Begrippen oefenen TSI

Begrippen oefenen TSI
1 / 24
next
Slide 1: Slide
Beeldende vormingMiddelbare schoolvmbo b, kLeerjaar 4

This lesson contains 24 slides, with interactive quizzes and text slides.

Items in this lesson

Begrippen oefenen TSI

Slide 1 - Slide

Wat is abstraheren
A
Het versimpelen van vormen
B
Abstract werk
C
Herkenbare onderdelen afgebeeld
D
iets dat er in het echt ook zo uit ziet

Slide 2 - Quiz

abstract

In abstracte kunst kan je niet direct zien wat het voorstelt. Abstract is het tegenovergestelde van figuratief.


abstraheren 

Het versimpelen van een vorm om zo tot de kern van die vorm te komen. 
figuratief

In figuratieve kunst zijn herkenbare onderwerpen afgebeeld. Het tegenovergestelde van figuratief is abstract.


realistisch

in realistische kunst wordt er getekend of geschilderd zoals het er in het echt ook uit ziet.

Slide 3 - Slide

Fixeren gebruik je voor :
A
Het oplossen van een tekenfoutje
B
Het vastleggen van de houtskool
C
Het aanmaken van inkt met water

Slide 4 - Quiz

Wat zijn dragers?

Slide 5 - Open question

Zet de potloden op volgorde van zacht naar hard 
H 1 potlood 
H 4 potlood 
HB potlood 
B potlood 

Slide 6 - Drag question

Slide 7 - Slide

Hoe heet de stof die hier onder is weergegeven. De stof die ergens aan toe gevoegd wordt om kleur te geven.

Slide 8 - Open question

Waarnemingstekening
verbeeldingstekening 

Slide 9 - Drag question

waarnemingstekenen

  • Het tekenen van de zichtbare werkelijkheid
  • Dit is realistisch 
Verbeeldingstekenen

  • hoe de kunstenaar de realiteit ervaart of wat hij er in ziet.
  • Dit kan geabstraheerd zijn
welke hond hoort waar?

Slide 10 - Slide

is dit schilderij ..
A
abstract
B
geabstraheerd

Slide 11 - Quiz

abstract

In abstracte kunst kan je niet direct zien wat het voorstelt. Abstract is het tegenovergestelde van figuratief.


abstraheren 

Het versimpelen van een vorm om zo tot de kern van die vorm te komen. 
figuratief

In figuratieve kunst zijn herkenbare onderwerpen afgebeeld. Het tegenovergestelde van figuratief is abstract.


realistisch

in realistische kunst wordt er getekend of geschilderd zoals het er in het echt ook uit ziet.

Slide 12 - Slide

Hoe noemen we dit?
A
Schmink
B
Bodypaint
C
Pigment
D
vingerverf

Slide 13 - Quiz

les 2

Slide 14 - Slide

Met welk materiaal is dit werk gemaakt?
A
Fine liner
B
Potlood
C
Houtskool
D
inkt

Slide 15 - Quiz

Houtskool
Grafiet potlood
kleurpotloden
Aquarel potlood 
Krijt

Kneed gum
puntenslijper
gum

Slide 16 - Slide

Organische vormen
Geometrische vormen

Slide 17 - Drag question

Hoe heet onderstaand gereedschap?

Slide 18 - Open question

Met wat voor materiaal is dit werk gemaakt

Slide 19 - Open question

Hoe heet dit?

Slide 20 - Open question

Is een stilleven vaak dynamisch of statisch
A
Dynamisch
B
Statisch

Slide 21 - Quiz

Dynamisch 
statisch 

Slide 22 - Slide

Is de manier waarop beeldelementen verdeeld zijn binnen een kader.
A
verdeling
B
contrast
C
plasticiteit
D
Compositie

Slide 23 - Quiz

Je suggereert diepte door schaduwen en lichte plekken toe te voegen.
A
schaduw
B
eigenschaduw
C
plasticiteit
D
arceren

Slide 24 - Quiz