DP3 H5 5.3

1 / 19
next
Slide 1: Slide
Dienstverlening en ProductenMiddelbare schoolvmbo gLeerjaar 4

This lesson contains 19 slides, with text slides.

Report this lesson

Items in this lesson

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

✍️ Startopdracht in stilte
Een winkel verkoopt een koptelefoon voor €79,95. Op het kaartje staat alleen “€79,95”. De koptelefoon heeft noise cancelling, een batterijduur van 30 uur en twee jaar garantie.

Vragen
Welke belangrijke informatie mist de klant?
Welke informatie zou jij toevoegen?
Wat moet volgens jou het grootste op het kaartje staan?

Slide 2 - Slide

This item has no instructions

Lesplanning
Startopdracht
Terugblik
Koopgedrag
Boekopdrachten
Energizer
Praktijk
Exit ticket

HERHALEN → LEREN → OEFENEN → DOEN → TERUGKIJKEN




Slide 3 - Slide

“Vorige les ging het over presenteren. Vandaag gaan we een stap verder. Je krijgt niet altijd vijf of tien minuten om iets uit te leggen. Soms moet je iemand in heel korte tijd enthousiast maken.”
🎯Leerdoelen paragraaf 5.1

Aan het einde van de les kan ik...

  • display, schap en vitrine onderscheiden;
  • promotiematerialen herkennen;
  • een goede prijs- of tekstkaart maken;
  • promotiemateriaal kiezen dat past bij doel en doelgroep.


Hoe geef je klanten precies de informatie die ze nodig hebben?

Slide 4 - Slide

This item has no instructions

Even terug
Wat is het verschil tussen: 

OPBOUWMATERIAAL

DECORATIEMATERIAAL

Noem van beide één voorbeeld.

Slide 5 - Slide

Wat weet je nog?

Koopbehoefte = ...

Wat iemand wil of nodig heeft.

Koopmotief = ...

De reden waarom iemand iets wil kopen.

Waarom zijn die twee belangrijk voor een verkoper?

Omdat je anders moeilijk een passend advies kunt geven.
Waar zet je producten?
DISPLAY
Tijdelijke presentatie.
Doel:
extra aandacht

SCHAP
Voor de vaste collectie.

VITRINE
Voor: kostbare of kwetsbare producten.

Slide 6 - Slide

This item has no instructions

Wat kies jij?
Product 1
Horloge van €8.000.


Product 2
Twintig soorten shampoo die altijd worden verkocht.


Product 3
Nieuwe limited-edition sneaker deze week.

→ bijvoorbeeld display

Slide 7 - Slide

AIDA

Waar staan de letters voor?

A – Attention
I – Interest
D – Desire
A – Action

Extra:

Welke stap betekent:

“Koop hem vandaag!”

Action
WINKELRACE
Sta op! Drie kanten van het lokaal:
  • DISPLAY
  • SCHAP
  • VITRINE

Ik noem een product. Loop naar wat jij zou kiezen.

Belangrijk
Soms zijn meerdere antwoorden mogelijk.
Je moet je keuze kunnen uitleggen.

Slide 8 - Slide

elektrische stadsfiets;
gouden horloge;
sportschoenen;
kringloopwinkel;
parfum;
energiedrank.
Promotiematerialen

Promotiematerialen helpen producten extra onder de aandacht te brengen.
Bijvoorbeeld:
  • posters;
  • folders;
  • flyers;
  • prijskaarten;
  • tekstkaarten;
  • stoepborden;
  • banners;
  • give-aways;
  • verpakkingen met logo;
  • narrowcasting/slideshow

Slide 9 - Slide

This item has no instructions

Welke kies je?
Je keuze hangt volgens de theorie af van:

DOEL
DOELGROEP
BUDGET.
Voorbeeld

Een kleine bakker wil mensen buiten de winkel laten weten:
“Vandaag verse appeltaart €6,95.”
Wat werkt waarschijnlijk goed?

Slide 10 - Slide

stoepbord

Goed promotiemateriaal
Goed promotiemateriaal:
✅ geeft duidelijke informatie
✅ is goed leesbaar
✅ heeft een logische indeling
✅ trekt aandacht
✅ ziet er verzorgd uit
✅ past bij de huisstijl.

Slide 11 - Slide

This item has no instructions

Prijskaart of tekstkaart?
PRIJSKAART
Hierop staat:
alleen de prijs.

TEKSTKAART
Hierop staat:
prijs + extra productinformatie.

Slide 12 - Slide

This item has no instructions

Wat gebruik je?
Prijskaart of tekstkaart?

Een blikje cola

Een laptop van €999

Waarom?


Slide 13 - Slide

This item has no instructions

Een goede prijs- of tekstkaart:
heeft duidelijke indeling;
gebruikt grote cijfers;
is leesbaar;
ziet er netjes uit.

Belangrijk
De klant moet de belangrijkste informatie: SNEL KUNNEN ZIEN.

Slide 14 - Slide

This item has no instructions

Slide 15 - Slide

This item has no instructions

Zelfstandig werken

1. Lees eerst de theorie goed (grijze gedeeltes in je boek)
2. Gebruik je markeerstift. Markeer alleen:
🟨 belangrijke begrippen & definities
🟨 stappen
🟨 dingen die je moet onthouden

Maak daarna:
  • paragraaf H5  §5.3: 17, 18 en 19
  • Praktijkopdracht : word opdracht vanaf 12.45 uut
👉 Eerst lezen en begrijpen
👉 Daarna opdrachten maken

Slide 16 - Slide

Tijdens zelfstandig werken

Voor basisleerlingen zou ik niet zeggen: “Markeer alles wat belangrijk is.” Dat wordt inderdaad vaak een halve gele bladzijde.

Geef liever deze instructie:

Markeer per stukje theorie maximaal drie belangrijke woorden.

En loop tijdens het werken langs met vragen als:

“Wat is hier het belangrijkste begrip?”
“Waar vind je het antwoord in de theorie?”
“Hoort dit bij voorbereiden, maken of presenteren?”
“Waarom is de doelgroep belangrijk?”
Zelfstandig werken

Klaar met een onderdeel?

✅ Pak het antwoordmodel bij de docent
✅ Kijk je antwoorden na
✅ Verbeter je fouten


👉 Eerst lezen & begrijpen → dan maken → daarna nakijken & verbeteren

Slide 17 - Slide

This item has no instructions

Praktijkopdracht 7 en 8
PRAKTIJK
Voer praktijkopdracht 7 en 8 uit volgens het boek.

Reflectie:
Maak af:
Mijn promotiemateriaal werkt goed omdat...
en:
Ik zou nog kunnen verbeteren...

Slide 18 - Slide

Tijdens zelfstandig werken

Voor basisleerlingen zou ik niet zeggen: “Markeer alles wat belangrijk is.” Dat wordt inderdaad vaak een halve gele bladzijde.

Geef liever deze instructie:

Markeer per stukje theorie maximaal drie belangrijke woorden.

En loop tijdens het werken langs met vragen als:

“Wat is hier het belangrijkste begrip?”
“Waar vind je het antwoord in de theorie?”
“Hoort dit bij voorbereiden, maken of presenteren?”
“Waarom is de doelgroep belangrijk?”
✍️Exitticket
Adviseer de winkel
Een winkel verkoopt een dure smartwatch van €499.
De klant wil snel kunnen zien:
  • prijs;
  • batterijduur;
  • belangrijkste functies.
Beantwoord:
1. Prijskaart of tekstkaart?
2. Display, schap of vitrine?
3. Noem één manier om extra aandacht te trekken.

Slide 19 - Slide

Antwoord: fase 2 – koopbehoefte onderzoeken.