2b. Veilig handelen: veilig slapen

2. Veilig handelen

veilig slapen

1 / 23
next
Slide 1: Slide
New lesson editorPedagogisch handelenSecundair onderwijs

This lesson contains 23 slides, with interactive quiz and text slides.

Items in this lesson

2. Veilig handelen

veilig slapen

Er zijn 7 vuistregels rond veilig slapen en 9 dingen waarop je moet letten bij het bed...


Welke herken je in de afbeelding?

Veilig slapen

  1. Altijd op rug

  2. Rook niet

  3. Blij in de buurt

  4. Veilig bed -----------

  5. 18-20 gr

  6. let op: medicatie

  7. Rust, regelmaat, wennen

Veilig bed

  • stevig passende matras

  • open spijlenbed

  • niet tegen muur of kast

  • geen knuffels

  • slaapzak (tot 1j)

  • voeten tegen uiteinde

  • geen hoofdkudden (tot 2j)

  • ECHT bed

  • geen lintjes/touwtjes

Wiegendood... (onder 1 6 maanden; top 2 ma - 4ma)

  1. Altijd op rug

  • op buik:

    • kan ademhaling belemmeren

    • diepere slaap - verlaagde wekrespons

    • moeilijkheden om hoofd te draaien

    • meer kans op warmtestuwing (80% door hoofd)


  • ALTIJD rug; niet nodig om te draaien (inbakeren: afleren voor 6 maanden)


  • als wakker: afwisselen!!

Inbakeren... (6w - 6 m)

Afplatting van het hoofdje

  1. Rook nooit

! Verboden in opvang, ook in auto als kinderen onder 16 aanwezig zijn !


  • immuunsysteem, longen, luchtwegen nog in ontwikkeling


  • Gevolgen van roken:

    • meer kans op wiegendood

    • meer ziektes

    • meer kans op ontwikkelen van astma

  1. Blijf in de buurt: kijk, luister, voel

  • Onder 1 jaar: slapen in ruimte waar jij ook bent

  • co-sleeping


  • Extra toezicht:

    • eerste dagen...

    • na hevig huilen

    • extreme hitte

    • koorts, ziekte of anders dan normaal

    • als slapen in speelbox

  1. Niet te warm (18°-20°)

  • hoofd vrijhouden

  • geen dekbed of bedomranding of ...

  • geen ondoorlaatbaar zeil onder de matras

  • geen schapenvachtje, kersenpitkussen, ...



! voeten, niet handjes !

  1. Niet te warm (18°-20°)

  • hoofd vrijhouden

  • geen dekbed of bedomranding of ...

  • geen ondoorlaatbaar zeil onder de matras

  • geen schapenvachtje, kersenpitkussen, ...



! voeten, niet handjes !

  1. Voorzichtig met medicatie

  • ALTIJD en ALLEEN op doktersvoorschrift

  • Uit de buurt van kinderen

  1. Rust, regelmaat, wennen

  • Stress - verhoogde kans wiegendood

  • Regelmaat door slaapritueel

    • = aantal vast gewoontes voor slapen (kort!)

    • start = 'we gaan naar bed'

  • Verdeel de klas in groepjes van 2/3 (min 3 groepen)

  • Elk groepje bekijkt 3 slaaprituelen (1 per slide) en beantwoord de bijhorende vraag

    • rituelen 1

    • rituelen 2

    • rituelen 3

  • Na elke slide worden de verschillende rituelen gelezen en de antwoorden overlopen.

OEF Slaapritueel

Waarom is dit een goed slaapritueel? (baby)


1. Het wiegelied
Mama houdt Lio dicht tegen zich aan. Ze wiegt hem zachtjes heen en weer en neuriet hetzelfde liedje als elke avond. Wanneer zijn oogjes zwaar worden, legt ze hem rustig op zijn rug in zijn bedje. Lio valt snel in slaap.


2. De slaapzak
Papa legt Noor op de verzorgtafel, doet haar luier om en trekt haar slaapzak aan. Hij zegt: “slaap lekker, kleine meid”, en zet haar in haar bedje. De gordijnen zijn dicht en de kamer is stil.

  1. De rustige omgeving
    Na de laatste voeding gaat het licht wat zachter. De televisie staat uit. Mama wandelt even met baby Milan door de kamer en legt hem daarna rustig in bed.


Waarom is dit een goed slaapritueel? (peuter)


1. De knuffelbeer
Elke avond kiest Ella haar lievelingsbeer om mee te slapen. Ze geeft mama een dikke knuffel en zegt: “Tot morgen, beer en mama!” Dan doet mama het licht uit.


2. Boekje voor het slapengaan
Na het tandenpoetsen kruipt Lars in bed. Papa leest een kort verhaaltje over een trein die naar dromenland rijdt. Daarna zegt papa zacht: “slaapwel, kleine machinist.”


3. Liedje met gebaren
Voor het slapengaan zingt de begeleidster in de opvang altijd hetzelfde liedje met de kindjes. Ze doen samen de gebaren erbij. De kindjes weten: na dit liedje is het tijd om te slapen.

Waarom helpt dit de dag af te sluiten? (oudere K)


1. Samen de dag afsluiten
Wanneer Finn in bed ligt, vraagt mama: “Wat vond je vandaag leuk?” Finn vertelt trots dat hij op school een toren heeft gebouwd. Daarna zegt mama: “Slaap lekker, bouwer!” en doet het licht uit.


2. De magische spreuk
Elke avond zegt Noor: “Slaapzand, kom maar zacht, breng mij naar de dromenacht!” Mama glimlacht en geeft haar een kus. Noor lacht en sluit haar ogen.


3. Zelf doen
Ruben mag zelf zijn pyjama aandoen, de gordijnen dichttrekken en het nachtlampje aanzetten. Daarna roept hij: “Ik ben klaar voor bed!” Papa komt nog even kijken en zegt: “Goed gedaan, grote jongen.”

Heb je zelf een slaapritueel? Zo ja: wat?

EXTRA

Klikspel veilig slapen

Bekijk klassikaal de babybedjes van de website van K&G.


Welke fouten vinden jullie?

De leraar maakte een babybedje op.



Wat is er correct?

Welke fouten zie je?

Het babybedje van de juf

Verdeel de klas in 2 of 3 groepen.


Elke groep krijgt een baby en een babybed. Maak een babybedje klaar.

Noteer voor jouw groep wat er fout liep in jullie babybed.


Controleer dan de andere groepen.

Noteer voor elke groep wat er fout liep in het babybed.



Vonden jullie de fouten van de andere groep?

Het babybedje van de groep