What is LessonUp
Lesson library
Channels
AI tools
Log in
Start for free
‹
Return to search
Concentratie, voorschrift of voorraad
Concentratie, voorschrift of voorraad
1 / 25
next
Slide 1:
Slide
Rekenen
MBO
Studiejaar 2
This lesson contains
25 slides
, with
interactive quizzes
and
text slides
.
Lesson duration is:
5 min
Start lesson
Save
Share
Print lesson
Report this lesson
Items in this lesson
Concentratie, voorschrift of voorraad
Slide 1 - Slide
Hoe zat het ook alweer?
Je hebt in voorraad een flacon van 15ml.
Je hebt in voorraad tabletten van 500 mg
Je hebt in voorraad een flacon van 30 mg/ml.
Slide 2 - Slide
Je hebt in een ampul van 2 ml amoxicilline.
A
Voorschrift
B
Concentratie
C
Voorraad
Slide 3 - Quiz
Je hebt een ampul met 100 IE/ml insuline.
A
Voorschrift
B
Concentratie
C
Voorraad
Slide 4 - Quiz
In het dossier staat dat de zorgvrager 10.000 IE medicijn moet krijgen
A
Voorschrift
B
Concentratie
C
Voorraad
Slide 5 - Quiz
Je collega heeft een flacon met 20 ml Pethidine.
A
Voorschrift
B
Concentratie
C
Voorraad
Slide 6 - Quiz
Op het ampul staat 10 mg/ml Pethidine.
A
Voorschrift
B
Concentratie
C
Voorraad
Slide 7 - Quiz
De zorgvrager krijgt 3 x per dag 40 mg Gentamicine.
A
Voorschrift
B
Concentratie
C
Voorraad
Slide 8 - Quiz
Je hebt nog 10 Furosemide tabletten op je karretje liggen.
A
Voorschrift
B
Concentratie
C
Voorraad
Slide 9 - Quiz
Je hebt een voorraad tabletten met 20 mg Furosemide op je karretje liggen.
A
Voorschrift
B
Concentratie
C
Voorraad
Slide 10 - Quiz
Meneer Dreutel moet 40 IE medicijn per keer krijgen.
A
Voorschrift
B
Concentratie
C
Voorraad
Slide 11 - Quiz
Op de flacon Furosemide van jouw zorgvrager 15 ml staat 10 mg/ml
A
Voorschrift
B
Concentratie
C
Voorraad
Slide 12 - Quiz
Ik weet nu het verschil tussen voorschrift, voorraad een concentratie?
A
Ja
B
Nee
C
beetje
D
weet niet
Slide 13 - Quiz
Hoeveel tabletten geef ik?
Hoeveel milliliters geef ik?
Welke informatie heb je nodig?
1. Wat is de concentratie van het medicijn (C= aanwezig mg of IE)
2. Wat heeft de zorgvrager nodig in mg of IE (V = voorschrift)
Slide 14 - Slide
Slide 15 - Slide
Slide 16 - Slide
1. Je hebt in voorraad Furosemide tabletten van 20 mg.
Meneer moet 50 mg. medicijn krijgen.
mg., hoeveel tabletten geef je?
Slide 17 - Open question
Meneer moet 75 mg. medicijn krijgen.
Je hebt in voorraad een ampul van 5 ml. In de ampul zit 30mg/2ml medicijn.
Meneer heeft 60 mg. nodig, hoeveel ml. geef je?
Slide 18 - Open question
In een ampul medicijn van 5 ml. zitten 50.000 IE. Mevrouw krijgt 15.000 IE voorgeschreven, hoeveel ml. dien je toe?
Slide 19 - Open question
Druppels
Slide 20 - Slide
Slide 21 - Slide
Slide 22 - Slide
Maken werkblad druppels
Slide 23 - Slide
Slide 24 - Slide
Slide 25 - Slide
More lessons like this
Rekenen met concentraties (Scheikunde havo), les 2: Examentraining
22 hours ago
-
17 slides
New lesson editor
Scheikunde
Middelbare school
havo
Leerjaar 4,5
Examenstof
Rekenen met concentraties (Scheikunde havo), les 3: Terugblik quiz
22 hours ago
-
14 slides
New lesson editor
Scheikunde
Middelbare school
havo
Leerjaar 4,5
Examenstof
Rekenen met concentraties (Scheikunde vwo), les 2: Examentraining
5 hours ago
-
17 slides
New lesson editor
Scheikunde
Middelbare school
vwo
Leerjaar 4-6
Examenstof
Rekenen met concentraties (Scheikunde vwo), les 1: Uitleg
5 hours ago
-
22 slides
New lesson editor
Scheikunde
Middelbare school
vwo
Leerjaar 4-6
Examenstof
1.5 transport door membranen
July 2025
-
32 slides
Biologie
Middelbare school
havo
Leerjaar 4
11.1 Je lichaam en je voedsel
July 2025
-
27 slides
Biologie
Middelbare school
vwo
Leerjaar 5
10.1 Je lichaam en je voedsel
November 2022
-
26 slides
Biologie
Middelbare school
vwo
Leerjaar 5
6.3 Verteringsenzymen dl1
July 2025
-
34 slides
Biologie
Middelbare school
havo
Leerjaar 4