1 Beeldende kunst en architectuur in de Griekse en Romeinse Oudheid (les 5))

Beeldende kunst en architectuur in de Griekse en Romeinse Oudheid

Deelvraag:
Welke betekenissen gaven de Grieken en Romeinen aan beeldende kunst en architectuur? 
1 / 20
volgende
Slide 1: Tekstslide
GeschiedenisMiddelbare schoolvwoLeerjaar 5

In deze les zitten 20 slides, met tekstslides.

time-iconLesduur is: 30 min

Onderdelen in deze les

Beeldende kunst en architectuur in de Griekse en Romeinse Oudheid

Deelvraag:
Welke betekenissen gaven de Grieken en Romeinen aan beeldende kunst en architectuur? 

Slide 1 - Tekstslide

Eerste Punische Oorlog
(264-241 v. Chr.)

Rome tegen Carthago
(Carthaags = Punisch = Fenicisch)
  • Inzet: macht over Sicilië
  • Rome wint dankzij sterke vloot


Slide 2 - Tekstslide

Slide 3 - Tekstslide

Tweede Punische Oorlog
(218-201 v. Chr.)

Slide 4 - Tekstslide

Rome krijgt provincies
Divide et impera

Slide 5 - Tekstslide

Eerste Burgeroorlog 
(88-82 v. Chr.)

  • Sulla tegen Marius
  • Bloedige burgeroorlog in Italië
  • Sulla wordt dictator

Slide 6 - Tekstslide

Onrust in Italië
Drie hoofdfiguren:
  1. Pompeius (militaire successen in Spanje) (aanvankelijk de machtigste)
  2. Crassus (onderdrukt slavenopstand)
  3. Caesar (vrijgevige succesvolle militair)

Slide 7 - Tekstslide

Eerste Driemanschap (‘triumviraat’) (60 v. Chr.)
  • Pompeius, Crassus en Caesar
  • Caesar wordt consul
  • Caesar krijgt een grote militaire opdracht in Gallië en verovert het
  • Grote achterban van ex-Marianen

Slide 8 - Tekstslide

Uitbreiding van de Romeinse macht
  • Chaos in Rome
  • Crassus sterft bij een veldtocht tegen de Parthen
  • Caesar onderwerpt heel Gallië (heel Gallië?) en stukken van Brittannië en Germanië
  • Pompeius vreest voor groeiende macht Caesar

Slide 9 - Tekstslide

Tweede Burgeroorlog 
(49-45 v. Chr.)
  • Tussen Pompeius en Caesar
  • Caesar werd oppermachtig en regeerde als een absoluut vorst (liet zich in 49 v. Chr. tot dictator benoemen, in 44 v. Chr. tot dictator voor het leven)
  • 44 v. Chr.: Caesar vermoord door Brutus en Cassius (kai su, teknon?)

Slide 10 - Tekstslide

Tweede Driemanschap 
(43-33 v. Chr.)
  • Na Caesars dood ontstond onrust. Drie van Caesars aanhangers vonden elkaar en herstelden (stukje bij beetje) de rust: Marcus Antonius, Marcus Aemilius Lepidus en Gaius Octavianus (achterneef en aangenomen zoon van Caesar).
  • In verschillende delen van het rijk bevochten zij Caesars tegenstanders en kregen ze zijn medestanders achter zich.

Slide 11 - Tekstslide

  • Octavianus zet Lepidus buitenspel en beheerst dan de westelijke rijkshelft. Antonius beheerst de oostelijke.
  • Octavianus verslaat Cleopatra en Marcus Antonius in de zeeslag bij Actium (32 v. Chr.) en is dan de enig overgebleven machthebber.
  • Grote oorlogsmoeheid bij de Italische bevolking.
  • Octavianus wordt princeps: ‘de eerste’ (onder de burgers).

Slide 12 - Tekstslide

Augustus 
(27 v. Chr – 14 n. Chr.)
  • Octavianus wordt Augustus (‘de verhevene’)
  • Begin van de Keizertijd
  • Herstel van orde en rust.
  • 27 v. Chr. – ca. 180 n. Chr.: Pax Romana (Pax Augusta) 

Slide 13 - Tekstslide

Augustus: zijn eigen positie, propaganda en de keizercultus

Slide 14 - Tekstslide

De stad Rome onder Augustus
  • ‘Stad van marmer’
  • Vele nieuwe tempels, een nieuw forum, een colosseum (29; panem et circenses)
  • Goed voor de inwoners: verbeterde graanuitdelingen, meer brandweer, nachtwakers, ordedienst
  • Rome: 800.000 inwoners, waaronder flinke Syrische, Joodse, Griekse en andere immigranten
  • Flinke immigratie

Slide 15 - Tekstslide

Na Augustus (14-193)
  • Pax Romana
  • In de grenzen langs de Rijn en de Donau een bufferzone van ‘bevriende’ volken. Divide et impera
  • 42-84 Brittannia erbij (onder Claudius)
  • 69-70 Bataafse Opstand
  • 66-73, 115-117 en 132-136 Joodse opstanden

Slide 16 - Tekstslide

Kunst in dienst van de macht 
  • Naast bewondering voor de Griekse kunst ook afkeur (door bv. het afbeelden van 'naakte' atleten).  

Slide 17 - Tekstslide

Slide 18 - Tekstslide

Goddelijke kunst en nieuwe vormen
  • Grieken én Romeinen gebruiken beiden hoofden en overwinningstekenen op munten. 
  • Grieken gebruikten Goden op munten; Romeinen gebruiken zichzelf. Zij zagen zichzelf als 'God'. 
  • Romeinen vernieuwen het gebruik van materiaal (bv. bakstenen). 

Slide 19 - Tekstslide

Huiswerk
Lees van paragraaf 1 de tekst onder het kopje 'Kunst in dienst van de macht'.
Maak de opdrachten 13, 14 en 15 van paragraaf 1 (uit het werkboek).

Slide 20 - Tekstslide