troisième cours: le 21 à 25 septembre 2026

1 / 24
volgende
Slide 1: Tekstslide
FransMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 1

In deze les zitten 24 slides, met interactieve quiz en tekstslides.

time-iconLesduur is: 60 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

Klassenregels
We werken rustig samen in de klas.
We respecteren elkaar. We lachen elkaar niet uit en respecteren elkaars mening en antwoorden.
Tijdens het maken van de opdrachten zijn we rustig bezig en gaan we niet kletsen met klasgenoten.
We doen actief mee met de les.
We overleggen zachtjes binnen de MC als we een vraag hebben.
We steken onze vinger op als we iets willen zeggen en/of vragen.
We geven het aan onze docente aan wanneer ons iets dwars zit.
We laten elkaar uitpraten.
We eten en drinken niet in het klaslokaal.
We letten op in de les.
Tijdens het zelfstandig werken mag je oortjes in of een koptelefoon op.
We zitten niet aan andermans spullen.

Slide 2 - Tekstslide

Bonjour et bienvenue

Slide 3 - Tekstslide

Zorg ervoor dat het volgende op tafel ligt:
Werkboek A
Aantekeningschrift
Etui
Agenda

Start-upslide
Beantwoord de vragen in het Frans. Lukt dit nog niet? Vertaal de vragen dan.
1. Comment tu t'appelles?
2. Tu as quel âge?
3. Tu habites où?
4. Tu as un animal?
5. Tu es en quelle classe?

timer
7:30

Slide 4 - Tekstslide

Blauw = 5 zinnen
Groen = 4 zinnen
Oranje = 3 zinnen
Rood = 2 en minder


Start-upslide
Antwoorden:
1. Je m'appelle ... / hoe heet je?
2. J'ai ... ans/ hoe oud ben je?
3. J'habite à ... /waar woon je?
4. J'ai un/deux/trois ....  ou je n'ai pas d'animal / heb je een huisdier?
5. Je suis en cinquième / in welke klas zit je?

timer
2:30

Slide 5 - Tekstslide

Zorg ervoor dat het volgende op tafel ligt:
Werkboek A
Aantekeningschrift
Etui
Agenda

Start-upslide deel 2
Kijk je gemaakte opdrachten na, zie Magister Learn-Français 1HV-content- periode 1-nakijkbladen

timer
7:30

Slide 6 - Tekstslide

e
- Het werkwoord ''être''  ontdekken
- Aan de slag met interviewvragen
- Project au zoo 

LET OP:
- Neem volgende week een Nederlands-Frans woordenboek mee

-Blijf de vragen en antwoorden die je in de les krijgt voor het interview leren (dus vragen over jezelf)


Lesdoelen:
1. Ik kan het werkwoord ''être'' toepassen in het Frans
2. Ik kan verschillende vragen over mezelf in het Frans beantwoorden
3. Ik kan een dierentuinplattegrond in het Frans en Duits samenstellen


Slide 7 - Tekstslide

Probeer dit stukje tekst eens te vertalen in je schrift
Ma prof de français, c'est Moniek/Wafa. Elle est sympa(thique). 
Mon prof de maths, c'est Lennert. Il est drôle (=grappig). 
Mes profs de néerlandais sont Isa et Nina/Jeroen. 


Slide 8 - Tekstslide

De juiste vertalingen
Ma prof de français, c'est Moniek/Wafa. Elle est sympa(thique).
Mijn docent Frans , dat is Moniek/ Wafa. Zij is aardig.
 
Mon prof de maths, c'est Lennert. Il est drôle (=grappig). 
Mijn docent wiskunde, dat is Lennert. Hij is grappig.

Mes profs de néerlandais sont Isa et Nina/Jeroen. 
Mijn docenten Nederlands zijn Isa en Nina/Jeroen.

Slide 9 - Tekstslide

je suis
tu es
il/elle/on est
nous sommes
vous êtes
ils/elles sont
C'est
Combineer de juiste vorm van 'avoir' met het onderwerp
Grammaire le verbe  'être' 
ik ben
jij bent
hij/zij/men is / we zijn
wij zijn
u bent, jullie zijn
zij zijn
het is

Slide 10 - Sleepvraag

être (zijn)
Je suis un garçon/une fille.= Ik ben een jongen/een meisje.
Tu es sympa. = Jij bent aardig.
Il est sévère.= Hij is streng.
Elle est drôle. = Zij is grappig.
On est cinq. = Wij zijn (met) vijf (thuis).
Nous sommes heureux. = Wij zijn gelukkig.
Vous êtes nerveux. = Jullie zijn nerveus/ u bent nerveus.
Ils sont sportifs. = Zij zijn (mannelijk) sportief.
Elles sont actives. = Zij zijn (vrouwelijk) actief.
C'est une girafe. = Het is/dat is een giraf.

Slide 11 - Tekstslide

Let op!
Als je wil zeggen in welke klas je zit gebruik je ook être.
Tu es en quelle classe? =  In welke klas zit je? (Letterlijk vertaald: in welke klas ben jij?)
Je suis en cinquième. =  Ik zit in de eerste klas. (Letterlijk vertaald: ik ben in de eerste klas)

Slide 12 - Tekstslide

Les bleus
vind je het nog lastig? dan kies je deze categorie





Les oranges
vind je het wel oké, dan kies je deze categorie

Les blancs
Hou je van een uitdaging en vind je het makkelijk? Dan kies je deze categorie



Slide 13 - Tekstslide

Les bleus
Fais les exercices 16d, 16e, 17a, 17c (p.112,et 113)

Fais les exercices 
30ab, 31def (p.48 et 50)




Les oranges
Fais exercices 17d et 18a (p.114)


Les blancs
Réponds aux (=antwoord op de) questions dans ton cahier (=schrift):
  1. Qui est ton prof d'anglais?
  2. Quelle est ta série préférée?
  3. Qui sont tes profs préférés?
  4. Tu es dans une équipe (een team)?
  5. Quelles matières tu as le mardi (dinsdag)? 
Hulp: Qui= wie, quel(le)(s) = wat
Gebruik je werkboek voor de vertalingen vanaf blz.173 t/m 181 of een woordenboek)


timer
15:00

Slide 14 - Tekstslide

Qui est ton prof d'anglais?
Quelle est ta série préférée?
Qui sont tes profs préférés?
Tu es dans une équipe (een team)?
Quelles matières tu as le mardi (dinsdag)? 
Wie is je docent Engels?
Wat is je lievelingsserie?
Wie zijn jouw lievelingsdocenten?
Zit je in een team?
Welke vakken heb jij op dinsdag?


Slide 15 - Tekstslide

Qui est ton prof d'anglais?
Quelle est ta série préférée?
Qui sont tes profs préférés?
Tu es dans une équipe (een team)?


Quelles matières tu as le mardi (dinsdag)? 
Mon prof d'anglais est Rafaela/Anja
Ma série préférée est ....
Mes profs préférés sont ....
Oui, je suis dans une équipe. ou Non,  je ne suis pas dans une équipe.

Le mardi, j'ai le/l'/les ..... , et ..... 

Slide 16 - Tekstslide

timer
40:00

Slide 17 - Tekstslide

Slide 18 - Tekstslide

Slide 19 - Tekstslide

Slide 20 - Tekstslide

Slide 21 - Tekstslide

Slide 22 - Tekstslide

Slide 23 - Tekstslide

Exit-ticket: Wayground
Ga naar joinmyquiz.com en vul de code in die op het bord staat.

We spelen zometeen Mastery Peak op Wayground. Je moet 80% van de vragen goed hebben, wil je de top bereikt hebben en het lokaal kunnen verlaten. De vragen komen op je eigen laptop. Bonne chance!
Lesdoelen:
1. Ik kan het werkwoord ''être'' toepassen in het Frans
2. Ik kan verschillende vragen over mezelf in het Frans beantwoorden
3. Ik kan een dierentuinplattegrond in het Frans en Duits samenstellen

Huiswerk:
Leer de verschillende vragen & antwoorden die je de afgelopen twee weken in je aantekeningenschrift hebt opgeschreven
De top van de berg bereikt?
Dan mag je het lokaal verlaten

Slide 24 - Tekstslide