Een goede e-mail schrijven (Nederlands vmbo), les 1: Uitleg

Handen op een laptoptoetsenbord

EXAMENSTOF NEDERLANDS · SCHRIJFVAARDIGHEID · E-MAIL

Een goede e-mail schrijven

Examenstof Nederlands vmbo

1 / 22
next
Slide 1: Slide
New lesson editorNederlandsMiddelbare schoolvmbo g, tLeerjaar 3,4

This lesson contains 22 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 45 min
Report this lesson

Introduction

Uitleg over een goede e-mail of brief schrijven: schrijfdoel, lezerspubliek, formeel en informeel, toon, onderwerpregel, aanhef, alinea's en afsluiting. Met drie voorbeeldmails en 6 checks. Voor schrijfvaardigheid vmbo GT (NE/K/7).

Items in this lesson

Handen op een laptoptoetsenbord

EXAMENSTOF NEDERLANDS · SCHRIJFVAARDIGHEID · E-MAIL

Een goede e-mail schrijven

Examenstof Nederlands vmbo

Les 1 van 3: uitleg. Les 2 is de examentraining, les 3 de terugblik met quiz. Syllabus: NE/K/7 (alleen GT in het CE). Image credit: Fabian Irsara / Wikimedia Commons, CC0

EXAMENSTOF NEDERLANDS · SCHRIJFVAARDIGHEID · E-MAIL

Wat ga je kunnen?

Ik kan een e-mail schrijven die past bij het schrijfdoel en de lezer, met een onderwerpregel, aanhef, alinea's, afsluiting en een passende toon.

This item has no instructions

Aan wie stuur je weleens een mail of bericht? Wat schrijf je dan?

Verwacht: aan vrienden, familie, docenten, een bedrijf of de gemeente. Zet de lezers op het bord en vraag: schrijf je aan iedereen hetzelfde? Zo kom je bij toon en publiek. Veelgemaakte fout: denken dat een mail aan een docent net zo mag klinken als een appje aan een vriend. Schrijfvaardigheid komt in het centraal examen alleen voor bij GT; bij BB en KB is het stof voor het schoolexamen en voor het werk of de stage.

Handen op een laptoptoetsenbord

EXAMENSTOF NEDERLANDS · SCHRIJFVAARDIGHEID · E-MAIL

Wat wil je met je mail?

  • Elke mail heeft een schrijfdoel: wat wil je dat er gebeurt?

  • Je kunt informatie geven of vragen, bijvoorbeeld een nieuw tijdstip doorgeven.

  • Je kunt een mening geven of overtuigen met argumenten.

  • Je kunt iemand tot handelen aanzetten: de lezer moet iets gaan doen.

Syllabus NE/K/7: de teksten brengen het beoogde schrijfdoel tot uitdrukking. Bij de examenopdracht staat het doel er meestal bij. Veelgemaakte fout: beginnen te schrijven zonder te weten wat de lezer moet doen na het lezen. Schrijfvaardigheid komt in het centraal examen alleen voor bij GT; bij BB en KB is het stof voor het schoolexamen en voor het werk of de stage. Image credit: Fabian Irsara / Wikimedia Commons, CC0

EXAMENSTOF NEDERLANDS · SCHRIJFVAARDIGHEID · E-MAIL

Voor wie schrijf je?

  • Het lezerspubliek is de persoon die je mail leest.

  • Aan een vriend of familielid schrijf je informeel, zoals je praat. Dat is je directe omgeving.

  • Aan een school, bedrijf of gemeente schrijf je formeel: netjes, beleefd en met 'u'.

  • Ook aan iemand met een hogere status, zoals een directeur of werkgever, schrijf je formeel.

  • Je toon is hoe je klinkt. Die past bij de lezer.

Syllabus NE/K/7: woordkeuze, toon en zinsbouw zijn afgestemd op het beoogde publiek (directe omgeving, instanties, hogere status). Veelgemaakte fout: alleen op de leeftijd van de lezer letten. Ook de relatie telt: een docent is geen klasgenoot.

EXAMENSTOF NEDERLANDS · SCHRIJFVAARDIGHEID · E-MAIL

Mail 1: aan een vriend

(1) Onderwerp: Zaterdag voetballen?

(2) Hoi Daan, kun jij zaterdag om 10 uur? Dan gaan we met de klas voetballen op het veldje bij school. Geef even door of je meegaat, want we hebben minstens tien spelers nodig.

(3) Groetjes, Sem

Eigen tekst voor Examenstof

Informele mail aan een vriend. Doel: informatie vragen (kun je?) en vragen om door te geven of hij meegaat. Toon: informeel (hoi, je, groetjes).

Wat is het schrijfdoel van mail 1?

A

Een mening geven

B

Overtuigen met argumenten

C

Informatie vragen

D

Een klacht indienen

Sem vraagt of Daan kan en wil dat hij laat weten of hij meegaat. Er staan geen argumenten of meningen in. Verwachte fout: overtuigen, omdat Sem wil dat Daan komt.

Naar wie schrijf je informeel?

A

Naar de directeur van je school

B

Naar een bedrijf waar je stage zoekt

C

Naar een vriend uit je klas

D

Naar de gemeente

Informeel hoort bij je directe omgeving. De andere lezers zijn een hogere status of een instantie.

EXAMENSTOF NEDERLANDS · SCHRIJFVAARDIGHEID · E-MAIL

Onderwerpregel en aanhef

  • De onderwerpregel vertelt in een paar woorden waar de mail over gaat, bijvoorbeeld: Vraag om een stageplek.

  • 'Hallo' of een lege onderwerpregel zegt de lezer niets.

  • De aanhef is de begroeting: 'Geachte mevrouw Bakker,' of 'Beste meneer Visser,'.

  • Ken je de naam niet? Schrijf dan 'Geachte heer/mevrouw,'.

Syllabus NE/K/7: structuur op tekstniveau en conventies van de formele brief en e-mail. Veelgemaakte fout: een formele mail beginnen met 'Hey' of zonder aanhef. Een onderwerpregel van één woord ('Vraagje') is te vaag.

EXAMENSTOF NEDERLANDS · SCHRIJFVAARDIGHEID · E-MAIL

Alinea's en afsluiting

  • Begin met de reden waarom je schrijft. Zet in elke alinea één onderdeel: reden, uitleg of vraag.

  • Zet een witregel tussen de alinea's, dan lees je makkelijker.

  • Zeg aan het eind wat je van de lezer verwacht, bijvoorbeeld: 'Ik hoor graag van u.'

  • De afsluiting is een groet, zoals 'Met vriendelijke groet,', met daaronder je naam.

Syllabus NE/K/7: structuur zowel op tekst- als op alineaniveau. Een mail die uit één lange alinea bestaat, is lastig te lezen. Veelgemaakte fout: de naam vergeten onder de groet.

EXAMENSTOF NEDERLANDS · SCHRIJFVAARDIGHEID · E-MAIL

Mail 2: een stagemail

(1) Aan: Fietsenzaak De Trapper

(2) Onderwerp: hoi

(3) hey, ik wil stage bij jullie. kan dat? ik zit in 3 vmbo en ben goed met fietsen. mail maar terug lol

(4) Mo

Eigen tekst voor Examenstof

Een minder goede formele mail: onderwerpregel zegt niets, aanhef 'hey' en geen naam, jullie en lol (te informeel), geen hoofdletters, geen afsluiting met groet, alleen een voornaam, geen reden of duidelijke vraag.

Welke onderwerpregel past het best bij mail 2?

A

Vraag om een stageplek

B

Vraagje

C

Belangrijk!!! Lees dit

D

Hoi

De onderwerpregel noemt waar de mail over gaat. Verwachte fout: 'Vraagje', want dat klinkt kort maar zegt niets.

Zet de delen van een formele mail op volgorde

1

Aanhef

2

Tekst in alinea's

3

Onderwerpregel

4

Afsluiting met naam

In een mail staat de onderwerpregel bovenaan, dan de aanhef, de tekst en de afsluiting met de naam. Verwachte fout: aanhef voor onderwerpregel.

Een hand drukt toetsen in op een laptop

EXAMENSTOF NEDERLANDS · SCHRIJFVAARDIGHEID · E-MAIL

Woordkeuze en toon

  • Formeel: schrijf 'u' en 'uw', in volledige zinnen, met woorden als 'graag' en 'alvast bedankt'.

  • Informeel mag je 'je' en 'hoi' gebruiken, maar ook dan geen onleesbare afkortingen.

  • Vermijd in een formele mail afkortingen als 'ff', emoji en meerdere uitroeptekens.

  • Schrijf geen bevel ('Mail terug!'), maar een beleefde vraag: 'Kunt u mij laten weten ...?'

Syllabus NE/K/7: woordkeuze, toon en zinsbouw afgestemd op het publiek; op niveau 2F gaat het om standaardformuleringen voor eenvoudige zakelijke brieven. Veelgemaakte fout: beleefd bedoelen maar 'jullie' en 'ff' gebruiken. Image credit: Shixart1985 / Wikimedia Commons, CC BY 2.0

EXAMENSTOF NEDERLANDS · SCHRIJFVAARDIGHEID · E-MAIL

Zinsbouw, spelling en nalezen

  • Schrijf volledige zinnen: hoofdletter aan het begin en een punt of vraagteken aan het eind.

  • Namen, zoals Bakker, Utrecht en De Trapper, krijgen een hoofdletter.

  • Let op spelling en interpunctie: punten, komma's en vraagtekens.

  • Lees je mail voor het versturen één keer na, ook de naam van de ontvanger.

Syllabus NE/K/7: de teksten voldoen aan eisen op het gebied van spelling, interpunctie, grammaticaliteit en uiterlijke verzorging. Laat leerlingen mail 2 op die punten nakijken.

EXAMENSTOF NEDERLANDS · SCHRIJFVAARDIGHEID · E-MAIL

Mail 3: een nette mail

(1) Onderwerp: Vraag om een stageplek

(2) Geachte mevrouw Dekker,

(3) Ik ben Mo Yilmaz, leerling van klas 3 vmbo. Ik zoek een stageplek van vier weken en ik werk graag met fietsen. Daarom schrijf ik u.

(4) Kunt u mij laten weten of er bij Fietsenzaak De Trapper plek is? Dan stuur ik u mijn cv.

(5) Alvast bedankt voor uw reactie.

(6) Met vriendelijke groet,

(7) Mo Yilmaz

Eigen tekst voor Examenstof

Dezelfde schrijver als mail 2, nu formeel: duidelijke onderwerpregel, aanhef met naam, reden, beleefde vraag, afsluiting met volledige naam.

Welke zin past in een formele mail?

A

Kun je mij laten weten of dit lukt?

B

Mail snel terug, want ik heb haast!

C

Laat ff weten of het kan, dankjewel.

D

Kunt u mij laten weten of dit lukt?

Formeel: 'u', een beleefde vraag en geen afkortingen. Verwachte fout: de eerste afleider, omdat 'je' beleefd klinkt maar informeel is.

Noem twee dingen die in mail 3 beter zijn dan in mail 2.

Modelantwoord (2 punten, elk 1): bijvoorbeeld een duidelijke onderwerpregel, een aanhef met naam, een reden voor de mail, 'u' in plaats van 'jullie', een beleefde vraag, een afsluiting met groet en volledige naam, hoofdletters en punten. Verwachte fout: 'de mail is langer', zonder uit te leggen wat er beter is.

Wat vind jij het lastigst aan een mail schrijven?

1

De juiste toon kiezen

2

Een goede onderwerpregel bedenken

3

De opbouw in alinea's

4

Spelling en interpunctie

Bespreek de uitkomst en neem het lastigste onderdeel extra mee in de training.

Onderwerpregel bij een gemiste toets?

Verwacht een korte, duidelijke regel, bijvoorbeeld 'Gemiste toets Nederlands vanwege ziekte' of 'Vraag om een nieuwe toetsdatum'. Fout: 'Vraagje' of 'Hallo'.

EXAMENSTOF NEDERLANDS · SCHRIJFVAARDIGHEID · E-MAIL

Begrippen (1/2)

  • schrijfdoel: wat je met je tekst wilt bereiken

  • lezerspubliek: de persoon of groep die je tekst leest

  • formeel: netjes en beleefd, met 'u', voor instanties en mensen met een hogere status

  • informeel: zoals je praat, met 'je' en 'hoi', voor vrienden en familie

  • toon: hoe je tekst klinkt, bijvoorbeeld beleefd, vriendelijk of boos

This item has no instructions

EXAMENSTOF NEDERLANDS · SCHRIJFVAARDIGHEID · E-MAIL

Begrippen (2/2)

  • onderwerpregel: korte regel die zegt waar de mail over gaat

  • aanhef: de begroeting aan het begin, zoals 'Geachte mevrouw Bakker,'

  • alinea: een stukje tekst over één onderdeel, met een witregel erna

  • afsluiting: de groet aan het eind met je naam, zoals 'Met vriendelijke groet,'

This item has no instructions