In deze les zitten 32 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.
Onderdelen in deze les
Slide 1 - Tekstslide
Slide 2 - Tekstslide
Wat weet je over de Verlichting?
Slide 3 - Woordweb
Waar staat de term 'Verlichting' symbool voor?
A
het verstand
B
gelijkheid
C
de onwetendheid
D
vrijheid
Slide 4 - Quizvraag
Wie werd ook wel de Roi Soleil genoemd?
A
Louis XIV
B
Louis-Bonaparte
C
Louis X
D
Louis XVI
Slide 5 - Quizvraag
Slide 6 - Tekstslide
Wat was een uitspraak van de Roi Soleil?
A
L’État c’est moi !
B
Dieu c’est moi !
C
Le plus beau c’est moi !
D
Le meilleur c’est moi !
Slide 7 - Quizvraag
La monarchie absolue est un régime politique où..
A
..le roi partage (=deelt) ses pouvoirs
le roi partage ses pouvoirs
le roi partage ses pouvoirs
Le roi partage ses pouvoirs
B
..le roi a tous les pouvoirs (=macht)
C
..il n'y a pas de roi
Slide 8 - Quizvraag
Le siècle des Lumières
de 'Verlichting' begint (in Frankrijk) in 1715 met de dood van Louis XIV
De Verlichting staat voor de 'rede'.
Literatuur had tijdens Classicisme de functie om het imago om de koning te promoten, nu wordt literatuur gebruikt om revolutionaire ideeën te uiten.
Filosofen/schrijvers streven naar: vrijheid van meningsuiting, tolerantie en gelijkheid.
Wetenschappen nemen grote vlucht: empirisch bewijs.
Slide 9 - Tekstslide
Slide 10 - Tekstslide
Slide 11 - Video
Slide 12 - Tekstslide
Le siècle des Lumières
- Littérature: denkbeelden van schrijvers ziet de koning als bedreiging voor zijn macht. Werken mogen alleen uitgebracht worden met een zegel van de koning. Literatuur wordt door schrijvers gebruikt om mensen op te voeden en te onderwijzen. Fictie / non fictie, briefroman, reisverhalen, filosofisch sprookje, Encyclopédie
- La Révolution française: grote armoede, financiële problemen --> bestormen van de Bastille. De Bastille was het symbool van macht van de koning.
- Louis XVI & Marie Antoinette --> guillotine.
- Liberté, égalité, fraternité
Slide 13 - Tekstslide
Hier volgen nogmaals de bekende personen en types die bestonden tijdens de Verlichting :
Slide 14 - Tekstslide
een burger (bourgeois) uit de 3e stand
- heeft geen inspraak, maar betaalt wel alle (door de koning opgelegde) belastingen
- heeft veel geld vergaard door werk
- "De adel en geestelijkheid moeten belasting gaan betalen."
Slide 15 - Tekstslide
een bisschop/ iemand van de kerk
- voorstander van de koning
- God en koning regeren
- "Tradities zijn er om te behouden!"
- "Ik ben de hoeder van het moraal"
Slide 16 - Tekstslide
Wat heeft de schrijver Diderot uitgebracht?
A
Lettres Persanes
B
L'Encyclopedie
C
Candide
D
Le Bible
Slide 17 - Quizvraag
Denis Diderot (1713-1784)
- filosoof, atheist
- inspiratie tijd in UK
- schrijver l'Encyclopédie (samen met d'Alembert)
- grondlegger van de encyclopedie (28 volumes, 25 jaar, gedeeltelijk gecensureerd)
Slide 18 - Tekstslide
Slide 19 - Tekstslide
Olympe de Gouges (1748-1793)
- schrijfster (politieke stukken)
- voorstander Franse Révolutie
- aanhanger Girondijnen
- tegen dood Louis XVI
- voor stemrecht vrouwen en tegen slavernij
Slide 20 - Tekstslide
Slide 21 - Tekstslide
Voltaire (1694-1778)
(François-Marie Arouet)
-filosoof
- kritiek op katholieke geloof
- liberté de culte (recht op eigen geloof)
- inspiratie tijd in UK
- kritiek op Duitse filosoof Leibniz en zijn optimisme in:
Candide ou de l'optimisme
- geliefde: Emilie du Châtelet
Slide 22 - Tekstslide
Jean-Jacques Rousseau (1712-1778)
- filosoof, pedagoog
- grondlegger contrat social
- deïst
- mens is van nature goed, maatschappij bederft hem
- vrije opvoeding
-verwerpt slavernij
-voorloper van de Romantiek (verheerlijking-ik, liefde voor natuur)
Slide 23 - Tekstslide
Welke vragen verwacht je op de toets?
Slide 24 - Open vraag
Quel est le siècle des Lumières?
A
Le XVIe siècle
B
Le XVIIe siècle
C
Le XVIIIe siècle
D
Le XIXe siècle
Slide 25 - Quizvraag
Qu'est-ce qui guide les philosophes des Lumières?
A
de rede/het verstand
B
het geloof
C
intuïtie
D
macht
Slide 26 - Quizvraag
Wat is het meest iconische werk uit de Verlichting?
A
De l'esprit des lois
B
Candide
C
L'Encyclopédie
D
Lettres persanes
Slide 27 - Quizvraag
Comment appelle-t-on le contrôle de la liberté d'expression ?
A
Lumières
B
Philosophie
C
Tolérance
D
Censure
Slide 28 - Quizvraag
Hoe lukte het schrijvers om ondanks de censuur toch hun boeken te publiceren?
Slide 29 - Open vraag
Maak nu opdracht 3 uit het opdrachtenboekje. Plaats hier een foto van je antwoorden -->
Slide 30 - Open vraag
Maak nu opdracht 4 uit het opdrachtenboekje. Plaats hier een foto van je antwoorden -->
Slide 31 - Open vraag
Einde van de thuiswerkles.
Neem je antwoorden vrijdag mee naar de les.
Ga nu verder werken aan de tekst voor je mondeling. Ook hier gaan we vrijdag mee verder.