Instituties en representatie (Maatschappijwetenschappen havo), les 1: Uitleg

BINDING · INSTITUTIES

Instituties en representatie

Examenstof maatschappijwetenschappen havo

1 / 22
next
Slide 1: Slide
New lesson editorMaatschappijwetenschappenMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4,5

This lesson contains 22 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 45 min
Report this lesson

Introduction

Uitleg over politieke instituties (formeel en informeel), de functies en ontwikkelingen van politieke partijen, representatie, representativiteit en het belang daarvan voor een democratische rechtsstaat, voor het havo-examen maatschappijwetenschappen.

Items in this lesson

BINDING · INSTITUTIES

Instituties en representatie

Examenstof maatschappijwetenschappen havo

Les 1 van 3: uitleg. Les 2 is de examentraining, les 3 de terugblik met quiz. Syllabus: D2 (15.1, 15.2). Image credit: Hermann Luyken / Wikimedia Commons, CC0

BINDING · INSTITUTIES

Wat ga je kunnen?

Ik kan uitleggen wat politieke instituties en partijen doen en hoe je het belang en de mate van representativiteit beoordeelt.

This item has no instructions

Wie beslist in Nederland en hoe kom je aan invloed?

Verwachte woorden: Tweede Kamer, regering, premier, gemeenteraad, partijen, stemmen, verkiezingen, grondwet, rechter, politiek, vertegenwoordigen. Groepeer ze op het bord in regels (grondwet, kiesstelsel) en organisaties (regering, gemeenteraad, partijen). Dat zijn de politieke instituties van blok 1. Blok 2 gaat over partijen, blok 3 over vertegenwoordigen en de vraag of vertegenwoordigers op de bevolking lijken.

De Ridderzaal op het Binnenhof, Den Haag

BINDING · INSTITUTIES

Wat is een politieke institutie?

  • Politieke institutie: min of meer geformaliseerde regels voor politiek gedrag en besluitvorming.

  • Politieke bindingen kunnen leiden tot instituties. Het bekendste voorbeeld is de staat.

  • Een staat krijgt speciale bevoegdheden: het geweldsmonopolie en het monopolie op belastingheffing.

  • Instituties geven houvast en stabiliteit, maar ze kunnen wel veranderen.

Syllabus 15.1: een politieke institutie is een complex van min of meer geformaliseerde regels die het gedrag van mensen en hun onderlinge relaties rond politieke machtsuitoefening en politieke besluitvorming reguleren. Politieke bindingen kunnen leiden tot politieke instituties, en de staat is een van de meest in het oog springende voorbeelden: een soevereine macht gaat regeren over veel mensen en krijgt speciale bevoegdheden, zoals het geweldsmonopolie en het monopolie op belastingheffing. De foto toont de Ridderzaal op het Binnenhof, een plek waar de politieke besluitvorming van de staat zichtbaar wordt. Veelgemaakte fout: denken dat instituties vastliggen. Ze geven houvast, maar kunnen wel degelijk veranderd worden. Image credit: Hermann Luyken / Wikimedia Commons, CC0

BINDING · INSTITUTIES

Formele en informele instituties

  • Formele instituties: wetten en bepalingen die voorschrijven hoe mensen zich moeten gedragen.

  • Informele instituties: ongeschreven gedragsregels waar mensen zich uit traditie of gewoonte aan houden.

  • Voorbeeld informeel: partijgenoten in de Tweede Kamer stemmen ongeveer altijd hetzelfde.

  • Voorbeeld formeel: de grondwet en het kiesstelsel.

Syllabus 15.1: politieke instituties kunnen formeel zijn (wetten en bepalingen) of informeel (ongeschreven gedragsregels uit traditie of gewoonte). Het voorbeeld van de syllabus voor informeel is dat partijgenoten in de Tweede Kamer ongeveer altijd hetzelfde stemmen. Vraag leerlingen zelf een informeel voorbeeld te bedenken. Veelgemaakte fout: informeel gelijkstellen aan onbelangrijk of niet bindend. Ook ongeschreven regels sturen gedrag.

De Hoge Raad der Nederlanden, Den Haag

BINDING · INSTITUTIES

Organisaties en de rechtsstaat

  • Ook politieke organisaties van de staat heten instituties: de regering, een ministerie of de gemeenteraad.

  • De rechtsstaat met grondwet, onafhankelijke rechterlijke macht en kiesstelsel vormt formele pijlers.

  • Zo zijn regels en organisaties samen de pijlers van het politieke systeem in Nederland.

  • De foto toont de Hoge Raad, een onderdeel van de rechterlijke macht.

Syllabus 15.1: het woord politieke institutie wordt ook gebruikt voor politieke organisaties. Tot de politieke instituties worden organisaties van de staat gerekend, zoals de regering, een ministerie of de gemeenteraad. De rechtsstaat met de grondwet, de onafhankelijke rechterlijke macht en het kiesstelsel zijn formele politieke instituties die belangrijke pijlers vormen van het politieke systeem in Nederland. Veelgemaakte fout: instituties alleen als gebouwen of organisaties zien. Een institutie is ook een set regels, zoals het kiesstelsel. Image credit: Fred Romero / Wikimedia Commons, CC BY 2.0

Welke politieke institutie is informeel?

A

De grondwet bepaalt hoe wetten tot stand komen

B

Partijgenoten in de Tweede Kamer stemmen vaak hetzelfde

C

Het kiesstelsel bepaalt hoe stemmen worden geteld

D

De rechter spreekt onafhankelijk recht

Goed: een ongeschreven gewoonte, het voorbeeld uit de syllabus. De andere drie zijn formeel: ze liggen vast in wetten en bepalingen of zijn formele pijlers van de rechtsstaat. Verwachte fout: de grondwet kiezen omdat die vaak als regel gevoeld wordt. Juist omdat hij is vastgelegd, is hij formeel.

Vul in: de staat

Het geweldsmonopolie en het monopolie op belastingheffing zijn speciale bevoegdheden van de staat.

geweldsmonopolie
belastingheffing
staat
volkssoevereiniteit
mobilisatie

Syllabus 15.1: bij de vorming van een staat krijgt een soevereine macht speciale bevoegdheden, zoals het geweldsmonopolie en het monopolie op belastingheffing. Veelgemaakte fout: volkssoevereiniteit invullen. Dat is het uitgangspunt van de democratie, geen bevoegdheid van de staat.

BINDING · INSTITUTIES

Wat doen politieke partijen?

  • Rekrutering en selectie: kandidaten voor politieke functies zoeken en voordragen.

  • Articulatie: maatschappelijke eisen en wensen op de politieke agenda zetten.

  • Mobilisatie: staatsburgers interesseren voor deelname aan politieke besluitvorming.

  • Aggregatie: wensen, eisen en belangen tegen elkaar afwegen en bij elkaar brengen.

  • Communicatie: intermediair tussen overheid en burger en tussen kiezers en gekozenen.

Syllabus 15.1: de politieke partij is een belangrijke en bekende politieke organisatie in veel staten. De syllabus noemt vijf functies: rekrutering en selectie, articulatie, mobilisatie, aggregatie en communicatie. Laat leerlingen bij elke functie een eigen voorbeeld bedenken, zonder partijnamen te eisen. Veelgemaakte fout: articulatie en aggregatie door elkaar halen. Articulatie is wensen op de agenda zetten, aggregatie is wensen tegen elkaar afwegen en bij elkaar brengen.

BINDING · INSTITUTIES

Partijen onder druk

  • Meer zwevende kiezers: mensen wisselen bij verkiezingen vaker van partij, dus partijen zijn minder stabiel.

  • Minder leden bij traditionele partijen, dus kandidaten werven voor alle functies wordt lastiger.

  • Meer concurrentie van media en pressiegroepen, bijvoorbeeld bij articulatie en communicatie.

  • Sommige partijen richten zich meer op het binnenhalen van functies dan op de betrokkenheid van leden.

Syllabus 15.1: politieke partijen zijn aan vier ontwikkelingen onderhevig. Meer zwevende kiezers maken partijen minder stabiel en maken het moeilijker verschillende groepen bijeen te brengen en wensen tegen elkaar af te wegen. Een dalend ledental maakt rekrutering moeilijker. Media en pressiegroepen concurreren bij articulatie en communicatie. Sommige partijen richten zich meer op het binnenhalen van functies en minder op hun leden. Veelgemaakte fout: zwevende kiezers zien als kiezers die niet stemmen. Zij stemmen wel, maar wisselen van partij.

Een stemlokaal bij de Provinciale Statenverkiezingen, 2015

BINDING · INSTITUTIES

Instituties binden mensen aan de politiek

  • Parlement (volksvertegenwoordiging), regering, partijen en verkiezingen binden burgers aan de politiek.

  • Via verkiezingen bepalen burgers welke partijen macht mogen krijgen.

  • Partijen houden contact tussen kiezers en gekozenen en brengen wensen het parlement in.

  • Zo ontstaan politieke bindingen rond gedeelde regels.

Syllabus eindterm 15: bindingen in de samenleving illustreren aan de hand van politieke instituties. Het parlement is de volksvertegenwoordiging, in Nederland bestaat dat uit Tweede en Eerste Kamer. Burgers zijn via verkiezingen en partijen verbonden met de besluitvorming. Dit bouwt voort op de eerdere les over electorale participatie en politieke macht: herhaal die stof hier niet. De foto toont een stemlokaal. Veelgemaakte fout: denken dat binding alleen blijkt uit lidmaatschap van een partij. Ook stemmen en de regels van het politieke systeem binden mensen. Image credit: Sebastiaan ter Burg / Wikimedia Commons, CC BY-SA 2.0

Een partij legt via een nieuwsbrief uit wat de regering besloot. Welke functie?

A

Mobilisatie, want zij interesseert mensen voor politiek

B

Articulatie, want zij zet wensen op de agenda

C

Aggregatie, want zij weegt wensen tegen elkaar af

D

Communicatie, want zij informeert burgers

Goed: communicatie, de partij is intermediair tussen overheid en burger. Verwachte fout: mobilisatie. Mobilisatie gaat over het interesseren van burgers voor deelname aan besluitvorming, hier wordt vooral informatie doorgegeven.

Wat is een zwevende kiezer?

Goed antwoord: een kiezer die bij verkiezingen vaker van partij wisselt. Gevolg: partijen zijn minder stabiel en het wordt moeilijker verschillende groepen bijeen te brengen en wensen af te wegen. Verwachte fout: een kiezer die niet stemt of nog geen keuze heeft gemaakt.

Vergadering van de Tweede Kamer, 1952

BINDING · INSTITUTIES

Representatie

  • Representatie: één of enkele vertegenwoordigers treden namens een groep op in politieke organisaties.

  • Politieke vertegenwoordigers proberen besluiten en wetgeving te realiseren, via democratische procedures.

  • Denk aan Tweede Kamerleden en gemeenteraadsleden die namens kiezers beslissen.

  • Politieke representatie hangt nauw samen met politieke groepsvorming.

Syllabus 15.2: representatie is de vertegenwoordiging van een groep in (politieke) organisaties door één of enkele betrokkenen die namens de groep optreden. Dat gebeurt ook in het politieke domein, waar vertegenwoordigers politieke besluiten en wetgeving trachten te realiseren, door toepassing van democratische procedures. Politieke representatie is nauw gerelateerd aan politieke groepsvorming. De foto toont een vergadering van de Tweede Kamer in 1952. Veelgemaakte fout: representatie en representativiteit door elkaar halen. Representatie is het vertegenwoordigen zelf, representativiteit is hoe goed dat overeenkomt met de vertegenwoordigden. Image credit: Onbekend / Wikimedia Commons, publiek domein

BINDING · INSTITUTIES

Representativiteit

  • Representativiteit: de mate waarin besluiten, standpunten of achtergrondkenmerken van vertegenwoordigers overeenkomen met hun groep.

  • Vraag: is de volksvertegenwoordiging een getrouwe afspiegeling van de bevolking?

  • Eerste manier van oordelen: kijk naar achtergrondkenmerken, zoals leeftijd, sekse en herkomst.

  • Tweede manier: kijk naar standpunten en besluiten. Doen vertegenwoordigers wat hun achterban wil?

  • Gedachte erachter: de belangen van het hele volk, ook van de minderheid, moeten gewaarborgd zijn.

Syllabus 15.2: representativiteit is de mate waarin de (politieke) besluiten, de standpunten of achtergrondkenmerken van vertegenwoordigers overeenkomen met die van de groep die vertegenwoordigd wordt. De syllabus stelt de vraag of de volksvertegenwoordiging een getrouwe afspiegeling van de bevolking is. Hieraan ligt de gedachte ten grondslag dat in de volksvertegenwoordiging de belangen van het gehele volk gewaarborgd zouden moeten worden, ook van de minderheid. De omschrijving noemt drie maatstaven (besluiten, standpunten, achtergrondkenmerken). Een oordeel over representativiteit hangt dus af van welke maatstaf iemand zwaarder weegt, en in een examenvraag kunnen personen op grond van verschillende maatstaven tot een verschillend oordeel komen. Houd dit neutraal: beide manieren van oordelen zijn te verdedigen. Veelgemaakte fout: representativiteit alleen als afspiegeling van kenmerken zien.

De plenaire zaal van de Tweede Kamer, Den Haag

BINDING · INSTITUTIES

Representativiteit en democratie

  • In dictaturen wordt niet gelet op de vraag of vertegenwoordigers een goede afspiegeling zijn.

  • In een democratie berust de politieke macht bij het volk: volkssoevereiniteit.

  • Via algemene verkiezingen bepalen burgers welke partijen macht mogen krijgen.

  • In een democratische rechtsstaat horen belangen van de minderheid gewaarborgd te zijn.

Syllabus 15.2: politieke representativiteit heeft nauwe relaties met de kenmerken van het politieke systeem. In dictaturen wordt niet gelet op de vraag of de vertegenwoordigers wel een goede afspiegeling zijn van de bevolking. Democratie betekent in essentie dat de politieke macht berust bij het volk (volkssoevereiniteit): de macht van de regeerders is uiteindelijk afkomstig van de burgers, die via algemene verkiezingen bepalen welke partijen macht mogen krijgen. Eindterm 15: beredeneer het belang van representativiteit voor een democratische rechtsstaat, namelijk dat de belangen van het hele volk, ook van de minderheid, worden gewaarborgd. De foto toont de plenaire zaal van de Tweede Kamer. Veelgemaakte fout: denken dat democratie betekent dat de meerderheid alles bepaalt. Image credit: Husky / Wikimedia Commons, CC BY 4.0

Raadslid Fatima beslist namens de bewoners van haar wijk mee. Wat is dit?

A

Representatie

B

Representativiteit

C

Mobilisatie

D

Aggregatie

Goed: representatie, een vertegenwoordiger treedt namens een groep op. Verwachte fout: representativiteit. Dat is de mate waarin zij en haar besluiten of standpunten overeenkomen met de wijk, daar zegt de casus niets over.

Vul in: representativiteit

Representativiteit is de mate waarin besluiten, standpunten of achtergrondkenmerken van vertegenwoordigers overeenkomen met die van de groep die zij vertegenwoordigen.

besluiten
achtergrondkenmerken
wetgeving
verkiezingen

Syllabus 15.2: de drie onderdelen van de omschrijving zijn besluiten, standpunten en achtergrondkenmerken. Veelgemaakte fout: verkiezingen invullen. Verkiezingen zijn het middel waarmee vertegenwoordigers worden gekozen, geen maatstaf voor overeenkomst.

Wat vond je vandaag het lastigst?

1

Formele en informele instituties

2

De functies van politieke partijen

3

Representatie en representativiteit

4

Democratie en volkssoevereiniteit

Gebruik de uitslag om les 2 te starten: begin bij het onderdeel dat de meeste stemmen krijgt.

Noem een institutie waar jij mee te maken hebt.

Goed antwoord: een concreet voorbeeld zoals de gemeenteraad, een stembureau, het kiesstelsel, de rechter of een politieke partij, met zo mogelijk de reden dat het regels of een organisatie rond politieke besluitvorming is. Verwachte fout: iets noemen dat niet politiek is, zoals de school.

BINDING · INSTITUTIES

Begrippen (1/2)

  • politieke institutie: min of meer geformaliseerde regels die gedrag rond politieke machtsuitoefening en besluitvorming reguleren

  • formele en informele institutie: formeel is vastgelegd in wetten en bepalingen, informeel is een ongeschreven regel uit traditie of gewoonte

  • geweldsmonopolie: speciale bevoegdheid van de staat, naast het monopolie op belastingheffing

  • politieke partij: politieke organisatie met vijf functies: rekrutering en selectie, articulatie, mobilisatie, aggregatie, communicatie

  • zwevende kiezer: kiezer die bij verkiezingen vaker van partij wisselt

This item has no instructions

BINDING · INSTITUTIES

Begrippen (2/2)

  • parlement: de volksvertegenwoordiging

  • representatie: één of enkele vertegenwoordigers treden namens een groep op in politieke organisaties

  • representativiteit: de mate waarin besluiten, standpunten of achtergrondkenmerken van vertegenwoordigers overeenkomen met die van de groep

  • volkssoevereiniteit: in een democratie berust de politieke macht bij het volk

  • democratische rechtsstaat: democratie waarin onder meer grondwet en onafhankelijke rechterlijke macht pijlers zijn en belangen van minderheden gewaarborgd horen te zijn

This item has no instructions