Lesinstap H1 Lettervormen (2A1)



Zomervakantie

1 / 30
volgende
Slide 1: Slide
newEditorWiskundeSecundair onderwijs

In deze les zitten 30 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Dit is niet oké

Onderdelen in deze les



Zomervakantie



€3 per persoon

We gaan zwemmen met alle 5 meisjes van de klas. Hoeveel betalen we?


€3 . 5 = €15


We betalen €15.

We gaan zwemmen met de 11 jongens van de klas. Hoeveel betalen we?


€3 . 11 = €33


We betalen €33.

We gaan zwemmen met alle 150 leerlingen van het tweede jaar. Hoeveel betalen we?


€3 . 150 = €450


We betalen €450.

We gaan zwemmen met alle 300 leerlingen van de school. Hoeveel betalen we?


€3 . 300 = €900


We betalen €900.

Hoe kunnen we de prijs berekenen die we zullen moeten betalen als we het aantal zwemmers nog niet kennen?


Stel dat het aantal zwemmers x is, dan zullen we €3 . x betalen.


Duid alle lettervormen aan

A

3x + 6y

B

2ab - 6b

C

5xy

D

47

Noteer hier zelf een lettervorm

Welke lettervorm(en) is/zijn correct genoteerd?

A

4x + 2y

B

9x³y

C

6.a

D

6b + 3a

Noteer een eenterm

Noteer een veelterm

Voeg hier je vraag