Steden en burgers 1602-1700 (Geschiedenis vwo), les 2: Examentraining

STEDEN EN BURGERS · 1602-1700

Examentraining

Steden en burgers 1602-1700: zo pak je examenvragen aan

1 / 17
next
Slide 1: Slide
New lesson editorGeschiedenisMiddelbare schoolvwoLeerjaar 4-6

This lesson contains 17 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 45 min
Report this lesson

Introduction

Oefen examenvragen over oorzaken en gevolgen, standplaatsgebondenheid, bruikbaarheid van bronnen en continuïteit en verandering, toegepast op steden en burgers in de Gouden Eeuw.

Items in this lesson

STEDEN EN BURGERS · 1602-1700

Examentraining

Steden en burgers 1602-1700: zo pak je examenvragen aan

Les 2 van 3. Laat leerlingen in tweetallen overleggen bij de open vragen. Image credit: Gerrit Berckheyde / Wikimedia Commons, publiek domein

STEDEN EN BURGERS · 1602-1700

Wat ga je kunnen?

Ik kan examenvragen over steden en burgers in de Gouden Eeuw (1602-1700) beantwoorden met oorzaken, standplaats, bronnen en verandering.

This item has no instructions

STEDEN EN BURGERS · 1602-1700

Zo pak je een examenvraag aan

  • 1. Lees: wat is de vraagstelling en welke bron of situatie krijg je?

  • 2. Zoek: welk begrip of keerpunt (zoals 1648 of 1672) past erbij?

  • 3. Beredeneer: onderbouw met de situatie, benoem het soort oorzaak of de verandering en weeg af in hoeverre de burgerij de ontwikkeling bepaalde

This item has no instructions

STEDEN EN BURGERS · 1602-1700

Vraagtype 1: soorten oorzaken en gevolgen

  • Onderscheid aanleiding en diepere oorzaak, direct en indirect, korte en lange termijn

  • Soorten: politiek-bestuurlijk, sociaaleconomisch en cultureel-mentaal

This item has no instructions

Wat is een oorzaak op lange termijn van het einde van de Gouden Eeuw?

A

Het Rampjaar 1672 zelf

B

Het mercantilisme van Engeland en Frankrijk

C

De bouw van de grachtengordel

D

De gewetensvrijheid van burgers

Het mercantilisme werkte vanaf 1648 geleidelijk door op de handel van de Republiek. Verwachte fout: het Rampjaar 1672; dat luidde het einde in en is eerder een keerpunt dan een oorzaak op lange termijn.

Noem een sociaaleconomische oorzaak van de groei.

Goed: bijvoorbeeld de stapelmarkt, de koopmansbeurs, de tussenhandel of de komst van arbeidsmigranten. Verwachte fout: een politieke gebeurtenis noemen, zoals het Rampjaar; dat is een gevolg uit een andere fase.

STEDEN EN BURGERS · 1602-1700

Vraagtype 2: standplaatsgebondenheid

  • Verklaar gedrag vanuit de kennis en waarden van de mensen toen en daar

  • Let op waardesystemen, oriëntatie, kennis en de positie van de groep

This item has no instructions

Waarom lieten rijke kooplieden stadspaleizen en buitens bouwen?

A

Zij hadden geen andere manier om hun geld te beleggen

B

De stadhouder dwong hen tot het bouwen van die huizen

C

Aanzien kwam in hun tijd met titels en bezit, niet met geld alleen

D

Zij wilden zo de gewetensvrijheid van burgers beschermen

Standplaats: in de zeventiende eeuw gaf adellijk bezit status. Verwachte fout: vanuit nu redeneren dat het alleen om comfort ging.

Waarom trokken veel regenten zich terug uit de handel?

Goed: na 1648 voerden Engeland en Frankrijk mercantilisme en de handel leed daaronder; regenten wilden hun macht en bezit veiligstellen door geld uit te lenen. Verwachte fout: 'omdat ze lui werden', een oordeel van nu.

De bocht van de Herengracht in Amsterdam, Gerrit Berckheyde, 1671-1672

STEDEN EN BURGERS · 1602-1700

Vraagtype 3: bruikbaarheid van bronnen

  • Weeg de betrouwbaarheid af: wie maakte de bron, wanneer en met welk doel?

  • Kijk ook naar representativiteit: is de bron typerend voor de hele groep of periode?

Image credit: Gerrit Berckheyde / Wikimedia Commons, publiek domein

Een Amsterdamse koopman schrijft in 1650 dat iedereen welvarend is. Beperking?

A

Hij spreekt vanuit de rijke bovenlaag, niet namens het gemeen

B

Een bron uit 1650 kan niet over 1650 gaan

C

Kooplieden schrijven nooit over welvaart

D

Een persoonlijke mening heeft nooit bronwaarde

Representativiteit: een rijke koopman spreekt niet voor het gemeen, dat minder profiteerde. Verwachte fout: de bron geheel onbruikbaar verklaren.

Regentenportret in opdracht: beperking?

Goed: de opdrachtgevers wilden zichzelf van hun beste kant laten zien, dus het beeld is niet neutraal. Verwachte fout: zeggen dat schilderijen nooit bruikbaar zijn.

STEDEN EN BURGERS · 1602-1700

Vraagtype 4: continuïteit en verandering

  • Verandering heeft een tempo (snel of langzaam), een duur (kort of lang) en een schaal (klein of groot)

  • Een keerpunt zoals 1648 of 1672 laat een omslag zien

This item has no instructions

Wat veranderde er na 1648 voor de Republiek?

A

De gewetensvrijheid van burgers werd afgeschaft

B

Omringende landen stabiliseerden en voerden mercantilisme

C

De Dertigjarige Oorlog brak opnieuw uit in het Rijk

D

De arbeidsmigranten verlieten de Republiek massaal

Na 1648 stabiliseerde de situatie in de omliggende landen en voerden Engeland en Frankrijk mercantilisme. Verwachte fout: denken dat de interne vrijheden verdwenen.

Waarom is 1672 een keerpunt in de Gouden Eeuw?

Goed: het Rampjaar luidde het einde van de Gouden Eeuw in; daarna namen oligarchisering en buitenlandse investeringen toe en nam Londen de rol van Amsterdam over. Verwachte fout: 1672 als begin van de bloei zien.

Welk vraagtype vind jij het lastigst?

1

Soorten oorzaken en gevolgen

2

Standplaatsgebondenheid

3

Bruikbaarheid van bronnen

4

Continuïteit en verandering

This item has no instructions

STEDEN EN BURGERS · 1602-1700

Tips voor op het examen

  • Noem bij een oorzaak altijd het soort: politiek-bestuurlijk, sociaaleconomisch of cultureel-mentaal

  • Verklaar gedrag vanuit de positie van toen, zonder er nu over te oordelen

  • Bij bronnen: koppel maker, tijd en doel aan de vraag, en denk aan representativiteit

  • Bij de leidende vraag 'in hoeverre': noem wat de burgerij bepaalde en wat daarbuiten viel, zoals het beleid van andere landen

This item has no instructions