TSO MC 3 uur FLORES

"Traumasensitief onderwijs is fijn voor alle leerlingen, maar voor sommige leerlingen een absolute voorwaarde om goed te kunnen leren” (Horeweg, 2024).

"Traumasensitief lesgeven: verdiepen in kinderen, gedrag door een traumabril bekijken, niet hoe verander ik het gedrag maar hoe verlaag ik de stress waardoor het gedrag verandert” (Coppens, 2021).


pascal.tijdink@iselinge.nl

1 / 56
next
Slide 1: Slide
New lesson editorNT2PedagogiekHBOWOStudiejaar 4

This lesson contains 56 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 180 min

Items in this lesson

"Traumasensitief onderwijs is fijn voor alle leerlingen, maar voor sommige leerlingen een absolute voorwaarde om goed te kunnen leren” (Horeweg, 2024).

"Traumasensitief lesgeven: verdiepen in kinderen, gedrag door een traumabril bekijken, niet hoe verander ik het gedrag maar hoe verlaag ik de stress waardoor het gedrag verandert” (Coppens, 2021).


pascal.tijdink@iselinge.nl

“Welke kennis of vaardigheden wil je vandaag opdoen?”


Veerkrachtig Onderwijs. (z.d.). Bijdrage over ‘De stomme rugzak’ en traumasensitief onderwijs [LinkedIn-post]. LinkedIn. https://www.linkedin.com/posts/veerkrachtig-onderwijs_floortjeagema-mijnstommerugzak-traumasensitiefonderwijs-activity-7284519546915356672-dWeP

“Wat denk jij: hoeveel leerlingen in jouw klas hebben minstens één ingrijpende ervaring (ACE) meegemaakt?”

A

25%

B

50%

C

75%

D

90%

“Wat denk jij: hoeveel leerlingen in jouw klas hebben meer dan drie ingrijpende ervaringen (ACE's) meegemaakt?”

A

15%

B

25%

C

35%

D

77%

Asselman, M., Offerman, E., Wassink-de Stigter, R., Buijze, J., Golbach, M., Kooijmans, R., De Berk, A., Nelen, W., & Helmond, P. (2023). Traumasensitief onderwijs: Een handboek bij de implementatie (2.0). Consortium Traumasensitief Onderwijs

Asselman, M., Offerman, E., Wassink-de Stigter, R., Buijze, J., Golbach, M., Kooijmans, R., De Berk, A., Nelen, W., & Helmond, P. (2023). Traumasensitief onderwijs: Een handboek bij de implementatie (2.0). Consortium Traumasensitief Onderwijs

“3⁄4 van vluchtelingenkinderen zonder ouders heeft een psychische stoornis (Walg et al., 2016). 1/3 van hen heeft PTSS”


  • ARQ centrum 45 = ARQ Centrum'45 is het landelijke expertisecentrum voor diagnostiek en behandeling van mensen met complexe psychotraumaklachten. De gespecialiseerde behandelaars helpen mensen en hun naasten zoveel mogelijk te herstellen. Voorop staat dat de kwaliteit van hun leven merkbaar verbetert.



Weerstand

  1. Leerkrachten herkennen en erkennen trauma niet altijd

  2. Verkeerde associaties

  3. Leerkrachten hebben moeite om bepaalde gedragsproblemen en leeruitdagingen in verband met trauma te zien

  4. Dit gebeurt onbewust

  5. Dit komt voort uit een gebrek aan kennis of begrip van de impact van trauma op kinderen.

  6. Een van de redenen die Coppens (2021) aanhaalt voor deze weerstand is dat het erkennen van trauma een gevoel van machteloosheid kan oproepen

  7. De leerkracht heeft zelf ook een onzichtbare koffer

  8. Coppens pleit voor meer bewustwording, zodat leerkrachten de signalen van trauma leren herkennen en hierop passend kunnen reageren

  9. Dit helpt niet alleen het kind, de groep, maar verlicht uiteindelijk ook de werkdruk van de leerkracht doordat er strategieën zijn om met deze kinderen om te gaan.


Coppens, L. (2021). Lesgeven aan getraumatiseerde kinderen. Uitgeverij SWP.



















Wat kunnen leerkrachten doen?

L. Coppens, (2022). Iedereen kan het verschil maken. Ten Have.



(Grieks) Wond


Traumatische ervaring(en) = schokkende gebeurtenis(sen)


Kind ervaart een sterk gevoel van onveiligheid; overweldigende emoties (angst, hulpeloosheid, onmacht), intens fysieke effecten, doodsangst.


Geweldsincident vergroot traumaklachten, als er contact tussen mensen is versus bijvoorbeeld een verkeersongeluk; geweld tussen mensen tast het gevoel van vertrouwen/veiligheid aan


Trauma kan ook ontstaan of verergeren doordat een kind niet getroost wordt in een pijnlijke situatie; ontbreken hechtingsfiguur/gebrek aan sociale steun na gebeurtenis


Jonge kinderen lopen meer risico traumaklachten te ontwikkelen (minder goed verwerken + hersenen ontwikkelen zich razendsnel op basis van de ervaringen die kinderen op doen)-> Leony Coppens



Trauma’s ACE’s

  1. enkelvoudig of acuut trauma

  2. chronisch trauma

  3. complex trauma


Onder traumatische of indrukwekkende ervaringen of

Adverse Childhood Experiences (ACE’s)

verstaan we onder andere:



  • fysieke mishandeling – fysieke verwaarlozing

  • seksueel misbruik

  • emotionele verwaarlozing – emotionele mishandeling

  • getuige zijn van (partner)geweld

  • opgroeien in een gezin met een probleemdrinker

  • opgroeien in een gezin met een drugsgebruiker

  • samenleven met een psychiatrisch ziek of suïcidaal gezinslid

  • het meemaken van detentie van een gezinslid

  • (v)echtscheiding

  • sterfgeval in gezin

  • armoede

  • pesten


  • ervaringen met oorlog en georganiseerd geweld

  • migratie en ontworteling

  • aanpassing aan de nieuwe cultuur en sociale onzekerheid


Signalen

  • gedragsproblematiek

  • stressreacties

  • vermijding

  • herbeleven

  • negatieve gedachten

  • negatieve stemming

  • niet komen tot leren




  • agressief en opstandig gedrag

  • angst en depressieve klachten

  • aandachttekort

  • dissociatie

  • gevoelens niet onder controle hebben

  • geen besef van oorzaak-gevolg relatie

  • niet leren van correcties

  • zich terugtrekken

  • complimenten niet in ontvangst kunnen nemen

  • onhandigheid in sociale contacten

  • de controle willen houden - manipulatief

  • claimen van de leerkracht of andere kinderen

  • perfectionisme

  • concentratieproblemen

  • planningsproblemen

  • impulsiviteit

  • weinig inzicht in oorzaak-gevolgrelaties

  • wisselende prestaties

  • ongeïnteresseerde houding

  • seksueel wervend/ grensoverschrijdend gedrag

  • suïcidaliteit

  • delinquent gedrag



Dissociatie

  • In feite is dissociëren de manier van het brein om het kind veilig te houden door het even weg te houden van waargenomen gevaar in het dagelijkse leven’


  • Door emotionele terugtrekking, probeert het brein om te gaan met de overspoelde stress.


  • Seksueel misbruik, kindermishandeling, emotionele verwaarlozing, heftig medische ingrepen, heftig gepest worden.


  • Het komt ook voor bij kinderen in pleeggezinnen, tehuizen, adoptiekinderen, vluchtelingenkinderen en onveilig gehechte kinderen.


  • Veel kinderen dissociëren, terwijl we dat in de klas niet opmerken: het lijkt op dagdromen.


Wat kun je doen bij dissociatie?

  • Kalm blijven

  • Trigger verwijderen (indien bekend)

  • Noem de naam

  • Gebruik een lage stem

  • Geen geweld gebruiken (als het kind niet meegaat) = traumatiserend

  • Tegen de klas vertellen: rustig blijven en afstand houden (minder prikkels)

  • Geruststellen: “Ik ben de docent, je bent hier veilig”

  • Hier en nu vragen stellen

  • Wandelen

  • Glas water

  • Aardig zijn

  • Na gesprek en herkenning van de trigger (oplopende stress) truc toepassen: stressballetje en daar de aandacht op richten of geurzakje etc.

Unsplash. (z.d.). Glas water met opspattende druppels [Afbeelding]. https://unsplash.com


Selffulfilling prophecy

  • Ik heb het verdiend

  • Negatief zelfbeeld

  • Kunnen het niet geloven als anderen aardig doen

  • Testen of anderen het wel menen = uitdagend gedrag

  • Anderen reageren vaak negatief (teleurgesteld)

  • Het kind heeft selffulfilling prophecy gecreëerd


Eigen foto. (2026). Persoon met groene hoodie.


Regressief gedrag

Gedrag vertonen dat bij een jongere leeftijd hoort

Pluchiez. (z.d.). Pluche aap met lange armen 80 cm bruin. Geraadpleegd op 31 maart 2026, van https://www.bol.com/nl/nl/p/aap-met-lange-armen-pluche-80-cm-bruin/9300000161694647/


Spullen kapot maken



  • Ingrijpende gebeurtenissen meegemaakt (oorlog, geweld, verlies van familie, onzekerheid). Dit kan leiden tot verhoogde spanning, angsten en woede, wat zich kan uiten in destructief gedrag.

  • Kinderen die een onstabiele situatie hebben meegemaakt, kunnen dingen kapot maken om controle uit te oefenen op hun omgeving. Het geeft ze een gevoel van macht in een wereld waar ze zich vaak machteloos voelen.

  • Omdat ze de taal niet spreken, kunnen ze hun gevoelens en behoeften niet goed uitdrukken. Dit kan zich uiten in fysieke reacties, zoals dingen kapot maken.

  • In sommige culturen of vluchtelingenkampen was er weinig structuur of onderwijs. De schoolregels kunnen nieuw zijn, en het kind moet nog leren wat wel en niet mag.

  • Het kind voelt zich misschien eenzaam of buitengesloten. Door iets kapot te maken, lokt het een reactie uit, zelfs als die negatief is.

  • Nieuwe geluiden, mensen en een onbekende omgeving kunnen overweldigend zijn. Sommige kinderen reageren hierop door dingen kapot te maken als een manier om spanning kwijt te raken.




Scangedrag


ARFID

  • Avoidant Restrictive Food intake disorder

  • Eetstoornis: weinig of selectief eten

  • Niet kunnen eten, niet durven eten, niet willen eten, bang voor onbekende

  • Traumatische ervaringen (verslikken, overgeven) – hongerprikkel functioneert niet goed – overgevoeligheid (geur, kleur, textuur, temperatuur)

  • Kinderen met autisme, ADHD, hooggevoelige kinderen hoogbegaafde kinderen en vroeg geboren kinderen, ook vluchtelingenkinderen

  • Lichamelijke klachten en sociale klachten




Oudervereniging Balans. (2024). ARFID: Brochure voor leerkrachten [PDF]. https://balansdigitaal.nl/wp-content/uploads/2024/06/ARFID-brochure-voor-leerkrachten.pdf


Sociale omgang, moeite met:

Welke gedragingen herken je?

Wat weet jij van onveilige hechting?



Soorten

Veilige hechting 65% van de mensen (2/3)


Relatie met primaire verzorgers verliep goed: ik kan op ze rekenen, er is een veilige haven waar ik terecht kan, ik ben de moeite waard


1/3 onveilig gehecht


  1. Angstige hechting

  2. Vermijdende hechting

  3. Gedesorganiseerde hechting




Hechtingstoornis

  • Vroege periode in relatie met hechtingsfiguren geen gevoel van vertrouwen en veiligheid ontstaat

  • Primaire verzorgers (hechtingsfiguren) voeren taak niet goed uit

  • Kind ervaart ik kan niet bij deze mensen terecht (pijn/verwaarlozing)

  • Oxytocine huishouding verloopt niet goed (-> verminderde stressregulatie)


Coppens,L., Kragten, C., & Schneijderberg, M. (2021). Lesgeven aan getraumatiseerde kinderen. SWP.



Drie voorwaarden

  • Sensitief en responsief reageren op het kind


  • Continuïteit in de aanwezigheid


  • Kunnen verplaatsen in het kind en dat ook kan verwoorden (mentaliseren)


Coppens,L., Kragten, C., & Schneijderberg, M. (2021). Lesgeven aan getraumatiseerde kinderen. SWP.


OERSOEP

  1. Voedsel

  2. Veiligheid

  3. Validering; je bent goed zoals je bent





Kinderen met hechtingsproblemen in de klas
Horeweg, A. (2018). Kinderen met hechtingsproblemen in de klas. LannooCampus



Angstig gehecht 15%

  1. Wel aandacht en liefde van primaire verzorgers

  2. Maar lang niet altijd

  3. Krijgen soms oersoep maar lang niet altijd

  4. Heel erg hun best doen om oersoep te krijgen

  5. Moeilijk alleen zijn

  6. Moeilijk samen zijn

  7. Twijfelen of ze het wel goed doen

  8. De pleasers (in de hoop dat ze de oersoep krijgen)



Vermijdend gehecht 10%

  1. Kregen geen oersoep

  2. Primaire verzorgers zijn met wat anders bezig

  3. De ander is er niet voor mij

  4. Ik moet het alleen doen

  5. Weggegaan bij het gevoel (eenzaamheid)

  6. Instrumenteel leven

  7. Niet emotioneel

  8. Zakelijk en praktisch

  9. Niet intiem in relaties, afstandelijk



Gedesorganiseerd gehecht 10%

  1. Heel af en toe oersoep

  2. Maar ook agressie, geweld en trauma’s van primaire verzorgers

  3. Oppassen voor primaire verzorgers, doen pijn/negeren/uitschelden

  4. Niet zo goed weten waar ze van op aan kunnen

  5. Ambivalentie, tegenstrijdig gedrag, onvoorspelbaar

  6. Ernstig getraumatiseerde mensen

  7. PTTS



Onveilige hechting

  1. Gebaseerd op traumatische ervaringen

  2. Heel goed je best doen om de oersoep te krijgen

  3. Past niet in de fase van de ontwikkeling van het kind

  4. De oersoep zou een voorwaarde moeten zijn

  5. Het is dan te onvoorspelbaar = onveilig = traumatisch


In de klas zie je kinderen met opvallend gedrag.

Het kind is niet lastig, het kind heeft het lastig.

Wat kun jij daaraan doen?




Horeweg, A. (2018). Kinderen met hechtingsproblemen in de klas. LannooCampus


Meer weten over hechting?

  • Gedragsprobemen in de klas

  • Hechtingsproblemen deel 1

  • Hechtingsproblemen deel 2

Cedin. (2024). Traumasensitief lesgeven [PDF].






Gevolg uit je ‘WINDOW’
voor een leerling in de klas

  • Continu alert, dus klaar om te vechten, vluchten of te bevriezen (onbewust).

  • Stress-systeem is zo gevoelig dat het afgaat bij situaties die niet gevaarlijk zijn.

  • Te snel stresshormonen vrij bij de geringste prikkel die doet herinneren aan het trauma (trigger), dus snel stress bij een gewone situatie.

  • Weinig kennis kunnen opnemen; niet nadenken en leren.

  • Emoties niet kunnen beheersen.

  • Snel afgeleid en leiden kinderen af.

  • Gedrag van andere kinderen of de leerkracht anders interpreteren.

  • Soms kun je het zien aankomen



Toxische stress

Stress hoort erbij. Als kinderen al jong omgaan met kleine stressvolle situaties, zijn zijn in de toekomst beter opgewassen tegen moeilijke situaties

  • Chronische stress is echter zeer schadelijk, vooral voor kinderen die nog in ontwikkeling zijn

  • Zeker als er geen bescherming van een betrouwbare volwassene tegenover staat, kan chronische stress de hersenen en het lichaam vergiftigen

Toxische stress beschadigt de hersenen:

  1. De omvang van de hersenen neemt af

  2. Het aantal verbindingen tussen de hersencellen vermindert

  3. Er ontstaat een teveel aan stresshormonen



Augeo Foundation. (2015, 17 december). Toxische stress [PDF]. https://www.augeo.nl/-/media/Files/Bibliotheek/Augeo-Toxische-Stress.ashx


Vorming van de hersenen

  • Hersenen ontwikkelen zich van onderen naar boven:

  • van primitief (voor overleving) naar meer complex (controlecentrum).

  • De cortex: taal, leren, controle en executieve functies.

  • Het limbisch gebied met hippocampus: het opslaan en terughalen van herinneringen en amygdala: emoties.

  • Hersenstam: hartslag, ademhaling, lichaamstemperatuur.


Beacon House Therapeutic Services and Trauma Team
Beacon House Therapeutic Services and Trauma Team. (z.d.). Children’s brains develop from the bottom up [Afbeelding].


Consequenties

“Met ‘triggers’ bedoelen we dingen die een sterke reactie oproepen. Welke voorbeelden zie jij in de klas?”

Text

Coppens, L. (2019). Lesgeven aan getraumatiseerde kinderen: Een praktisch handboek voor het basisonderwijs. Amsterdam: Uitgeverij SWP.





Hoe verlaag jij de stress in de klas?


Hoe verlaag je stress ?

Coppens,L., Kragten, C., & Schneijderberg, M. (2021). Lesgeven aan getraumatiseerde kinderen. SWP.


Steunplan


Straffen & belonen

Behaviorisme


  • Via beloning of straf het gedrag onderdrukken

  • Externe motivatie

  • Dwang van buitenaf

  • Het doel is om het gedrag meteen te stoppen

  • Korte termijneffect

  • Houdt geen rekening met emotionele en sociale behoeften (stress, angst etc.)

  • Verwaarlozing van individuele verschillen

  • Deze beloning (bv. een sticker kan júist stress opleveren: hij wil het zo graag, er gaat veel tijd overheen)

  • ClassDojo

Co-regulatie


  • Aanpak gebaseerd op relatie

  • Kinderen zijn uiteindelijk zelf in staat om hun emoties/gedrag te reguleren

  • Helpen kinderen hun emoties en gedragingen te beheren door ondersteuning en begeleiding

  • Door steun en begrip te bieden

  • Een veilige omgeving te creeren

  • Modelgedrag

  • I.p.v. externe beloningen leren kinderen begrijpen hoe ze zich moeten gedragen (interne motivatie)

  • Aandacht voor individuele verschillen

  • Aandacht voor kinderen die wel willen maar niet kunnen.


Horeweg, A. (2021). Kinderen met hechtingsproblemen in de klas. LannooCampus.


Time-out

'Gehoorzaamheid bijbrengen met straf zoals de time-outtechnieken zorgen dat kinderen datgene kwijtraken waar ze het meest naar verlangen: onvoorwaardelijke positieve aanvaarding’

Dr. Gabor Maté, trauma-expert, The wisdom of Trauma



  • Kind kiest niet voor zijn gedrag, hij kan niet beter

  • Kind voelt zich (weer) afgewezen, dom, voelt zich boos op zichzelf of de leerkracht

  • Time-out leert het kind niets, terwijl hij nog veel moet leren

  • Hij moet leren dat het anders moet

  • Omgeving blijft steeds veilig (lees: de docent is niet geïrriteerd, boos, wanhopig)

  • Er vinden veel herhalingen plaats, zodat nieuwe verbindingen in het brein gemaakt kunnen worden … dat gaat niet van de eens op de andere dag




Beacon House Therapeutic Services and Trauma Team
Beacon House Therapeutic Services and Trauma Team. (z.d.). Children’s brains develop from the bottom up [Afbeelding].



Time-in

  • Een time-in is een plek in de klas of in de school, waar leerlingen tot rust kunnen komen.

  • Het is geen strafplek

  • Nodig de leerling uit om erheen te gaan

  • Niet alleen laten gaan of alleen laten zijn

  • Nooit opsluiten!

  • Kalme volwassene in de buurt

  • De time-in is bedoeld om het kind te reguleren, zodat we daarna het kind kunnen leren dat dit gedrag onnodig was en ongewenst.

Beacon House Therapeutic Services and Trauma Team - Beacon House Therapeutic Services and Trauma Team. (z.d.). Children’s brains develop from the bottom up [Afbeelding].





’Hoe kan ik mijn grenzen stellen én traumasensitief werken?’


Hoe kan ik zijn koffer opnieuw vullen?

  • Vanuit een omgeving waar veiligheid voorop staat, dus voorspelbaar en structuur en rust

  • Waar ruimte is voor emotie en de leerkracht helpt met de emotieregulatie door te helpen met ademhalingsoefeningen, mindfulness en rustgevende momenten

  • Waar ruimte is voor de identiteit en de taal van iedereen

  • Vanuit emotionele veiligheid van de leerkracht die kalm is, duidelijk, positief, empathisch en hoge verwachtingen heeft

  • Met een leerkracht die helpt eigen interesses en talenten te (her) ontdekken, ook wel copingvaardigheden

  • Door samenwerkingsoefeningen te doen, wat hun zelfvertrouwen en sociale vaardigheden versterkt

  • Positieve ervaringen op laten doen






Coppens, L., & Vandamme, N. (2020). Varen op veerkracht: Praktische handvatten voor het lesgeven in tijden van stress[Whitepaper]. SWP.


Traumasensitief lesgeven

Kennis over trauma’s en de hersenontwikkeling

Kijken door een traumabril

Veiligheid en vertrouwen bieden


  • Terugveren na de storm in je leven

  • Veerkracht kan op álle leeftijden worden vergroot


Voor die éne leerling kun JIJ het verschil maken!