hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. Hierbij modelleert de docent eerst en laat daarna de leerlingen actief inoefenen. De ondersteuning wordt geleidelijk afgebouwd. De docent zorgt voor afwisseling in oefentypes en maakt gedurende de les het leren zichtbaar. De docent zet bijvoorbeeld in op hardop denken opdrachten en koppelt daar een geïnformeerde vervolgstap aan.

Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

2 plakjes
2 eetlepel
1/2 theelepel
20 gram

Slide 18 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

stap 1
Verwarm de oven op 200 graden. 

Slide 19 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Instructie oven

Slide 20 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

stap 2
Leg het bakpapier op je bakplaat. 

Laat het bladerdeeg hierop ontdooien. 

Slide 21 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Stap 3
schil de appel. 
Snij dunne plakken (0,4 cm) van de appel. 

Slide 22 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Stap 4
Snij dunne repen van de plakken. Zorg dat deze even dik zijn.

Slide 23 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Stap 5
Snij blokjes van de appel. Dit heet brunoise. 

Slide 24 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Stap 6
Doe in de bekken 1 eetlepel suiker, 20 gram rozijnen en 1/2 theelelepel kaneel 

Slide 25 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Stap 7
Doe de gesneden appel bij het suikermengsel en roer door. 

Slide 26 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Stap 8
Verdeel het mengsel in het midden van het bladerdeeg. 

Slide 27 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Stap 9
Pak de kwast. 
Smeer de randen van het bladerdeeg in met water. 

Slide 28 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Stap 10
Vouw de appelflappen dicht. Je maakt hierbij een driehoek.
Verwijder nu het plastic.

Slide 29 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Stap 11
Pak de vork. Druk de randen van het bladerdeeg dicht. 

Slide 30 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Stap 12
Pak de kwast. Doop deze in het water. 

Besmeer de bovenkant van de appelflap. 

Slide 31 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Stap 13
strooi 1 eetlepel suiker over de ingesmeerde kant. 
let het dan op het bakpapier. 

Slide 32 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Stap 14
Doe de bakplaat in de oven. Zet een timer van 15 min.
timer
15:00

Slide 33 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Stap 15
Doe een ovenwant aan. 
Haal de bakplaat uit de oven en laat het 10 min afkoelen. 
timer
10:00

Slide 34 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

afwassen
  1.  eten weg
  2. voorspoelen
  3. afwassen
  4. naspoelen 
  5. drogen
  6. opruimen

Slide 35 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

taken einde van de les
  • vloer (3P)
  • controle (3P)
  • weegtafel (1 a 2P)
  • was (2P)
  •  doekjes (1 a 2P)
  • kruidenkar (1 a 2P)
  • verwarming (1 a 2P)'
  • afwas tafel (1 a 2 P)

Slide 36 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Controlevragen
A
a.
B
b.
C
c.
D
d.

Slide 37 - Quizvraag

7. Formatief handelen
De docent geeft de leerlingen gedurende de verschillende lesfasen gerichte feedback, feedup en feedforward op de op de inhoud van het werk, de leerstrategie, het gedrag en op zelfsturing. De docent bevraagt leerlingen willekeurig met open vragen. Hierbij stimuleert de docent het kwaliteitsbesef onder leerlingen door bijvoorbeeld leerlingen werk met elkaar te laten vergelijken of uitgewerkte voorbeelden in te zetten.

Waarom druk je de rand dicht van de appelflap?



je kan met een vork de randen van de appelflap dichtdrukken, zonder dat het deeg scheurt.

 

Slide 38 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

    Begrippen uit deze les
  • micro-organismen
  • voedselbederf
  • snijplank rood
  • snijplank bruin 
  • snijplank blauw
  • snijplank groen
  • snijplank geel 
  • snijplank wit 

Slide 39 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Afsluiting
doelen: levensmiddelenhygiëne

volgende week: snijtechnieken

gedrag: 

Slide 40 - Tekstslide

8. Afsluiting
De docent controleert in de slotfase van de les of de leerdoelen door alle leerlingen behaald zijn en plaatst de les in de context van de betreffende periode. De docent evalueert samen met de leerlingen het leren en het gedrag en blikt vooruit aan de hand van de JdW-planner.

Exit ticket
zie volgende slide!

Slide 41 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 42 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

huiswerk

Slide 43 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Eindslide.

Slide 44 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies