Welcome!
Welcome!
Lesopbouw voor vandaag
Wat weten we al?
10+ minuten uitleg
Zelf aan de slag
Afsluiting / reflectie
Wat weten we al?
Wat is de lesopbouw?
What the Modals!
Lesdoelen voor vandaag
Aan het einde van deze les weet ik:
wat Modal Verbs zijn
wanneer ik deze moet gebruiken en kan eenvoudige zinnen ermee maken.
Dit geeft aan of iets mogelijk is/geeft aan wat je kan doen.
Iemand advies geven (geen verplichting)
Je raadt iemand sterk aan om iets te doen (geen verplichting)
Een actie moet gedaan worden (verplicht)
You must brush your teeth twice a day.
I can drive a car.
You can travel if you have a passport.
He should change his clothes.
Jane has to finish the report today.
Kijk naar de foto en geef aan wat hij kan doen (geef aan wat iemand kan doen)
He is sitting on the bike
He can ride a bike
He can't ride a bike
He is biking
Kijk naar de foto en geef aan wat hij kan doen (geef aan wat iemand kan doen)
She is holding the cake
She loves cakes
She can bake cakes
She is a baker
Welke zin is goed
We mustn't make any noise; my grandfather's sleeping.
We may make any noise; my grandfather's sleeping.
We don't must make any noise; my grandfather's sleeping.
Just not making any noise
Welke zin is goed
Must call him
Shan't I call him
Him has to call me
Should I call him?
Ze de zin bij de goede modal verb
Should
Must
Have to
Can
Stay in bed to get better
Show your passport to ge on a plane
always get enough sleep before driving a car.
the ability to race a car well
George has travelled a lot. He ______________ speak 4 languages.
couldn't
has to
must
can
Maak nu opdracht:
Bladzijde 114-117
Opdracht:
55-56-57-58
Niet af = huiswerk voor volgende les