EIWITSYNTHESE · GENEXPRESSIE
Quiz
Terugblik: Eiwitsynthese en genexpressie
EIWITSYNTHESE · GENEXPRESSIE
Quiz
Terugblik: Eiwitsynthese en genexpressie
Les 3 van 3. Leerlingen beantwoorden individueel; bespreek na elke paar vragen kort de antwoorden. Image credit: Louisa Howard / Wikimedia Commons, publiek domein
In welke richting leest RNA-polymerase de matrijsstreng?
Van 3' naar 5'
Van 5' naar 3'
In beide richtingen tegelijk
Vanaf het midden naar buiten
De matrijsstreng wordt van 3' naar 5' afgelezen, het mRNA ontstaat van 5' naar 3'. Verwachte fout: de richting van het mRNA kiezen.
Waar worden eiwitten gemaakt die uit de cel worden uitgescheiden?
In het golgi-systeem zelf
Door RNA-polymerase in de celkern
Aan ribosomen op het ruw ER
Aan het celmembraan
Eiwitten voor uitscheiding worden gemaakt aan ribosomen op het ruw ER en gaan daarna naar het golgi-systeem. Verwachte fout: het golgi-systeem kiezen omdat daar de blaasjes ontstaan.
Zet op volgorde, van groot naar klein.
Een chromosoom bevat genen, een gen bestaat uit codons en een codon uit drie nucleotiden. Verwachte fout: gen en chromosoom omdraaien.
Welk codon is géén stopcodon?
UAA
UAG
UGG
UGA
UGG codeert voor Trp. UAA, UAG en UGA zijn de stopcodons. Verwachte fout: UGG overslaan omdat het op UGA lijkt.
Tussen welke aminozuren ontstaat een zwavelbrug?
Tussen twee cysteïne-aminozuren
Tussen twee methionine-aminozuren
Tussen twee tRNA-moleculen
Tussen een aminozuur en het mRNA
Een zwavelbrug ontstaat tussen twee cysteïne-aminozuren in de tertiaire structuur. Verwachte fout: methionine kiezen omdat het ook zwavel bevat.
Hemoglobine bestaat uit vier aminozuurketens. Welke structuur beschrijft dat?
Primaire structuur
Secundaire structuur
Tertiaire structuur
Quaternaire structuur
De samenstelling uit meerdere ketens is de quaternaire structuur. Verwachte fout: tertiaire structuur kiezen, die de vouwing van één keten beschrijft.
Wat doet een transporteiwit in een membraan?
Een goed antwoord: het vervoert stoffen door het membraan. Verwachte fout: zeggen dat het een reactie versnelt (dat is een enzym).
Vul in
Translatie vindt plaats aan een ribosoom, waar tRNA aminozuren aanvoert die bij het mRNA passen, in het cytoplasma.
Aan het ribosoom voert tRNA aminozuren aan die passen bij de codons van het mRNA. Verwachte fout: RNA-polymerase invullen, dat hoort bij transcriptie.
Welk triplet is het startcodon?
UAA
AUG
GCU
UUU
AUG is het startcodon en codeert voor Met. UAA is een stopcodon. Verwachte fout: UAA kiezen.
Een membraaneiwit bindt adrenaline en geeft een signaal door. Wat voor eiwit?
Een receptor
Een enzym
Een structuureiwit
Een transporteiwit
Een eiwit dat een signaalstof herkent en een signaal doorgeeft is een receptor. Verwachte fout: transporteiwit kiezen omdat het in het membraan zit.
Hoe is het DNA van eukaryoten globaal opgebouwd?
Bijna al het DNA codeert voor eiwitten
Alleen de introns coderen voor eiwitten
Het grootste deel is niet-coderend DNA
Het DNA bestaat voor de helft uit exons
Bij eukaryoten is het grootste deel van het DNA niet-coderend. Verwachte fout: denken dat vrijwel al het DNA voor eiwitten codeert.
Hoe bepaalt de aminozuurvolgorde de werking van een eiwit?
De volgorde bepaalt alleen hoe lang het eiwit is
De volgorde bepaalt de vouwing, en de vorm de werking
De volgorde bepaalt in welke cel het eiwit werkt
De volgorde heeft geen invloed op de werking
De aminozuurvolgorde (primaire structuur) bepaalt hoe de keten vouwt, en de vorm bepaalt de werking. Verwachte fout: denken dat alleen het aantal aminozuren telt.
Hoe zeker voel je je over dit onderwerp?
Heel zeker
Redelijk zeker
Niet zo zeker
Helemaal niet zeker
Gebruik de uitslag om te bepalen of je een onderdeel herhaalt.
EIWITSYNTHESE · GENEXPRESSIE
Goed gedaan!
Je kunt nu uitleggen hoe een gen via transcriptie en translatie een eiwit oplevert en met de codontabel de aminozuurvolgorde bepalen.
Deze slide heeft geen instructies