Politieke socialisatie en ideologie (Maatschappijwetenschappen havo), les 3: Terugblik quiz

VORMING · POLITIEKE SOCIALISATIE

Quiz

Terugblik: Politieke socialisatie en ideologie

1 / 14
next
Slide 1: Slide
New lesson editorMaatschappijwetenschappenMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4,5

This lesson contains 14 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 30 min
Report this lesson

Introduction

Terugblik met een quiz van elf vragen over politieke socialisatie, dimensies en de drie hoofdstromingen.

Items in this lesson

VORMING · POLITIEKE SOCIALISATIE

Quiz

Terugblik: Politieke socialisatie en ideologie

Les 3 van 3. Leerlingen beantwoorden individueel; bespreek na elke paar vragen kort de antwoorden. Image credit: Husky / Wikimedia Commons, CC BY 4.0

Wat is politieke socialisatie?

A

Het uitbrengen van een stem bij verkiezingen

B

Het schrijven van een beginselprogramma

C

Overdracht en verwerving van politieke cultuur

D

Het ontstaan van een nieuwe politieke partij

Syllabus 5.1. Verwachte fout: socialisatie gelijkstellen aan stemmen.

Vul in

De sociale omgeving, het onderwijs, de media en de sociaaleconomische klasse beïnvloeden je politieke opvattingen.

onderwijs
klasse
leeftijd
ideologie

Syllabus 5.1: vier factoren. Verwachte fout: ideologie kiezen, dat is geen factor maar een uitkomst.

Welke waarden draagt een parlementaire democratie over?

A

Gehoorzaamheid, orde en een sterke leider

B

Belangenafweging, compromissen sluiten en samenwerking

C

Concurrentie, winst en eigenbelang

D

Traditie, geloof en gezag van ouderen

Syllabus 5.1. Verwachte fout: orde en gezag kiezen.

Welke dimensie gaat over steun voor verandering of behoud van tradities?

A

Links/rechts

B

Materialisme/postmaterialisme

C

Confessioneel/liberaal

D

Progressief/conservatief

Syllabus 5.2. Verwachte fout: links/rechts kiezen.

Omschrijf in één zin wat een politieke ideologie is.

Goed antwoord: een samenhangend geheel van beginselen en denkbeelden over de meest wenselijke maatschappelijke en politieke verhoudingen. Verwachte fout: een ideologie omschrijven als een partij of als een losse mening.

Een kiezer vindt werk, inkomen en veiligheid het belangrijkst. Welke positie?

A

Postmaterialistisch

B

Progressief

C

Confessioneel

D

Materialistisch

Aanwijzing: materiële en fysieke zekerheid. Verwachte fout: postmaterialistisch kiezen.

Welke combinatie van stroming en uitgangspunt klopt?

A

Liberalisme: gelijkwaardigheid en een sturende overheid

B

Socialisme: gelijkwaardigheid en een sturende overheid

C

Confessionalisme: individuele rechten en vrijheden

D

Socialisme: christelijke waarden en verbanden

Syllabus 5.2. Verwachte fout: uitgangspunten van stromingen omwisselen.

Vul in

Partijen maken vaak een beginselprogramma op basis van een politieke ideologie.

beginselprogramma
ideologie
verkiezingsprogramma
dimensie
coalitieakkoord

Syllabus 5.2. Verwachte fout: verkiezingsprogramma kiezen.

Een partij wil dat burgers en bedrijven meer zelf beslissen en de overheid minder regelt. Welke positie?

A

Links op de dimensie links/rechts

B

Midden op de dimensie links/rechts

C

Rechts op de dimensie links/rechts

D

Progressief op de dimensie progressief/conservatief

Aanwijzing: meer ruimte voor markt en eigen keuzes. Verwachte fout: progressief kiezen, dat is een andere dimensie.

Tim stemt op dezelfde partij als zijn klasgenoten omdat hij erbij wil horen. Wat is dit?

A

Aanpassing aan de opvattingen van de groep

B

Het opstellen van een beginselprogramma

C

Het ontstaan van een nieuwe stroming

D

Een verandering van de politieke cultuur

Syllabus 5.1: mensen passen zich aan de groep aan. Verwachte fout: zeggen dat Tim een ideologie heeft gekozen.

Voor welke groepen kun je over een politieke cultuur spreken?

A

Alleen een land met een parlement

B

Een land, groepen daarbinnen en organisaties over grenzen

C

Alleen partijen met een ideologie

D

Alleen groepen die samen stemmen

Syllabus 5.1. Verwachte fout: denken dat politieke cultuur alleen bij landen hoort.

Hoe zeker voel je je over dit onderwerp?

1

Heel zeker

2

Redelijk zeker

3

Niet zo zeker

4

Helemaal niet zeker

Gebruik de uitslag om te bepalen of je een onderdeel herhaalt.

VORMING · POLITIEKE SOCIALISATIE

Goed gedaan!

Politieke socialisatie geeft je de politieke cultuur mee, dimensies en stromingen helpen je meningen in te delen en te herkennen.

This item has no instructions