1.2 winkelexterieur

Case 1.2 Winkelexterieur
1.2.2 Logische looproutes
1 / 21
volgende
Slide 1: Tekstslide
SalesMiddelbare schoolmavoLeerjaar 6

In deze les zitten 21 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.

time-iconLesduur is: 1 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

Case 1.2 Winkelexterieur
1.2.2 Logische looproutes

Slide 1 - Tekstslide

In welke winkels ga je niet binnen tijdens een dagje shoppen?

Slide 2 - Woordweb

Wat houd je tegen om binnen te gaan?

Slide 3 - Woordweb

Welke winkel bezoek je altijd als je gaat shoppen?

Slide 4 - Woordweb

Waarom bezoek je telkens deze winkel?

Slide 5 - Woordweb

Zorg voor een uitnodigende gevel en etalage die de aandacht trekken. Hoe doe je dat?

Slide 6 - Open vraag

Winkelinterieur
-De binnenkant van de winkel noem je het interieur. 
-Het winkelinterieur moet aansluiten bij de winkelformule.
-De winkelinrichting is vaak voor een langere periode vastgesteld.
-Bij een goede winkelinrichting is aandacht besteed aan het ontwerp, van       het interieur. 

Slide 7 - Tekstslide

De lay-out van de winkel
-De lay-out van de winkel is de indeling van de ruimte. De indeling moet overzichtelijk en herkenbaar voor de klant zijn en in overeenstemming met de winkelformule.

-Iedere vierkante meter winkeloppervlak kost geld. Er wordt huur betaald. De opbrengst van het vloeroppervlak is een belangrijk gegeven bij de indeling van de winkel.

Slide 8 - Tekstslide

Slide 9 - Tekstslide

Slide 10 - Video

Ruimtes
-Verkoopruimte 
-Serviceruimte
-Operationele ruimte
-Kassaruimte

Slide 11 - Tekstslide

Slide 12 - Tekstslide

Verkoopruimte
De verkoopruimte is het deel van de winkel dat wordt gebruikt om de artikelen te presenteren. Hier komen klanten winkelen.

Slide 13 - Tekstslide

Serviceruimte
De serviceruimte is het vloeroppervlak dat is gereserveerd om service te kunnen verlenen

Slide 14 - Tekstslide

Kassaruimte
De grootte van een kassaruimte is mede afhankelijk van de artikelen die je verkoopt.

Slide 15 - Tekstslide

Routing

Slide 16 - Tekstslide

Soorten routing
Looppadenpatroon= Paden met wegbewijzering, looproute met kleuren op de vloer aangegeven
Gedwongen routing=In sommige winkels kun je echt maar een richting uit lopen meestal langs alle producten
Vrije routing=In deze winkels kun je als klant zelf bepalen hoe je door de winkel loopt. Dit noem je Circuleren.

Slide 17 - Tekstslide

Slide 18 - Video

Een goede routing creëert verkoopkansen door rekening te houden met het winkel gedrag van klanten. Denk aan............
-Klanten die de winkel binnenkomen, moeten zich eerst oriënteren. Ga ervan uit dat zij de eerste vijf meters nog niet bezig zijn om iets te kopen.

-Klanten zijn vooral rechts georiënteerd als ze artikelen pakken. ze houden in het looppad automatisch rechts aan.

-Veel klanten houden niet van lange rechten paden

-Veel klanten doen aan omtrek winkelen. zij kiezen vooral voor de buitenste looppaden en mijden de binnenste looppaden

Slide 19 - Tekstslide

Winkelinterieur 

Slide 20 - Tekstslide

Sterke plekken in de routing:

plekken waar de klant langzaam loopt, even stilstaat of waar zijn aandacht wordt getrokken bijvoorbeeld:

-Afrekenpunt
-Kopstelling
-Schap op ooghoogte
Zwakke plekken in de routing:

-eerste paar meter wandstelling nadat je de winkel bent binnen gekomen
-De binnenste looppaden
-De linkerkant looppaden
-De achterwand van de winkel
-De hogere en lagere schappen in een stelling of meubel

Slide 21 - Tekstslide