B&F, technisch lezen, taak 3. Estafette, Mieren en andere dieren

Weektaak 3.
Opdrachten en taken in teksten en woordrijen
Quizvragen+ sleepvragen

                Werkboek: Mieren en andere dieren


Technisch lezen
Estafette E4
                 Welkom
1 / 42
volgende
Slide 1: Tekstslide
LezenBasisschoolGroep 4

In deze les zitten 42 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

Weektaak 3.
Opdrachten en taken in teksten en woordrijen
Quizvragen+ sleepvragen

                Werkboek: Mieren en andere dieren


Technisch lezen
Estafette E4
                 Welkom

Slide 1 - Tekstslide

Heb je weleens   ..hoord van een lachende rat?
Die   ..staat echt echt! Als je hem gaat kie-te-len gaat hij lachen.
Ik heb dat gisteren op de televisie     .. zien.
Als je de rat kietelt, raakt hij aan je     .. hecht.
Zouden er ook andere spel-le-tjes  worden   ..daan met een rat?
...  stoppertje spelen met een rat, dat lijkt me leuk.
Die dieren  ..wegen zo snel, ze  ..klappen zo waar ze zitten.
        gehoord - bestaat  -  gezien  - gehecht  -  gedaan
        verstoppertje  -  bewegen  -  verklappen
Lees de...  ge- be- ver,  woorden in de licht blauwe tekst!
Vul nu de stukjes...  ge-be- ver in, ....in de tekst.

Slide 2 - Tekstslide

huisarts
tandarts
dierenarts

verras
verrast
verrassen
gebed
gezet
gebit
dagtocht
zoektocht
speurtocht

knuffel
knuffelt
knuffelen
luchtbel
luchtbed
luchtkussen
heren
kleren
scheren
bal
ballonnen
ballon

Slide 3 - Tekstslide

Op zondag 15 juni kom je van alles te weten over ezels.
Je mag ze zelfs kam-men en aaien en ... knuf-felen.

Onze hoefsmid zal je laten zien hoe je de hoeven van een ezel verzorgt.  De ezel tandarts kijkt het gebit van de ezel na. 
En er komt een dierenarts.

Verder zijn er nog veel meer leuke dingen te doen.
We gaan schapen scheren en manden vlechten.
Er is een speurtocht. Je kunt op een lucht-kus-sen spelen.
En er is een wedstrijd met bal-lon-nen.

Laat je ver-ras-sen!


Slide 4 - Tekstslide

Op welke dag houd de E-zel-s-hoe-ve
zijn open dag?
A
Op maandag
B
Op zaterdag
C
Op zondag
D
weet ik niet

Slide 5 - Quizvraag

Wie verzorgt de hoeven van de ezel?
A
de ezel-tandarts
B
hoefsmid
C
de dierenarts
D
weet ik niet

Slide 6 - Quizvraag

wat voor leuke dingen zijn er NIET te doen op de opendag?
A
wedstrijd met ballonnen
B
luchtkussen
C
speurtocht
D
fietsen en zwemmen

Slide 7 - Quizvraag

Wat zou jij op de open dag willen doen met de ezels?
A
knuffelen
B
verzorgen
C
aaien
D
ik ga niet naar de open dag.

Slide 8 - Quizvraag

speurtocht
ballonnen
dierenarts
luchtkussen
       gebit

Slide 9 - Sleepvraag

   stomen
 mesthoop
    storm
   ezelpoep
     stro

Slide 10 - Sleepvraag

bal-lon-nen
speur-tocht
lucht-kus-sen
ge-bit
ballonnen
speurtocht
luchtkussen
gebit
knuf-fe-len
ver-ras-sen
sche-ren
die-ren-arts
knuffelen
verrassen
scheren
dierenarts
sche-ren
ge-bit
knuf-fe-len
speur-tocht
scheren
gebit
knuffelen
speurtocht
lucht-kus-sen
die-ren-arts
bal-lon-nen
ver-ras-sen
luchtkussen
dierenarts
ballonnen
verrassen

Slide 11 - Tekstslide

scheer

vlecht

schaap

mand


scharen

vachten

schoppen

mannen
schaar

vechten

schappen

handen
scheren

vlechten

schapen

manden
Welk woord hoort bij........

Slide 12 - Tekstslide

stomen
mesthoop
storm
ezelpoep
stro

Slide 13 - Sleepvraag

sneeuw-
scheppen
soep-scheppen
kolen-scheppen
poep scheppen
luchtje scheppen

Slide 14 - Sleepvraag

dank
luchtkussen
vlechten
knuffelen
maakt
open
kruiden
schoonheid
zien
verven
speurtocht
aaien
ezels
gebit
verrassen
zover
spelletje
licht
verzorgen
wedstrijd

brievenbus
graag
verzorgt
ballonnen
mini
dierenarts
pauw
beter
dingen
hoefsmid
arts
dobbelsteen
schapen
bij
staartveren
verrast
knuffeltje
spelen
vooral
melk

Slide 15 - Tekstslide

welk woord is goed?
A
mestvegen
B
hoopmest
C
veegmest
D
mesthoop

Slide 16 - Quizvraag

welk woord is NIET goed
A
kruiwagen
B
voerbakken
C
bekerbakken
D
voederbak

Slide 17 - Quizvraag

Op school leer ik hoe je dieren moet verzorgen/verlopen/verdiepen.
Ik verzorg de ezels en anders/andere/onder dieren.
Die ezel is de laars / kaas / baas over de kudde.
Kinderen mogen gerust op zijn rug  zitten/zinnen/latten.
Eerst geef ik de kippen voer en schoon/school/schoot water.
Dan veeg ik de stomen/stallen/staren schoon.
Alle ezelpoep  scherp/schip/schep ik in een kruiwagen.
Daarna krijgen alle ezels stoer/ storm/stro op de grond.

Slide 18 - Tekstslide

Op school leer ik hoe je dieren moet verzorgen.
Ik verzorg de ezels en andere dieren.
Die ezel is de baas over de kudde.
Kinderen mogen gerust op zijn rug  zitten.
Eerst geef ik de kippen voer en schoon water.
Dan veeg ik de stallen schoon.
Alle ezelpoep  schep ik in een kruiwagen.
Daarna krijgen alle ezels stro op de grond.

Herhaling opdracht 18..... Kun je de zin nu vlot lezen?

Slide 19 - Tekstslide

Je mag nu stoppen

Slide 20 - Tekstslide

school
schuin
schoon
Het water voor de kippen is ......................
kudde
koude
kwade
storm
stro
strak
Alle ezels krijgen ............................... op de grond.
De ezels staan in een ................... bij elkaar.
                 Welk woord hoort in de zin?

Slide 21 - Tekstslide

grijp
begrijp
begrijpen
gezellig
geweldig
geduldig

schoon
schoonmaken
schoongemaakt
luister
luistert
luisteren
minst
minste
tenminste
mint
sprint
tint
wan-del
wan-de-len
wan-de-ling
wandel
wandelen
wandeling
web
slab
krab
hap 
snap
tap

kam-metje
ham-metje
lam-metje
kammetje hammetje
lammetje
lees de rijtjes vlot!

Slide 22 - Tekstslide

Soms gaan we een eindje wandelen met een paar ezels.
Na de wandeling krab ik de hoeven schoon.
Daarna moet ook de wei nog worden schoongemaakt.

Omdat mensen ezels vaak niet begrijpen, denken ze dat ezels dom zijn.
Mensen zijn niet altijd zo geduldig.
Als mensen haast hebben, voelen ezels dat aan.
Ze hebben dan geen zin meer om te luisteren.
Ezels kunnen heel hard voor je werken.
Tenminste, als je rustig blijft.
Je moet ook  veel geduld hebben en goed voor ze  zorgen.
Dan zijn ezels zo mak als een lammetje.

Slide 23 - Tekstslide

wandeling
wandel
wandelen
krab
krat
knap
haard
hard
start
geduld
geduldig
gedurfd
Soms gaan we een eindje ........ met de ezels.
Na de wandeling ........... ik de hoeven schoon.

Ezels kunnen heel ............ voor je werken.
Mensen zijn niet zo ............................   .

Slide 24 - Tekstslide

geduld
lammetje
gesprek
club
wandeling
luisteren
vacht
borstelen
scholen
haastig
borstel
geduldig
blijven
over
tenminste
rustig
nooit
begrijpen
andere
wandelen
stilstaan
oudste
ezelkar
kudde
stro
kruiwagen
verzorgen
bijna
overal
mesthoop
verzorging
schep
schoongemaakt
gewoon
blijft
honderd
oma
ooit
harkje
school

Slide 25 - Tekstslide

welk woord rijmt op.................
verzorgen?
A
verkopen
B
verborgen
C
verdacht
D
verwacht

Slide 26 - Quizvraag

welk woord rijmt op ...... betalen?
A
verlopen
B
verhalen
C
verkocht
D
bezocht

Slide 27 - Quizvraag

welk woord rijmt niet op........bijten?
A
smijten
B
geiten
C
bieten
D
verwijten

Slide 28 - Quizvraag

welk woord rijmt wel op...... slechte?
A
wachten
B
echte
C
slepen
D
slapen

Slide 29 - Quizvraag

welk woord rijmt op ........ wandelen
A
winkelen
B
duikelen
C
hinkelen
D
handelen

Slide 30 - Quizvraag

Welk woord rijmt NIET op..... sluiten?
A
buiten
B
ruiten
C
praten
D
kuiten

Slide 31 - Quizvraag

Door slang/slechte/slepen  verzorging zijn er veel ezels die ziek worden.


Er zijn mensen die geld geven voor de verzorging/ verzachten/ verwachten van de ezels.


Er zijn zelfs mensen die elk jaar een vast  beslag/ beleg/ bedrag geven voor een ezel.


Met die ezel sluiten ze dan vrienden/vriendschap/vriendelijk.


Daar mogen ze bijvoorbeeld mee gaan wandelen/wanden/ wandeling.

Slide 32 - Tekstslide

Nog meer beestenrijm
Een leeuw op mijn dak
Twee apen in de achterbak
En daar in het zand
Een zebra en een olifant.
Giraffen knabbelen aan een tak.
Op zijn dooie gemak
springt leeuw van mijn dak.
Vlak voor me ratelt een slang.
Ik rijd rond in mijn wagen.
Vrolijk zwaaien naar de apen.

Ik laat die beestenbende buiten.

Slide 33 - Tekstslide

giraffen
ratelt
knabbelen
vrolijk
olifant
gemak
rondjes
beestenbende
dooie
giraffen
vrolijk
knabbelen
beestenbende
dooie
olifant
ratelt
olifant               giraffen
wagen              schreeuw
rondjes             leeuw
zebra                 apen
tijger                 slapen          lang                   vlinder
slang                 vogel
Lees de 2 rijtjes in het roze vak!

Noem in de rij alleen de dieren!!
 
Hoeveel dieren tel je?

Slide 34 - Tekstslide

giraf
girafje
giraffen
beest 
beesten
beestenbende
gezet
gedoe
gemak
ratel
ratelen
ratelt
mooie
rooie
dooie
rond
rondje
rondjes

lelijk
kwalijk
vrolijk
knabbel
knabbelt
knabbelen

Slide 35 - Tekstslide

Welk dier heeft een lange slurf?
A
ezel
B
olifantje
C
giraf
D
zebra

Slide 36 - Quizvraag

Welk dier hoort er niet bij?
A
koe
B
olifant
C
giraf
D
nijlpaard

Slide 37 - Quizvraag

Wat wordt bedoelt met beestenbende?
A
Het is hier heel netjes
B
Het is opgeruimd
C
Het is hier een troep
D
Ik weet het niet.

Slide 38 - Quizvraag

In mijn eigen kamertje is het een....
A
grote rommel
B
ik heb geen eigen kamer
C
netjes opgeruimd
D
beestenbende toch weet ik alles te vinden

Slide 39 - Quizvraag

Je mag de weektaak ....... 1, 2, 3, of 4 sterren geven!!
A
*
B
**
C
***
D
****

Slide 40 - Quizvraag

Heb jij met goede aandacht aan de opdrachten gewerkt?
A
Ik heb zomaar wat gedaan.
B
ik heb geluisterd naar de inspreker.
C
ik heb niet alles gelezen ik ben ontevreden.
D
ik kan veel beter.

Slide 41 - Quizvraag

Je week taak is afgerond.

We zijn gekomen tot les 15!
Nog 1 week taak en dan kunnen we beginnen aan

M5

Slide 42 - Tekstslide