Melodie: motief, thema en riff (Muziek vmbo), les 2: Examentraining

VAKTHEORIE · MELODIE

EXAMENTRAINING

Melodie: motief, thema en riff: zo pak je examenvragen aan

1 / 17
next
Slide 1: Slide
New lesson editorMuziekMiddelbare schoolvmbo g, tLeerjaar 3,4

This lesson contains 17 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 45 min
Report this lesson

Introduction

Examentraining met luistervragen: motief en thema herkennen, riff en ostinato horen en een break of sequens benoemen, met stappenplan en tips.

Items in this lesson

VAKTHEORIE · MELODIE

EXAMENTRAINING

Melodie: motief, thema en riff: zo pak je examenvragen aan

Les 2 van 3. Laat leerlingen in tweetallen overleggen bij de open vragen. Image credit: Joseph Karl Stieler / Wikimedia Commons, publiek domein

♪ VAKTHEORIE · MELODIE

WAT GA JE KUNNEN?

Ik kan een motief, thema, riff, ostinato en break horen en benoemen.

This item has no instructions

♪ VAKTHEORIE · MELODIE

ZO PAK JE EEN EXAMENVRAAG AAN

  • 1. Lees: welk begrip wordt gevraagd? Een kort stukje, een hoofdmelodie of een herhaald patroon?

  • 2. Luister: speel het fragment twee keer. Let op wat steeds terugkomt.

  • 3. Vergelijk: hoe lang is het stukje? Kort is een motief, langer is een thema.

  • 4. Kies: kies het begrip dat bij wat je hoort past en controleer het nog een keer.

This item has no instructions

♪ VAKTHEORIE · MELODIE

VRAAGTYPE 1: MOTIEF EN THEMA HERKENNEN

  • Je hoort een fragment en benoemt een motief of een thema.

  • Een motief is een paar tonen. Een thema is de hele hoofdmelodie.

  • Let op wat er steeds terugkomt.

This item has no instructions

Video: Mozart: Symfonie nr. 40, deel 1 (Norwegian Chamber Orchestra). Wat leerlingen horen: het onrustige begin van Mozarts veertigste symfonie, met een kort stukje van een paar tonen dat steeds terugkomt. Goede antwoord: een motief.

Je hoort het begin van Mozarts veertigste symfonie. Welk begrip past bij het begin?

A

Een break waarin een solist doorspeelt

B

Een nazin die antwoordt op de voorzin

C

Een motief van een paar tonen dat herhaald wordt

D

Een riff die het hele nummer blijft

Het thema begint met een kort melodiestukje van een paar tonen dat meteen herhaald wordt. Dat is een motief. Wie de nazin kiest, let niet op het begin maar op het tweede deel van het thema.

Hoe heet de hoofdmelodie van een stuk?

Goede antwoord: thema. Verwachte fout: motief. Een motief is maar een paar tonen, de hoofdmelodie is het thema.

Ritchie Blackmore, gitarist van Deep Purple, 1971

♪ VAKTHEORIE · MELODIE

VRAAGTYPE 2: RIFF EN OSTINATO HOREN

  • Je hoort een patroon dat blijft terugkomen.

  • Een riff geeft een nummer zijn karakter, vaak op een gitaar.

  • Een ostinato is een patroon dat blijft doorgaan onder de rest van de muziek.

Image credit: Gladstone~dewiki / Wikimedia Commons, CC BY-SA 4.0

Video: Deep Purple: Smoke on the Water (2024 remaster). Wat leerlingen horen: de beroemde gitaarriff van Smoke on the Water, eerst alleen, daarna met de rest van de band. Goede antwoord: een riff.

Je hoort het begin van Smoke on the Water. Wat speelt de gitaar?

A

Een riff die het hele nummer terugkomt

B

Een nazin op een vraag van de zanger

C

Een break van twee maten

D

Een sequens van een klassiek thema

De gitaar speelt een korte, bekende frase die het hele nummer terugkomt: een riff. Wie de break kiest, let op de stilte, maar hier stopt de begeleiding niet.

Video: Pachelbel: Canon in D (Neville Marriner). Wat leerlingen horen: de lage tonen herhalen steeds hetzelfde patroon, terwijl bovenin de violen steeds andere melodieen erboven spelen. Goede antwoord: een ostinato.

Je hoort Pachelbels Canon. Wat doen de lage strijkers?

A

Ze spelen een break van twee maten

B

Ze spelen alleen de voorzin van het thema

C

Ze spelen een riff die ineens stopt

D

Ze spelen steeds hetzelfde patroon: een ostinato

De lage tonen herhalen steeds hetzelfde korte patroon onder de melodie. Dat is een ostinato. Wie de voorzin kiest, let alleen op de melodie bovenin.

♪ VAKTHEORIE · MELODIE

VRAAGTYPE 3: BREAK EN SEQUENS BEGRIJPEN

  • Een break is een onderbreking van de begeleiding van een of twee maten.

  • De solist speelt dan gewoon door.

  • Bij een sequens klinkt een motief nog een keer op een andere hoogte.

This item has no instructions

In een jazznummer stopt de band twee maten. De trompettist speelt door. Wat is dit?

A

Een ostinato

B

Een break

C

Een nazin

D

Een sequens

De begeleiding stopt een of twee maten en de solist speelt door: een break. Wie ostinato kiest, denkt dat het patroon doorgaat, maar hier stopt de begeleiding.

Een componist laat een motief nog een keer klinken, maar een stapje lager. Wat is dat?

A

Een sequens

B

Een break

C

Een ostinato

D

Een voorzin

Hetzelfde motief op een andere hoogte is een sequens. Dit begrip hoef je alleen te herkennen. Wie ostinato kiest, vergeet dat bij een ostinato het patroon op dezelfde hoogte blijft.

Welk vraagtype vind jij het lastigst?

1

Motief en thema

2

Riff en ostinato

3

Break en sequens

4

Voorzin en nazin

Bespreek de uitslag en laat leerlingen de fragmenten uit de uitleg nog een keer beluisteren.

♪ VAKTHEORIE · MELODIE

TIPS VOOR OP HET EXAMEN

  • Luister een fragment altijd twee keer: eerst globaal, dan op wat er steeds terugkomt.

  • Kort stukje van een paar tonen: motief. De hele hoofdmelodie: thema.

  • Een patroon dat het hele nummer terugkomt: riff. Een patroon onder de muziek: ostinato.

  • Stopt de begeleiding even en speelt een solist door? Dan hoor je een break.

This item has no instructions