De Helderse Vallei - les Strand en kust 2

1 / 37
volgende
Slide 1: Tekstslide
NT2ISK

In deze les zitten 37 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

strand en kust

Slide 2 - Woordweb

Onderwerpen

  • Wat leeft er aan en op het strand?
  • Wat spoelt er aan de vloedlijn aan?
  • Wat leeft er in de zee?


Slide 3 - Tekstslide

Activiteiten
  • vogelsnavels en de vogel benoemen
  • voedsel van de vogels
  • zand zeven en aanspoelsels bekijken
  • zoutgehalte meten in zout en in zoet water
  •  zeeaquarium




Slide 4 - Tekstslide



  • de vogel
  • de snavel
  • de opgezette vogel
  •  het voedsel
  • het zand
  • de vloedlijn



  • de krab
  • het aquarium
  •  het zeewier
  • de garnaal
  • de schelp
  •  zout en zoet water
Woorden

Slide 5 - Tekstslide

de vogel - de vogels
  • dier met vleugels, twee poten en snavel dat kan vliegen
  • zin: De vogel vliegt in de lucht.

Slide 6 - Tekstslide

de snavel - de snavels
  • bek van een vogel
  • zin: Waarom hebben vogels verschillende snavels

Slide 7 - Tekstslide

Waarom hebben vogels verschillende snavels?

kort filmpje 1.40 min.



lang filmpje 5 min.

Slide 8 - Tekstslide

de opgezette vogel
  • dood, maar toch levensecht
  • zin: De opgezette vogels zijn dood, maar zien er levend uit.

Slide 9 - Tekstslide


Hoe wordt een vogel opgezet?

 filmpje 3.18 min.

Slide 10 - Tekstslide

het voedsel
  • het eten
  • zin: Wat is het voedsel van vogels?

Slide 11 - Tekstslide

het zand
  • stof die bestaat uit kleine korrels
  • zin: De kinderen spelen met zand.


Slide 12 - Tekstslide

de vloedlijn 
  • De strook op het strand tot waar het water komt (eb en vloed).
  • zin: We wandelden een uur langs de vloedlijn.



Slide 13 - Tekstslide

Wat is eb en vloed?

filmpje 1.53 min.




Slide 14 - Tekstslide

de krab - de krabben
  •  in zee levend schaaldier met hard schild en tien harde poten
  • zin: Op het strand zag ik een krab weglopen.


Slide 15 - Tekstslide

het aquarium
  •  glazen bak met water waarin waterdieren leven
  • zin: In zijn aquarium zwemmen veel vissen.

Slide 16 - Tekstslide


het zeewier
  •  algen die in zee leven
  • zin: Zeewier wordt soms verwerkt in gerechten.

Slide 17 - Tekstslide

de garnaal - de garnalen
  •  klein roze schelpdiertje dat in zee leeft
  • zin: Deze garnalen moeten nog gepeld worden.

Slide 18 - Tekstslide

de schelp - de schelpen
  • beschermend omhulsel van kalk, waar een weekdier in leeft
  • zin: Op het strand liggen veel schelpen.


Slide 19 - Tekstslide

 zout en zoet water
  • zin: Zeewater is zout.
  • zin: Drinkwater is zoet.








Slide 20 - Tekstslide

 zout en zoet 


  • zin: Er moet wat zout bij de aardappels.
  • zin: Het snoepje is zoet.




Slide 21 - Tekstslide

smaken

Slide 22 - Tekstslide

Van zout water naar zoet water

filmpje 4.21 min.


Slide 23 - Tekstslide

twee ...

Slide 24 - Open vraag

De vogel ... in de lucht.

Slide 25 - Open vraag

de bek van een vogel
A
de snavel
B
de snaavel
C
de navel
D
de snafel

Slide 26 - Quizvraag

De ... vogel is dood, maar ziet er levend uit.

Slide 27 - Open vraag

Wat is het voedsel van vogels?

Slide 28 - Woordweb

De kinderen spelen met ...

Slide 29 - Open vraag

De strook op het strand tot waar het water komt.
A
de schelpen
B
het zeewater
C
het drinkwater
D
de vloedlijn

Slide 30 - Quizvraag

Hoe heet dit dier?
A
de krap
B
de kraab
C
de krab
D
de knap

Slide 31 - Quizvraag

Schrijf een zin met het woord
'het aquarium'.

Slide 32 - Open vraag

Wat is dit?
A
de vis
B
het zeewier
C
de schelp
D
het zand

Slide 33 - Quizvraag

Wat voor dieren zijn dit?
(lidwoord + woord in het meervoud)

Slide 34 - Open vraag

Op het strand liggen veel ...
A
schelpen.
B
shelpen.
C
schelppen.
D
schalpen.

Slide 35 - Quizvraag

Zeewater is ...
A
zuur.
B
zout.
C
zoet.
D
bitter.

Slide 36 - Quizvraag

Drinkwater is ...
A
zuur.
B
zout.
C
zoet.
D
bitter.

Slide 37 - Quizvraag