H1.1 Grafieken en vergelijkingen (K) / Diagrammen (b)

Vandaag

  • Leg je boek (+schrift) klaar. Pen/potlood. 

  • GEEN TASSEN OF ANDERE SPULLEN OP TAFEL.

timer
1:30
1 / 41
next
Slide 1: Slide
WiskundeMiddelbare schoolvmbo b, kLeerjaar 4

This lesson contains 41 slides, with text slides.

time-iconLesson duration is: 50 min
Report this lesson

Items in this lesson

Vandaag

  • Leg je boek (+schrift) klaar. Pen/potlood. 

  • GEEN TASSEN OF ANDERE SPULLEN OP TAFEL.

timer
1:30

Slide 1 - Slide

Bijpraten

Slide 2 - Slide

Regels 

We hebben respect voor elkaar
We zijn behulpzaam
We werken hard

Slide 3 - Slide

H1

Slide 4 - Slide

Vandaag

H1.1 Diagrammen (basis)
H1.1 Grafieken en vergelijkingen (kader)

Slide 5 - Slide

H1
  • Kader: 
Blz t/m 
Opdracht  t/m 

  • Basis:
Blz t/m 
Opdracht  t/m 

Slide 6 - Slide

Leerdoelen(b)

  • Ik weet hoe ik reken met een cirkeldiagram.
  • Ik weet hoe ik verschillende diagrammen aflees.

Slide 7 - Slide

Aan 40 leerlingen is gevraagd wat hun favoriete fruit is.
Leerdoel: Ik weet hoe ik reken met een cirkeldiagram.

Slide 8 - Slide

Aan 40 leerlingen is gevraagd wat hun favoriete fruit is.

Het cirkeldiagram bestaat uit ... sectoren.
Leerdoel: Ik weet hoe ik reken met een cirkeldiagram.

Slide 9 - Slide

Aan 40 leerlingen is gevraagd wat hun favoriete fruit is.

Hoeveel procent van de leerlingen heeft de kiwi als favoriete fruit?
Leerdoel: Ik weet hoe ik reken met een cirkeldiagram.

Slide 10 - Slide

Aan 40 leerlingen is gevraagd wat hun favoriete fruit is.
Door hoeveel leerlingen is de banaan als favoriete fruit gekozen?
Leerdoel: Ik weet hoe ik reken met een cirkeldiagram.

Slide 11 - Slide

Cirkeldiagram
In een cirkeldiagram worden delen vaak in procenten gegeven. 

In een cirkeldiagram zijn de delen samen 100%.
Leerdoel: Ik weet hoe ik reken met een cirkeldiagram.

Slide 12 - Slide

Cirkeldiagram
Aan 400 leerlingen is gevraagd welke sport zij het liefst beoefenen.

Hoeveel leerlingen spelen het liefst hockey?
Leerdoel: Ik weet hoe ik reken met een cirkeldiagram.

Slide 13 - Slide

Cirkeldiagram
Aan 400 leerlingen is gevraagd welke sport zij het liefst beoefenen.
Hoeveel leerlingen spelen het liefst hockey?

Stap:
1. Percentage van sector berekenen.
Leerdoel: Ik weet hoe ik reken met een cirkeldiagram.

Slide 14 - Slide

Cirkeldiagram
Aan 400 leerlingen is gevraagd welke sport zij het liefst beoefenen.
Hoeveel leerlingen spelen het liefst hockey?

Stap:
1. Percentage van sector berekenen.
100%-37%-25%-12%-18% = 8%
Leerdoel: Ik weet hoe ik reken met een cirkeldiagram.

Slide 15 - Slide

Cirkeldiagram
Aan 400 leerlingen is gevraagd welke sport zij het liefst beoefenen.
Hoeveel leerlingen spelen het liefst hockey?

Stap:
1. Percentage van sector berekenen.
2. Verhoudingstabel invullen.
Leerdoel: Ik weet hoe ik reken met een cirkeldiagram.

Slide 16 - Slide

Cirkeldiagram
Aan 400 leerlingen is gevraagd welke sport zij het liefst beoefenen.
Hoeveel leerlingen spelen het liefst hockey?

Stap:
1. Percentage van sector berekenen.
2. Verhoudingstabel invullen.
3. Conclusie schrijven
Leerdoel: Ik weet hoe ik reken met een cirkeldiagram.

Slide 17 - Slide

Cirkeldiagram
Aan 400 leerlingen is gevraagd welke sport zij het liefst beoefenen.
Hoeveel leerlingen rijden het liefst paard?

Stap:
1. Percentage van sector berekenen.
2. Verhoudingstabel invullen.
3. Conclusie schrijven
Leerdoel: Ik weet hoe ik reken met een cirkeldiagram.

Slide 18 - Slide

Cirkeldiagram

Welke diagrammen kennen jullie nog meer?
Leerdoel: Ik weet hoe ik verschillende diagrammen aflees.


Slide 19 - Slide

Beelddiagram 

In een beelddiagram geef je aantallen weer met afbeeldingen. 

Leerdoel: Ik weet hoe ik verschillende diagrammen aflees.


Slide 20 - Slide

Staafdiagram

In een staafdiagram gebruik je staven.
Leerdoel: Ik weet hoe ik verschillende diagrammen aflees.


Slide 21 - Slide

Lijndiagram

Bij gebruik van een lijn noem je het een lijndiagram.
Leerdoel: Ik weet hoe ik verschillende diagrammen aflees.

Slide 22 - Slide

Aan de slag

Basis:
Blz 10 t/m 13
Opdracht 3 t/m 7
timer
20:00

Slide 23 - Slide

Leerdoelen (k)

  • Ik weet hoe ik met een lineair verband werk.
  • Ik weet hoe ik de symmetrie van kwadratische verbanden kan maken. 

Slide 24 - Slide

In de grafiek zie je hoeveel liter benzine er nog in de tank van een auto zit na een aantal kilometer rijden.
Leerdoel: Ik weet hoe ik met een lineair verband werk.


Slide 25 - Slide

In de grafiek zie je hoeveel liter benzine er nog in de tank van een auto zit na een aantal kilometer rijden.
Leerdoel: Ik weet hoe ik met een lineair verband werk.


Slide 26 - Slide

In de grafiek zie je hoeveel liter benzine er nog in de tank van een auto zit na een aantal kilometer rijden.

Per 200 km neemt het aantal liters met ...... af.
Leerdoel: Ik weet hoe ik met een lineair verband werk.

Slide 27 - Slide

In de grafiek zie je hoeveel liter benzine er nog in de tank van een auto zit na een aantal kilometer rijden.

Het hellingsgetal is ....
Leerdoel: Ik weet hoe ik met een lineair verband werk.


Slide 28 - Slide

Lineair verband
Bij een lineair verband hoort een lineaire formule.

De formule heeft de vorm:



De grafiek van een lineaire formule is een rechte lijn. 

Leerdoel: Ik weet hoe ik met een lineair verband werk.


Slide 29 - Slide

In de grafiek zie je hoeveel liter benzine er nog in de tank van een auto zit na een aantal kilometer rijden.

Schrijf de lineaire formule bij de tabel op. Gebruik 'K' voor aantal gereden kilometers en  voor 'L' het aantal liters benzine in de tank.
Leerdoel: Ik weet hoe ik met een lineair verband werk.


Slide 30 - Slide

Schrijf de lineaire formule bij de tabel op. Gebruik 'K' voor aantal gereden kilometers en voor 'L' het aantal liters benzine in de tank.
Stap:
1. Wat bereken je? 

Leerdoel: Ik weet hoe ik met een lineair verband werk.


Slide 31 - Slide

Schrijf de lineaire formule bij de tabel op. Gebruik 'K' voor aantal gereden kilometers en voor 'L' het aantal liters benzine in de tank.
Stap:
1. Wat bereken je?
2. Startgetal noteren.

Leerdoel: Ik weet hoe ik met een lineair verband werk.


Slide 32 - Slide

Schrijf de lineaire formule bij de tabel op. Gebruik 'K' voor aantal gereden kilometers en voor 'L' het aantal liters benzine in de tank.
Stap:
1. Wat bereken je?
2. Startgetal noteren.
3. Hellingsgetalen x (letter)
Leerdoel: Ik weet hoe ik met een lineair verband werk.


Slide 33 - Slide

Hellingsgetal 

Als bij een lineair verband de stapgrootte op de horizontale as of in de bovenste rij van een tabel niet 1 is, moet je het hellingsgetal berekenen. 


Leerdoel: Ik weet hoe ik met een lineair verband werk.


Slide 34 - Slide

Hellingsgetal 
Je kunt dan een tabel gebruiken en het hellingsgetal met een deling berekenen.


Leerdoel: Ik weet hoe ik met een lineair verband werk.


Slide 35 - Slide

Hellingsgetal 





Het hellingsgetal is 10 : 40 = 0,25

Wat is het startgetal?

Leerdoel: Ik weet hoe ik met een lineair verband werk.

Slide 36 - Slide

Hellingsgetal 





Het hellingsgetal is 10 : 40 = 0,25
Wat is het startgetal? 5

Wat is de formule?
Leerdoel: Ik weet hoe ik met een lineair verband werk.

Slide 37 - Slide

Hellingsgetal 
Het hellingsgetal is 10 : 40 = 0,25
Wat is het startgetal? 5
Wat is de formule?

Y = 5 + 0,25x
of 
Y = 0,25x + 5
Leerdoel: Ik weet hoe ik met een lineair verband werk.


Slide 38 - Slide

Symmetrie
De grafiek van een kwadratisch verband is symmetrisch. 

Je kunt gebruikmaken van de symmetrie om tabellen verder in te vullen en/of de grafiek te tekenen.
Leerdoel: Ik weet hoe ik de symmetrie van kwadratische verbanden kan maken. 

Slide 39 - Slide

Symmetrie
De grafiek van een kwadratisch verband is symmetrisch. 

Je kunt gebruikmaken van de symmetrie om tabellen verder in te vullen en/of de grafiek te tekenen.
Leerdoel: Ik weet hoe ik de symmetrie van kwadratische verbanden kan maken. 

Slide 40 - Slide

Aan de slag
Kader:
Blz 10 t/m 12
Opdracht 2 t/m 5

Basis:
Blz 10 t/m 13
Opdracht 3 t/m 7



timer
20:00

Slide 41 - Slide