College 2|Wat is maatschappijleer?|Maat|4H

Maatschappelijke vraagstukken
1 / 27
volgende
Slide 1: Woordweb
MaatschappijleerMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4

In deze les zitten 27 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

Onderdelen in deze les

Maatschappelijke vraagstukken

Slide 1 - Woordweb

Maatschappelijke vraagstukken analyseren

Slide 2 - Woordweb

College 2 Wat is maatschappijleer?
Paragraaf 1.2 De maatschappij onderzoeken

Slide 3 - Tekstslide

Lesdoel(en)
Aan het einde van het college:
  • Kan jij de vijf belangrijke kernbegrippen van maatschappijleer en de definities ervan benoemen
  • Kan jij onderscheid maken tussen twee soorten vragen voor het analyseren van maatschappelijke vraagstukken en kan jij minimaal drie voorbeeld vragen benoemen.

Slide 4 - Tekstslide

Kernbegrippen
Belangrijke begrippen die bij maatschappijleer regelmatig terugkomen: 

  • waarden en normen
  • belangen
  • macht
  • sociale ongelijkheid
  • sociale cohesie
§1.2 De maatschappij onderzoeken

Slide 5 - Tekstslide

Waarden
Uitgangspunt of principes dat mensen belangrijk vinden in hun leven.

Voorbeelden hiervan zijn: 
  • gezondheid
  • liefde
  • vrijheid
  • familie 
  • discipline 
  • status
§1.2 De maatschappij onderzoeken

Slide 6 - Tekstslide

Normen
Opvattingen/regels hoe je je op grond van waarden behoort te gedragen.

§1.2 De maatschappij onderzoeken
Normen horen altijd bij een waarde!
Waarde
Norm
Familie
“Je zorgt voor je ouders als ze dat zelf niet meer kunnen.”
Vrijheid
“Iedereen moet vrij zijn om te geloven wat hij wil.”
Discipline
“Ik zorg dat ik altijd mijn huiswerk heb gemaakt.”

Slide 7 - Tekstslide

Normen
Normen zijn vaak sociale verplichtingen: regels die door je omgeving worden opgelegd.

Geschreven regels            een regel die (wettelijk) is vastgelegd
Bijv. “je mag niet stelen.”

Ongeschreven regels           fatsoensnormen die iedereen kent. 
Bijv. “je staat op voor ouderen in de bus.”

§1.2 De maatschappij onderzoeken

Slide 8 - Tekstslide

Slide 9 - Video

Sociale controle
Via sociale controle dwingen of stimuleren 
mensen anderen om zich aan normen te houden.
§1.2 De maatschappij onderzoeken

Slide 10 - Tekstslide

Belangen
Belang             het voordeel dat iemand ergens bij heeft.

Bijvoorbeeld:
  • schone lucht
  • goede salaris
  • godsdienstvrijheid
  • een veilige leefomgeving. 
§1.2 De maatschappij onderzoeken

Slide 11 - Tekstslide

Belangentegenstellingen
Belangen zijn soms tegengesteld
Welke tegenstelling zie je hier?
§1.2 De maatschappij onderzoeken

Slide 12 - Tekstslide

Macht
Het vermogen om het gedrag of het denken van anderen te beïnvloeden.

Twee soorten macht:
Formele macht            macht die is vastgelegd in wetten of regels. 
Bijv. een politieagent, leraar of burgemeester.

Informele macht            macht die niet is vastgelegd in regels. 
Bijv. invloed van je vrienden of een influencer 
§1.2 De maatschappij onderzoeken

Slide 13 - Tekstslide

Machtsmiddelen
Middelen waarmee je het gedrag van anderen kunt beïnvloeden

Machtsmiddelen:
  • functie/beroep
  • kennis
  • overtuigingskracht
  • aantal medestanders
  • geld
§1.2 De maatschappij onderzoeken

Slide 14 - Tekstslide

Sociale ongelijkheid
Ongelijke verdeling van maatschappelijke kansen, inkomen, kennis en macht.

Deze terreinen laten de volgende grote verschillen zien
  • kennis
  • inkomen
  • status
  • politieke macht en invloed
§1.2 De maatschappij onderzoeken

Slide 15 - Tekstslide

Sociale cohesie
Hoe sterk mensen zich verbonden voelen met elkaar

                
§1.2 De maatschappij onderzoeken

                Bij welke afbeelding is de sociale cohesie het sterkst? 
                                         Waarom denk je dat?

Slide 16 - Tekstslide

Maatschappelijke vraagstukken analyseren

Algemene onderzoeksvragen              Analysevragen kernbegrippen
  • algemene omschrijving                           
  • rol media
  • rol overheid
  • vergelijken
  • eigen mening 
§1.2 De maatschappij onderzoeken
  • belangen
  • waarden en normen
  • macht
  • sociale ongelijkheid
  • sociale cohesie

Slide 17 - Tekstslide

Welke twee soorten vragen zijn er voor het analyseren van maatschappelijke vraagstukken?

Slide 18 - Open vraag

Waarden zijn .........
A
principes die veel mensen belangrijk vinden
B
principes dat voor iedereen gelijk is
C
principes dat mensen belangrijk vinden in hun leven
D
regels over hoe jij je moet gedragen

Slide 19 - Quizvraag

Benoem minimaal drie voorbeeld vragen, wat je kan gebruiken bij het analyseren van maatschappelijke vraagstukken

Slide 20 - Open vraag

Wat zijn belangen?
A
het voordeel dat iemand ergens bij heeft
B
het nadeel dat iemand ergens bij heeft
C
het voordeel dat je kan verdienen
D
principes die je belangrijk vindt in jouw leven

Slide 21 - Quizvraag

Normen zijn..........
A
regels hoe je je op grond van principes behoort te gedragen
B
principes dat je belangrijk vindt in jouw leven
C
regels over hoe jij je moet gedragen naast anderen
D
discipline

Slide 22 - Quizvraag

Wat is macht?
Benoem vier machtsmiddelen.

Slide 23 - Open vraag

Wat is sociale ongelijkheid en waardoor ontstaat sociale ongelijkheid?

Slide 24 - Open vraag

Sociale cohesie is........
A
het gevoel dat je ergens van hebt
B
ongelijkheid in de maatschappij
C
een probleem dat opgelost moet worden
D
hoe sterk mensen zich verbonden voelen met elkaar

Slide 25 - Quizvraag

Vragen?

Slide 26 - Open vraag

Opdrachten college 2
Paragraaf 1.2. De maatschappij onderzoeken
Opdracht: 1 t/m 13
Werkboek: blz. 8 t/m 11
Tekstboek: blz. 12 t/m 17

Slide 27 - Tekstslide