6.3 massaverhoudingen

3.4 Massaverhoudingen en de Wet van behoud van massa 
1 / 12
next
Slide 1: Slide
ScheikundeMiddelbare schoolhavoLeerjaar 3

This lesson contains 12 slides, with text slides.

time-iconLesson duration is: 30 min

Items in this lesson

3.4 Massaverhoudingen en de Wet van behoud van massa 

Slide 1 - Slide

leerdoelen
wet van behoud van massa:
-kennen
-kunnen uitleggen
- ermee kunnen rekenen (= toepassen)

massaverhouding van een reactie
- weten dat elke soort reactie zijn eigen massaverhouding heeft
-kunnen uitleggen wat daarmee wordt bedoeld
- ermee kunnen rekenen

Slide 2 - Slide

Wet van behoud van massa
Er kan geen massa verschijnen of verdwijnen.

Slide 3 - Slide

Slide 4 - Slide



Slide 5 - Slide

wet van behoud van massa

aluminium (s)   +  zuurstof (g)   --> aluminiumoxide (s)

9  g              +             ?          =                  17 g

?           +           80 kg           =            170 kg

Slide 6 - Slide

wet van behoud van massa

waterstofchloride (g) + ammoniak (g) ->  salmiak (s)

3,6  mg        +      1,7  mg    ->     ......
7,2  kg     +   ............  kg     ->    10,6  kg

Slide 7 - Slide

stoffen reageren met elkaar in een constante massaverhouding

koolstof (s)   +   zuurstof (g).     ->   koolstofdioxide (g)
3   g           :              8  g       ->                                         


Voor elke soort reactie is de massaverhouding anders!!!!!

Slide 8 - Slide

Slide 9 - Slide

aluminium (s)   + zuurstof (g)  -> aluminiumoxide (s)
9 g                  8 g                                             
Hoeveel gram aluminiumoxide ontstaat er?
Hoeveel gram aluminium reageert er met 40 g zuurstof?

aluminium       +        zuurstof            -> aluminiumoxide 
       9 gram                 8 gram 
                                       40  gram 

Slide 10 - Slide

           ijzer   +    zuurstof -> ijzeroxide
massaverhouding     3,1      :       1                                                       
                                        35 gram 

Hoeveel zuurstof reageert er met 35 gram ijzer?
Hoeveel gram ijzeroxide ontstaat er dan?




Slide 11 - Slide

zelf aan het werk
Maken : opgaven van oefenblad
in je boek vragen : 
vraag 1:  a en b
vraag 3 maken

Slide 12 - Slide