Les 05 - Vijf begrippen van geluid

Les 5 - vijf begrippenvan geluid
Bekijk het filmpje en maak daarna het testje
1 / 20
next
Slide 1: Slide
NatuurkundeMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 2

This lesson contains 20 slides, with interactive quizzes, text slides and 1 video.

time-iconLesson duration is: 15 min

Items in this lesson

Les 5 - vijf begrippenvan geluid
Bekijk het filmpje en maak daarna het testje

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Slide 2 - Video

This item has no instructions

Wat is frequentie?
A
De tijd die nodig is voor 1 trilling
B
Aantal trillingen in beeld
C
Hoogte van een trilling
D
Aantal trillingen per seconde

Slide 3 - Quiz

This item has no instructions

Frequentie van geluid =
A
Toonhoogte van geluid
B
Hardheid van geluid

Slide 4 - Quiz

This item has no instructions

frequentie is een:
A
eenheid
B
grootheid

Slide 5 - Quiz

This item has no instructions

De trillingstijd is:
A
De tijd tussen trillingen in (in Hz)
B
De tijd van 1 trilling (in s)
C
Het aantal trillingen per seconde (in s)
D
Het aantal trillingen per seconde (in Hz)

Slide 6 - Quiz

This item has no instructions

Wat is het symbool van de trillingstijd
A
s
B
T
C
t
D
Hz

Slide 7 - Quiz

This item has no instructions

Wat doet een oscilloscoop?
A
geluid opnemen
B
geluidssterkte meten
C
toonhoogtes vergelijken
D
trillingen zichtbaar maken

Slide 8 - Quiz

This item has no instructions

Wat moet er op de puntjes komen te staan:

De amplitude is de ……….. (1) afstand tot de evenwichtsstand.
Hoe ……….. (2) de amplitude, hoe zachter het geluid (volume).
A
1: Minimale 2: Kleiner
B
1: Maximale 2: Kleiner
C
1: Minimale 2: Groter
D
1: Maximale 2: Groter

Slide 9 - Quiz

This item has no instructions

Als de amplitude groot is, is de toon die je hoort...
A
hoog
B
laag
C
hard
D
zacht

Slide 10 - Quiz

This item has no instructions

Als de frequentie groot is, is de toon die je hoort...
A
hoog
B
laag
C
hard
D
zacht

Slide 11 - Quiz

This item has no instructions

Als de trillingstijd groot is, is de toon die je hoort...
A
hoog
B
laag
C
hard
D
zacht

Slide 12 - Quiz

This item has no instructions

Kobus en Marietje maken met een
toongenerator twee tonen achter elkaar.
Ze laten de toon zichtbaar met een
oscilloscoop. Ze veranderen niets aan de
instellingen van de oscilloscoop.
De beelden van de oscilloscoop zie je hier:
Welke toon is het hoogst?
A
Toon 1 is het hoogst
B
Toon 2 is het hoogst
C
Ze zijn allebei ongeveer evenhoog
D
Dat kun je niet zien met een oscilloscoop

Slide 13 - Quiz

This item has no instructions

Kobus en Marietje maken met een
toongenerator twee tonen achter elkaar.
Ze laten de toon zichtbaar met een
oscilloscoop. Ze veranderen niets aan de
instellingen van de oscilloscoop.
De beelden van de oscilloscoop zie je hier:
Welke toon is het zachtst?
A
Toon 1 is het zachtst
B
Toon 2 is het zachtst
C
Ze zijn allebei ongeveer even hard
D
Dat kun je niet zien met een oscilloscoop

Slide 14 - Quiz

This item has no instructions

Koppel het juiste woord aan de juiste uitleg van het begrip.
Apparaat om trillingen te laten zien.
De middenstand van een trilling.
De maximale afstand tot de evenwichtsstand.
Het aantal trillingen in 1 sec = aantal Hertz (Hz).
De duur van 1 trilling in seconde.
Oscilloscoop
Evenwichtsstand
Amplitude (A)
Frequentie (f)
Trillingstijd (T)

Slide 15 - Drag question

This item has no instructions

Amplitude zegt wat over de:
Frequentie zegt wat over de:
Geluidssterkte meten we in: 
Frequentie meten we in:
Amplitude
Trillingstijd
Hertz
Decibel
Toonhoogte
Geluidssterkte

Slide 16 - Drag question

De amplitude is de hoogte van de trilling en zegt iets over hoe hard het geluid is (geluidssterkte). Dit wordt gemeten in decibel. 
De trillingstijd is de tijd van één trilling, hoe groter de trillingstijd, hoe kleiner de frequentie. 
Frequentie geeft informatie over de toonhoogte (hoe groter, hoe hoger) en wordt gemeten in Hertz. 
Verdieping:
Maak een foto van een trillend voorwerp (dat geluid maakt)

Slide 17 - Open question

This item has no instructions

Verdieping:
Hoe wordt geluid in een speaker omgezet van een elektrisch signaal in een geluidsgolf.
In een microfoon gebeurd precies het omgekeerde.

Slide 18 - Open question

This item has no instructions

Einde van les 5
Je kunt nu:
  • Uitleggen wat een oscillopscoop is en wat hij doet;
  • Uitleggen wat de evenwichtstoestand is;
  • Uitleggen wat een trilling is;
  • Uitleggen wat de frequentie (f) is;
  • Uitleggen wat de Trillingstijd (T) is.

Slide 19 - Slide

This item has no instructions

Ik beheers de leerdoelen die hiervoor zijn genoemd!
😒🙁😐🙂😃

Slide 20 - Poll

This item has no instructions