EEN GOEDE
START VOOR DE KLAS
EEN GOEDE
START VOOR DE KLAS
This item has no instructions
6 ROLLEN VAN DE DOCENT NLP-communicatiemodel
Het NLP (Neuro-Linguïstisch Programmeren) communicatiemodel :
verklaart hoe jij de werkelijkheid niet objectief ervaart, maar filtert op basis van je persoonlijke achtergrond. Hierdoor ontstaat een subjectieve 'kaart' van de wereld die je gedachten, gevoelens en gedrag stuurt.
1. Prikkels van buitenaf
In elke seconde komen er miljoenen zintuiglijke prikkels (zien, horen, voelen, ruiken, proeven) op je af. Je zintuigen vangen deze op.
2. De filters
Je onbewuste kan de enorme hoeveelheid data niet allemaal tegelijk verwerken. Je brein filtert de informatie op drie manieren:
Weglating: Je negeert bepaalde prikkels en neemt ze simpelweg niet bewust waar.
Vervorming: Je past de informatie aan zodat het klopt met wat je al verwacht of denkt.
Generalisatie: Je trekt algemene conclusies uit specifieke situaties.
Deze filters worden gevormd door jouw unieke mentale programmering, zoals:
Je normen, waarden en overtuigingen.
Eerdere herinneringen en ervaringen.
Je metaprogramma’s (vaste denk- en gedragspatronen)
3. Interne representatie en fysiologie
De gefilterde informatie vormt een interne representatie (een film in je hoofd, inclusief interne dialoog). Dit zorgt direct voor een bepaalde fysieke reactie (fysiologie), zoals een verandering in je ademhaling of spierspanning.
4. Gevoel en Gedrag
De combinatie van je interne representatie en fysiologie leidt tot een emotie (stemming). Vanuit deze stemming volgt uiteindelijk jouw concrete gedrag of reactie op de buitenwereld.
Waarom is dit model nuttig?
Het verklaart waarom verschillende mensen dezelfde gebeurtenis compleet anders kunnen interpreteren.
Invloed op eigen gedrag: Omdat je gedrag voortkomt uit jouw eigen filters en interne representaties, kun je dit bewust veranderen. Door anders naar een situatie te kijken (je filters of denkpatronen aan te passen), verander je automatisch je gevoel en je communicatie.
This item has no instructions
6 ROLLEN VAN DE DOCENT NLP-communicatiemodel
This item has no instructions
Wat is de rol als pedagoog?
De rol van pedagoog is belangrijk tijdens de hele les en komt dan ook terug in alle andere rollen van docent. Als pedagoog creëer je een veilig leer- en leefklimaat voor je leerlingen, geef je positieve feedback en corrigeer je ongewenst gedrag op passende wijze.
Veilig klimaat heeft twee aspecten:
1. Het leerklimaat, de factoren in de omgeving die het leren bevorderen.
2. Het leefklimaat, de factoren in de omgeving die een prettige en respectvolle omgang met elkaar bevorderen.
6 ROLLEN VAN DE DOCENT-Pedagoog
bekijk het fragment 4 min-16 min laat iedereen van te voren een kopje koffie pakken en het fragment kikken opschrijven wat ze zien
gevaar
uitdaging
thuis
Pedagoog in het klaslokaal en klassenmanagement
Veilig klimaat heeft twee aspecten:
1. Het leerklimaat, de factoren in de omgeving die het leren bevorderen.
2. Het leefklimaat, de factoren in de omgeving die een prettige en respectvolle omgang met elkaar bevorderen.
Een veilig klimaat creëren en bewaken is complex.
Elke seconde van de les neem je een beslissing waar reageer je wel op en waar niet, maar vooral hoe reageer je? Om effectief te zijn als pedagoog is het GUT model ontwikkeld.
GUT staat voor: gevaar, uitdaging en thuis.
KLAS
LOKAAL
6 ROLLEN VAN DE DOCENT-Pedagoog
This item has no instructions
Wees professioneel – Blijf jezelf, maar handel altijd als docent.
Maak contact – Bouw een goede relatie op met je leerlingen.
Werk met vaste patronen – Zorg voor structuur en voorspelbaarheid.
Houd leerlingen bezig – Zorg dat iedereen actief aan het werk is.
Eigen regels eerst – Maak duidelijke klassenregels en handhaaf die.
Pak kleine problemen direct aan – Voorkom dat kleine overtredingen groter worden.
Wil je het gedrag niet terugzien? Grijp meteen in – Corrigeer ongewenst gedrag direct.
Wees de spil in de communicatie – Houd overzicht en zorg dat communicatie via jou verloopt.
Van regel naar routine – Herhaal regels totdat gewenst gedrag een gewoonte wordt.
Werkt iets niet? Doe iets anders – Pas je aanpak aan als deze niet effectief is.
Klassenmanagement
Denk na over:
Wees consequent
Spreek verwachtingen uit
Wees voorspelbaar
Jassen- tassen- telefoon
Eten & drinken in de klas
Welke materialen op tafel
Huiswerk
Nablijven
This item has no instructions
Z1 – Zelf leren werken:
De leerling leert eenvoudige taken uitvoeren, zich aan afspraken houden en geconcentreerd werken. De leerkracht geeft veel begeleiding.
Z2 – Zelfstandig leren werken:
De leerling kan zelfstandig aan opdrachten werken, zijn werk plannen en hulp vragen wanneer dat nodig is. De leerkracht begeleidt op afstand.
Z3 – Zelfstandig leren leren:
De leerling leert hoe hij het beste kan leren. Hij denkt na over leerstrategieën, reflecteert op zijn aanpak en stuurt zijn eigen leerproces steeds meer bij.
Z4 – Zelfverantwoordelijk leren:
De leerling neemt verantwoordelijkheid voor zijn eigen leerproces. Hij stelt doelen, maakt keuzes, plant zijn werk, evalueert zijn resultaten en is eigenaar van zijn leren.
Klassenmanagement
zelfstandigheids-ontwikkeling
Z1: leren werken.
Z2: leren zelfstandig werken.
Z3: leren hoe je leert.
Z4: zelf verantwoordelijkheid nemen voor je eigen leren.
This item has no instructions
Verharding: Standpunten botsen
Debat & discussie: Polariseren begint.
Daden in plaats van woorden: Onderlinge communicatie stokt.
Imago & coalities: Men zoekt medestanders.
Gezichtsverlies: Er is wantrouwen ontstaan.
Dreigstrategieën: Ultimata worden gesteld.
Beperkte vernietigingsslagen: De tegenstander moet worden uitgeschakeld.
Samen de afgrond in: het conflict is onbeheersbaar
Totale vernietiging van de ander: zelfs ten koste van jezelf.
klassenmanagement
This item has no instructions
This item has no instructions
This item has no instructions
Zorg dat je ruim van te voren de eerste dagen op school bent.
Zorg voor een horloge niet overal hangt een klok of kan je op je telefoon kijken hoe laat het is.
Maak je lessen altijd minimaal een week van te voren.
Zorg voor een plan B.
Het boek is het middel niet het doel.
Vraag andere naar toets en lessen die ze hebben.
Neem geen andere taken aan. Ook niet als je het leuk vindt. Of ze passen bij je vorige functie en geven je voldoening.
Maak plattegronden van je klassen.
Maak een multomap of boekje met voor elke klas een tabblad. Schrijf hier zaken op die in de klas gebeuren. Of die je moet onthouden. Doe hier ook een print van je plattegrond in.
Denk na welke info je met leerlingen wilt delen over jezelf. Ook op sociaal media. (Staan je sociale netwerken op prive?)
Lees het schoolplan en de leerlingengids alvast door.
Vraag wie je schoolopleider en werkplekbegeleider zijn. Gebruik deze als vraagbaak
Vraag een lijst met afkortingen en belangrijke telefoonnummers.
Zorg dat je kan inloggen in alle systemen.
Hoe zit het met lestijden en roosters? Is er een verschil tussen onder en bovenbouw
Denk na over wat je aan doet.
koop tas waar veel in past.
WAT JE ALTIJD AL HAD WILLEN WETEN
This item has no instructions
DENK GROOT
NEEM KLEINE STAPPEN
JE BENT
ZO GOED ALS JE
BESTE LES
AFSLUIITNG
This item has no instructions