Gesprekken

Gesprekken voeren

1 / 15
next
Slide 1: Slide
New lesson editorKokMBOStudiejaar 3

This lesson contains 15 slides, with interactive quiz and text slides.

time-iconLesson duration is: 60 min
Report this lesson

Items in this lesson

Gesprekken voeren

Gesprekken

* Werkoverleg (voor- en nabespreking)

* Functioneringsgesprek

* Beoordelingsgesprek


Gesprekstechnieken

* STARRT-methode

* Conflicthantering

* LSD


Werkoverleg (voorbespreking)

  • Opdracht geven (meest basale vorm van werkoverleg)

  • Hoe weet je of je resultaat bereikt met het geven van de opdracht?

  • Wat moet gebeuren?

  • Hoe moet het gebeuren?

  • Wanneer moet het gebeuren?

  • Controleert of de opdracht is begrepen

Formeel en informeel werkoverleg

Om een overleg te laten slagen is het belangrijk dat alle deelnemers actief betrokken zijn bij het overleg. Actieve deelnemers:


* Hebben invloed op de agenda van het overleg

* Krijgen ruimte om meningen en standpunten naar voren te brengen

* Mogen vragen stellen en suggesties doen

* Kunnen meebeslissen over afspraken die gemaakt worden



Gesprekstechnieken - LSD

Tijdens overlegsituaties maak je gebruik van verschillende gesprekstechnieken, zodat je een gesprek beter kunt laten verlopen en de ander beter begrijpt.

L = luisteren

S = samenvatten

D = doorvragen

F = feedback geven (feedback moet beschrijvend en concreet zijn)

F = feedback ontvangen (feedback kan waardevolle informatie zijn)

Tell and sell / Tell and listen

Tell and sell: Jij geeft aan wat vindt dat er moet gebeuren. Je probeert de ander hierbij te overtuigen van jouw visie en aanpak. Je doet dit in situaties waarin jij het besluit al hebt genomen en hier niet meer van afgeweken kan worden. 


Tell and listen: Je geeft eerst je eigen mening, daarna geef je de ander de gelegenheid hierop te reageren. Deze techniek zet je in als je graag de mening van de ander meeweegt in je besluiten. Je nodigt de ander ermee uit om mee te denken

Problem solving

Een gesprekstechniek die je toepast om het probleem op te lossen. Je kijkt hierbij niet naar het verleden, maar naar de toekomst. Problem solving bestaat uit een aantal stappen. 


* Eerste stappen zijn erop gericht om het probleem vast te stellen. 

* Vervolgstappen hebben tot doel oplossingen aan te dragen. 

* Tot slot ga je een oplossing toepassen

STARRT-methode

STARRT-methode is een gesprekstechniek die je in kunt zetten voor evaluatie. Je kijkt terug op een periode in het verleden. 


Je doet dit bijvoorbeeld in een functioneringsgesprek, om het functioneren van een medewerker in de afgelopen periode te evalueren. Met de STARRT-methode krijg je in een relatief korte tijd een compleet beeld van een persoon of een gebeurtenis

STARRT-methode

Wat is een conflict?

Conflicthantering

Conflict = verschil van mening


  • Wat zijn oorzaken van conflicten?

  • Tegengestelde belangen 

  • Bereiken van doelen (medewerkers of afdeling heeft eigen doelen)

  • Verdeling van middelen (één groep wel pauze, andere niet)

  • Onderlinge relaties

Conflict door onderlinge relaties

Ook wanneer relaties tussen werknemers onderling zijn verstoord ontstaan conflicten. Een conflict dat voortkomt uit onderlinge relaties heeft vijf kenmerken: 

  • Verschil in behoefte, inzicht of gevoel

  • Gebrek aan begrip

  • Negatieve emoties 

  • Verstoorde communicatie 

  • Polarisatie (recht tegenover elkaar staan, koppigheid)

Motivatie

Motivatie = de drijfveer

Intrinsieke motivatie --> motivatie komt vanuit de persoon zelf

Extrinsieke motivatie -->  motivatie door een externe prikkel


Waar heb je als leidinggevende de meeste invloed op?

Jij gaat zometeen een leerling begeleiden bij het maken van het gerecht.


Maak een stappenplan voor jezelf.

Waar ga je op letten, welke van de besproken

technieken ga je toepassen?

Wat ga je doen om de leerling te motiveren, bij te sturen, coachen, feedback geven, laten reflecteren?