cross

Les 3 - Arbeidsmarkt

Economische dimensie 
Les 3 - Arbeidsmarkt
1 / 13
volgende
Slide 1: Tekstslide
BurgerschapsonderwijsMBOStudiejaar 1

In deze les zitten 13 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Economische dimensie 
Les 3 - Arbeidsmarkt

Slide 1 - Tekstslide

Lesplanning

Slide 2 - Tekstslide

Leerdoelen
Student kan het verschil tussen een krappe en een ruime arbeidsmarkt uitleggen. 
de student kan de verschillende vormen van werkloosheid benoemen, uitleggen en toelichten d.m.v. een voorbeeld. 

Slide 3 - Tekstslide

Beroepsbevolking 

Slide 4 - Tekstslide

Niet iedereen binnen de beroepsbevolking heeft een baan; dat noemen we werkloosheid
  • Conjuncturele werkloosheid: als er tijdelijke werkloosheid is doordat het slecht gaat met de economie.
  •  Structurele werkloosheid: als het beschikbare aanbod banen in die sector voor altijd afneemt.
  • Frictiewerkloosheid: als de vraag naar en het aanbod van arbeidskrachten niet goed op elkaar aansluiten.
  • Seizoenswerkloosheid: als de vraag naar arbeidskrachten in een bepaald seizoen wegvalt.

Slide 5 - Tekstslide

Yael is Skileraar in Oostenrijk in de winter, hierdoor heeft hij vanaf april geen werk meer; dit is een voorbeeld van:
A
Conjuncturele werkloosheid
B
Structurele werkloosheid
C
Frictiewerkloosheid
D
Seizoenswerkloosheid

Slide 6 - Quizvraag

De overheid bied omscholing aan voor mensen die vroeger lantarenpaal verlichter waren, doordat dit nu automatisch gebeurd zijn deze mensen hun werk kwijt. Dit voorstel van de overheid is een oplossing om iets te doen aan..
A
Conjuncturele werkloosheid
B
Structurele werkloosheid
C
Frictiewerkloosheid
D
Seizoenswerkloosheid

Slide 7 - Quizvraag

Marre is net afgestudeerd als docent geschiedenis, per jaar studeren er 1000 mensen af als docent geschiedenis, er zijn echter per jaar maar 600 vacatures; dit is een voorbeeld van..
A
Seizoenswerkloosheid
B
Frictiewerkloosheid
C
Structurele werkloosheid
D
Conjuncturele werkloosheid.

Slide 8 - Quizvraag

Krappe of ruime arbeidsmarkt?
Vraag? Werkgevers --> vraag naar werknemers 
Aanbod? Werknemers --> aanbod van arbeid 

Krappe arbeidsmarkt --> Weinig aanbod van arbeid ; Vraag naar arbeid is groter dan het aanbod 
Ruime arbeidsmarkt --> Veel aanbod van arbeid; vraag naar arbeid is kleiner van het aanbod. 

Slide 9 - Tekstslide

Wanneer is er sprake van een Krappe Arbeidsmarkt?
Krappe arbeidsmarkt --> Weinig aanbod van arbeid ; Vraag naar arbeid is groter dan het aanbod 

- Wanneer het goed gaat met de economie en veel mensen een baan hebben . Weinig mensen zijn dan opzoek naar een baan waardoor werkgevers weinig keuze in arbeiders. ( minder mensen solliciteren)
- Er zijn weinig mensen beschikbaar met het juiste diploma ( tekorten in de zorg_ 

Slide 10 - Tekstslide

Wanneer is er sprake van een ruime arbeidsmarkt?
Ruime arbeidsmarkt --> Veel aanbod van arbeid; vraag naar arbeid is kleiner van het aanbod. 

Wanneer het minder goed gaat met de economie, meer mensen werkloos zijn en opzoek zijn naar een baan, een werkgever heeft dan de keuze uit veel arbeidskrachten 

Slide 11 - Tekstslide

To DO: 
- Open je werkboek op blz. 
- Maak de aankomende 12 minuten voor jezelf/individueel de vragen van de zelftest. 
- Ben je eerder klaar? ga verder met de online opdrachten in de licentie www.studiemeter.nl 
- Wanneer de 12 minuten om zijn bespreken we klassikaal de zelftest. 

Slide 12 - Tekstslide

Huiswerk!
- Maak de kennisoefeningen van thema twee van de economische dimensie op niveau 3-4 in de online licentie www.studiemeter.nl 

Slide 13 - Tekstslide