Martialis 11.5 (blz. 186)

Martialis 11.5
N.B. : in boek 10 gaat het al over Trajanus en in boek 11 over Nerva, dat komt doordat er van boek 10 een 2e editie bestaat die is uitgekomen in 98, boek 11 is van 96
1 / 20
volgende
Slide 1: Tekstslide
Klassieke TalenMiddelbare schoolvwoLeerjaar 6

In deze les zitten 20 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 30 min

Onderdelen in deze les

Martialis 11.5
N.B. : in boek 10 gaat het al over Trajanus en in boek 11 over Nerva, dat komt doordat er van boek 10 een 2e editie bestaat die is uitgekomen in 98, boek 11 is van 96

Slide 1 - Tekstslide

regel 1-4
Tanta tibi est recti reverentia, Caesar, at aequi
 quanta Numae fuerat: sed Numa pauper erat.
Ardua res haec est, opibus non tradere mores
 et, cum tot Croesos viceris, esse Numam.
U heeft zo’n grote eerbied voor het juiste en het echtvaardige, Caesar, 
als Numa had gehad: maar Numa was arm. 
Dit is een moeilijke zaak, om principes niet op te offeren aan rijkdom
 en, hoewel u zoveel Croesussen heeft overtroffen, een Numa te zijn. 

Slide 2 - Tekstslide

r.1 recti et aequi
Hoe is de genitivus gebruikt?
A
gen. subiectvus
B
gen. obiectivus
C
gen. qualitatis
D
gen. partitivus

Slide 3 - Quizvraag

Numa Pompilius
Croesus

Slide 4 - Tekstslide

r. 2-4 Wat zegt Martialis hier over Nerva?

Slide 5 - Open vraag

regel 1-4
regel 3: sententia: rijkdom corrumpeert

tot Croesus viceris: Nerva is vele malen rijker dan Croesus was

Numam esse: rechtvaardigheid boven alles stellen

Slide 6 - Tekstslide

regel 5-8
Si redeant veteres, ingentia nomina, patres,
 Elysium liceat si vacuare nemus,
te colet invictus pro libertate Camillus,
 aurum Fabricius te tribuente volet,
Als de oude voorvaderen zouden terugkomen, geweldige namen, als het toegestaan zou zijn het bos van het Elysium leeg te maken, 
zal Camillus, onoverwinnelijk als voorvechter van de vrijheid, u vereren, 
zal Fabricius het goud willen (aannemen) wanneer u het aanbiedt

Slide 7 - Tekstslide

Elysium liceat si vacuare nemus,
wat bedoelt Martialis?

Slide 8 - Open vraag

regel 9-12
te duce gaudebit Brutus, tibi Sulla cruentus
imperium tradet, cum positurus erit,
et te privato cum Caesare Magnus amabit,
 donabit totas et tibi Crassus opes.
zal Brutus zich verheugen met u als leider, zal de bebloede Sulla aan u 
de macht overdragen, wanneer hij op het punt zal staan die neer te leggen, en Magnus samen met Caesar als privépersoon zal van u houden, 
en Crassus zal aan u heel zijn rijkdom geven. 

Slide 9 - Tekstslide

Lucius Iunius Brutus
Stichter van de republiek
Marcus Iunius Brutus
moordenaar van Caesar

Slide 10 - Tekstslide

welke Brutus ligt meer voor de hand?
A
Lucius Iunius Brutus Stichter van de republiek
B
Marcus Iunius Brutus moordenaar van Caesar

Slide 11 - Quizvraag

Slide 12 - Tekstslide

Caesar
Pompeius

Slide 13 - Tekstslide

regel 13-14
Ipse quoque infernis revocatus Ditis ab umbris
 si Cato reddatur, Caesarianus erit.

Zelfs als ook Cato zelf, teruggeroepen van de schimmen van de onderwereld van Pluto, teruggeven zou worden, zal hij een aanhanger van Caesar (= Nerva) zijn. 

Slide 14 - Tekstslide

Cato Minor
Cato Minor in de serie Rome

Slide 15 - Tekstslide

rechtvaar-
dig
republikein
dictator
rijk
Nerva
Brutus
Croesus
Numa
Crassus
Cato
Sulla
Caesar

Slide 16 - Sleepvraag

Uit welke periode komen alle personen uit regel 5-14
A
keizertijd
B
koningstijd
C
republiek

Slide 17 - Quizvraag

republikeinse voorbeelden
Onder Nerva zal er vrijheid heersen alsof de republiek is teruggekeerd. Het is alsof er met Nerva een nieuw tijdperk aanbreekt dat doet denken aan de oude republiek, waarin alle oude kopstukken uit de republikeinse tijd graag willen leven. 

Slide 18 - Tekstslide

vraag 2 uit het boek
a. Fabricius zal het goud van Nerva aannemen, omdat hij weet dat er in Nerva’s geval geen sprake van omkoping kan zijn.
  b. Brutus zal blij zijn met Nerva als leider, omdat Nerva geen tiran zoals Tarquinius Superbus (of Caesar) is.
  c. Sulla zal zijn gezag overdragen aan Nerva, omdat hij weet dat Nerva een bekwaam heerser is/omdat het gezag dan weer terechtkomt waar het hoort
 


Slide 19 - Tekstslide

vraag 2 vervolg
 d. Caesar en Pompeius konden het niet eens worden wie de staat moest leiden, maar zullen als ambteloze personen Nerva beminnen (als leider) / geen burgeroorlog beginnen om de macht omdat Nerva de staat leidt.
 e. Crassus zal al zijn geld aan Nerva geven, omdat hij weet dat Nerva dat geld op een goede manier zal gebruiken/niet tegen het belang van de staat zal aanwenden.
  f. Cato zal een aanhanger van Caesar (= Nerva) zijn, omdat er onder Nerva weer vrijheid is (alsof de republiek weer bestaat).

Slide 20 - Tekstslide