Herhalingsles 6NW
Herhalingsles 6NW
Alle kunststoffen kunnen oneindig gerecycleerd worden.
Waar
Niet waar
Cradle-to-cradle streeft naar afval als grondstof
Waar
Niet waar
Bioplastics zijn altijd biologisch afbreekbaar
Waar
Niet waar
Recycleren kost geen energie
Waar
Niet waar
De meest duurzame energie is de energie die je niet hoeft te gebruiken.
Waar
Niet waar
Grondstoffen zijn eindeloos beschikbaar op onze planeet
Waar
Niet waar
Ronde 1: Kunststoffen
Vraag 1
Welke groep kunststoffen zijn het beste recycleerbaar?
Vraag 2
Welke kunststof wordt gebruikt voor frisdrankflessen?
Vraag 3
Hoe noemen we de hele kleine stukjes plastic die in het milieu voorkomen?
Vraag 4
Welke kunststoffen zijn onder de juiste omstandigheden composteerbaar?
Vraag 5
Vanwege welk atoom kan pvc moeilijk gerecycleerd worden?
Vraag 6
Welk voordeel hebben kunststoffen tegenover bijvoorbeeld metaal, hout of glas?
Vraag 7
Waar of niet waar?
Alle kunststoffen mogen in de pmd-zak.
Vraag 8
Hoe noemen we de kleinste bouwstenen van kunststoffen?
Vraag 9
Zet de letters in de juiste volgorde:
a. Kunststoffen wassen
b. Kunststoffen inzamelen
c. Kunststoffen smelten
d. Kunststoffen sorteren
Vraag 10
Waar of niet waar?
Bioplastic is milieuvriendelijk.
Ronde 2: Cradle-to-Cradle & Circulaire Economie
Vraag 1
Wat betekent cradle-to-cradle?
A) Product wordt afval
B) Gesloten materiaalkringloop
C) Eénmalig gebruik
D) Alleen recycleren
Vraag 2
Wat is het doel van circulaire economie?
A) Meer produceren
B) Grondstoffen hergebruiken
C) Sneller weggooien
D) Lagere kwaliteit
Vraag 3
Wat is een biologische kringloop?
A) Materialen blijven eeuwig bestaan
B) Materialen breken af in de natuur
C) Enkel metalen
D) Alleen kunststoffen
Vraag 4
Wat hoort bij circulair ontwerp?
A) Moeilijk herstelbaar
B) Lange levensduur
C) Wegwerpgebruik
D) Lage kwaliteit
Vraag 5
Wat betekent “upcycling”?
A) Kwaliteit daalt
B) Kwaliteit stijgt
C) Product wordt afval
D) Product wordt verbrand
Vraag 6
Wat is een lineaire economie?
A) Hergebruik van materialen
B) Productie zonder afval
C) Produceren-gebruiken-weggooien
D) Recycling systeem
Vraag 7
Waarom is ontwerp belangrijk voor recyclage?
A) Geen invloed
B) Alleen esthetisch
C) Vergemakkelijkt scheiding van materialen
D) Maakt producten duurder
Vraag 8
Wat is een voorbeeld van een circulair product?
A) Wegwerpbestek
B) Herbruikbare waterfles
C) Plastic zak
D) Batterij zonder recyclage
Vraag 9
Wat betekent “afval = grondstof”?
A) Afval wordt vernietigd
B) Afval wordt opnieuw gebruikt
C) Afval wordt gestort
D) Afval wordt verbrand
Vraag 10
Wat is een gevolg van slechte recyclage?
A) Minder afval
B) Meer grondstoffen
C) Verlies van grondstoffen
D) Hogere kwaliteit
Ronde 3: Energie
Vraag 1
Geef een voorbeeld van een fossiele brandstof.
Vraag 2
Geef een voorbeeld van een hernieuwbare energiebron.
Vraag 3
Geef een voordeel van hernieuwbare energiebronnen.
Vraag 4
Wat is een nadeel van waterstof?
Vraag 5
Wat is de bijnaam van waterstofgas?
Vraag 6
Waar of niet waar?
Koolstofdioxide is een broeikasgas.
Vraag 7
Welke waterstofgas wordt door middel van elektrolyse geproduceerd?
Vraag 8
Geef een ander woord voor geothermie.
Vraag 9
Geef een energiebesparingstip.
Vraag 10
Waar of niet waar?
Kernenergie is een hernieuwbare energiebron.