Les 3: De verlichting

Protesten tijdens de Arabische Lente 2010-2012
1 / 18
volgende
Slide 1: Tekstslide
GeschiedenisMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 4

In deze les zitten 18 slides, met interactieve quiz, tekstslides en 2 videos.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Protesten tijdens de Arabische Lente 2010-2012

Slide 1 - Tekstslide

Kenmerkend aspect


27. Rationeel optimisme en ‘’verlicht denken’’ dat werd toegepast op alle terreinen van de samenleving: godsdienst, politiek, economie en sociale verhoudingen


Slide 2 - Tekstslide

Maatschappelijk Verschijnsel
De wetenschap werd een hobby van de adel en de gegoede burgerij (nog breder gedragen binnen de samenleving).



Renaissance > Wetenschappelijke Revolutie > Verlichting
 

Slide 3 - Tekstslide

 Wat is de Verlichting?  

'Onmondigheid is het onvermogen om je van je eigen verstand te bedienen, zonder de leiding van een ander. {...} "Heb de moed je van je eigen verstand te bedienen..." is dan ook het motto van de Verlichting.'


Immanuel Kant


Oftewel: "Durf te denken"


Slide 4 - Tekstslide

Nieuwe ideeën over samenleven
  • Door nauwkeurig te observeren en te experimenteren hadden de wetenschappers veel nieuwe dingen ontdekt. 
  • Filosofen gaan deze techniek toepassen op de samenleving. 

  • Rationeel optimisme: 'het vertrouwen dat de samenleving beter en eerlijker kan worden door het gebruik van ratio'


Slide 5 - Tekstslide

Rationeel naar de samenleving kijken
- Waarom heeft één iemand zoals een vorst zoveel macht? 

- Waarom bepaald de kerk eigenlijk hoe wij ons moeten gedragen? 

- Waarom is het zo dat als je als boer wordt geboren dat je zelf ook boer moet worden? 

- bestaan er natuurlijke rechten voor ieder mens?  

Naar de samenleving kijken met de vraag: wat is nu eigenlijk een natuur recht en wat is nu eigenlijk door mensen bedacht en in stand gehouden (Wat is dus alleen zo omdat het traditie is)?

Slide 6 - Tekstslide

Verlichte filosofen
- Verlichting is een 'manier' van denken. niet zozeer een idee.

- veel verlichte filosofen over heel Europa die over verschillende onderwerpen nadachten. 



Montesqiue vroeg zich af waarom één iemand de macht had over iedereen. Trias politica
Voltaire vroeg zich af waarom de kerk zoveel macht had? bestaat god? 
Locke vroeg zich af waarom er standen bestonden in een maatschappij

Slide 7 - Tekstslide

Drie politieke nieuwe ideeën
- Rousseau
- John Locke
- Montesquieu 


Wat moet je hiermee doen?
  1. Je moet de 3 verschillende theorien kennen qua inhoud
  2. Je moet de 3 verschillende theorien herkennen in bronnen
  3. Je moet kunnen verklaren waarom deze theorien passen bij de denkwijze van de Verlichting
  4. Je moet kunnen aangeven waarom deze theorien passen bij het ontstaan van de Amerikaanse en Franse Revolutie.


Slide 8 - Tekstslide

Politiek Domein
Uitgangssituatie:
  1. Absolutisme (Lodewijk XIV, Frankrijk)
  2. Koning en ''parlement'' (Engeland)
  3. Verlichte denkers (andere denkwijze) >....
  4. Sociaal contract (John Locke)
  5. Volkssoevereiniteit (Jean-Jacques Rousseau)
  6. Trias Politica (Charles Montesquieu)

Slide 9 - Tekstslide

(1) Sociaal contract
Uitgangssituatie:
Vorst heeft absolute macht door droit divin

Locke
Contract tussen burgers en vorst:
  • Burgers dragen taken over aan vorst
  • Vorst beschermt burgers door wetgeving
  • Als een vorst dit niet goed doet, mag hij afgezet worden
John Locke (1632-1704)

Slide 10 - Tekstslide

(2) Volkssoevereiniteit
Uitgangssituatie:
Vorst heeft absolute macht door droit divin

Rousseau
  • Alle mensen zijn gelijk
  • Soevereiniteit ligt altijd bij het volk
  • De koning mag altijd door het volk worden afgezet
Jean-Jacques Rousseau (1712-1778)

Slide 11 - Tekstslide

Locke en Rousseau
Locke
volk = adel + rijke burgers
(Engeland)

Rousseau
volk = alle burgers
(Frankrijk)
uitgangspunt:
alle mensen zijn gelijk
dus: altijd, volkssoevereiniteit

uitgangspunt:
beperkte groep burgers vormen het volk, koning blijft bovenaan de hierarchie

Slide 12 - Tekstslide

(3) Trias Politica
Idee van Montesquieu
Kenmerken:
- uitvoerende macht (regering)
- wetgevende macht (parlement)
- rechterlijke macht (rechtspraak)

  • DEMOCRATIE

Slide 13 - Tekstslide

Trias Politica
(Driemachtenleer)











Waarom?
Als de drie machten verdeeld zijn en elkaar controleren is de kans op machtsmisbruik het kleinst. 

Slide 14 - Tekstslide

Vraag bij filmpje
Verklaar (met voorbeelden) waarom het logisch is aan de hand van de denkwijze en leefsituatie van Rousseau waarom juist hij de theorie van Volkssoevereinieit heeft bedacht.

Slide 15 - Tekstslide

Slide 16 - Video

Verlichte denkers zagen volkssoevereiniteit als alternatief voor
absolute vorsten. Maar wat betekent volkssoevereiniteit?
A
Een kleine groep mensen heeft de macht namens het volk .
B
Het volk heeft de hoogste macht en bepaalt wie de bestuurders zijn.
C
De koning is absoluut vorst
D
Het volk wijst één leider aan dat namens hen gaat besturen.

Slide 17 - Quizvraag

Slide 18 - Video