2Q Globalisering - de wereld als systeem en mondiale productie

2Q Globalisering - de wereld als systeem en mondiale productie
1 / 24
next
Slide 1: Slide
AardrijkskundeMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 1-3

This lesson contains 24 slides, with interactive quizzes and text slides.

Items in this lesson

2Q Globalisering - de wereld als systeem en mondiale productie

Slide 1 - Slide

Kolonisatie en dekolonisatie 
- Je kan benoemen wat het startpunt van de globalisering is. 
- Je kunt benoemen waardoor de koloniën een andere rol kreeg. 
- Je kunt benoemen welke rol de koloniën toen kregen. 
- Je kunt benoemen hoe de koloniën uiteindelijk onafhankelijk werden. 



Slide 2 - Slide

Kolonisatie en dekolonisatie
- ontdekkingsreizen 
- door de opkomst van de industrie 
-moesten de kolonien de leverancier van grondstoffen worden en werden ze een afzetmarkt. 
- In de loop van de 19e en 20ste eeuw maakten de kolonien zich los van de (Europese) moederlanden en werden zelfstandig. 



Slide 3 - Slide

Soorten kolonien 
- Je kunt benoemen welke twee koloniën er waren. 
- Je kunt de namen van de twee koloniën verklaren. 
- Je kunt de redenen benoemen waarom mensen overzee gingen wonen. 

Slide 4 - Slide

- exploitatie kolonië en vestigingskolonië
- de exploitatië kolonië komt van het woord exploiteren, dit betekent uitbuiten. 
& vestigingskolonië zit het woord vestigen in en betekent dat mensen overzee zich blijven gingen vestigen. 
- In de 19e eeuw was er armoede, honger en werkloosheid in Europese landen, gevolg was migratie. Er waren ook oorlogen en er was niet overal vrijheid van godsdienst of meningsuiting. 

Slide 5 - Slide

Centrum en periferie 
- Je kunt uitleggen welke tegenstelling er ontstond in het economische wereldsysteem? 
- Je kunt uitleggen de drie kenmerken van centrumlanden benoemen. 
- Je kunt de drie a vier kenmerken van periferielanden uitleggen. 
- Je kunt uitleggen waar BRIC landen voor staan 
- Je kunt uitleggen waardoor de periferie landen zijn gegroeid naar semi- periferie landen
- Je kunt de kenmerken van semiperiferie uitleggen. 

Slide 6 - Slide

Centrum en periferie 
- centrumlanden en periferie
-  ze liggen metname in Europa, de productie in die landen is hoog en er is een koopkrachtige bevolking
-  landen met een laaginkomen, afhankelijkheid nadelige handelsrelaties gebrekkige technologie 
- Brazilië, Rusland, India en China 
-  door de industrie 
- bedrijven vestigen zich graag in het land omdat de lonen laag zijn. 

Slide 7 - Slide

semi-periferie
Centrum
Periferie

Slide 8 - Drag question

Centrumlanden
De rijke landen in de wereld.

Wat valt je op aan de locatie van deze landen? 

Slide 9 - Slide

Periferie 
Periferie (= rand, buitenkant)
3 factoren:
1. Afhankelijkheid
2. Nadelige handelsrelaties. 
3. Gebrekkige technologie en lage productie

Locatie?

Slide 10 - Slide

Wat zal de semi-periferie zijn?
A
Landen die enorm arm zijn.
B
Landen die niet arm maar ook niet rijk zijn.
C
Landen die enorm rijk zijn.
D
half buitenlandse landen.

Slide 11 - Quiz

Waarom willen bedrijven uit centrumlanden zich graag vestigen in de semi-periferie?

Slide 12 - Open question

Neokolonialisme 
- Je kunt uitleggen hoe de ex-koloniën dezelfde rol behielden die ze hadden.
- Je kunt uitleggen wat neokolonialisme betekent. 
-

Slide 13 - Slide

Neokolonialisme 
-  Ze bleven leveranciers van grondstoffen en afnemers van de industrieproducten. 
- Dezelfde afhankelijkheid van de periferie van de centrum landen na dekolonisatie 
- de twee nadelen van de export van de grondstoffen zijn : 
1. Grondstoffenwinning(mijnbouw) is arbeidsextensief, levert weinig werk op. 
2. De winning van grondstoffen is in de handen van buitenlandse ondernemingen. Buitenlanders hebben de best betaalde functies. 
2. De prijzen van grondstoffen zijn laag en stijgen meestal minder snel dan de prijzen van industrieproducten. (ruilvoet) 

Slide 14 - Slide

Neokolonialisme
Neokolonialisme: situatie dat arme landen economisch afhankelijk zijn van rijke landen, ondanks de bevochten politieke onafhankelijkheid

politiek onafhankelijk, maar economisch afhankelijk

Slide 15 - Slide

Ruilvoetverslechtering
Ruilvoetverslechtering

Slide 16 - Slide

Neokolonialisme
Neo = Nieuw

Ex-koloniën blijven afhankelijk van de centrumlanden. 

Slide 17 - Slide

Nadelen van export grondstoffen. 
1. Grondstofwinning arbeidsextensief
2. Grondstoffen in handen van buitenlandse onderneming. 
3. De ruilvoet en ruilvoetverslechtering.


--> De prijzen stijgen soms ineens van de grondstoffen, alleen dit is geen zekerheid. De wisselvalligheid in het prijspeil maakt het gevaarlijk voor een land om hier afhankelijk van te zijn. 

Slide 18 - Slide

Ruilvoetverslechtering?

Slide 19 - Slide

Mondiale productie 

Slide 20 - Slide

Global city's - Wereldstad - Metropool 
  • wereldstad - economie, cultuur en politiek  

  • via global cities verspreid westerse cultuur

  • Hoogopgeleide en goed betaalde mensen van over dehele wereld wonen en werken. 


Slide 21 - Slide

global city's: op welke gebieden?  
New York
Washington
Los Angeles
(dimensies)

Slide 22 - Slide

De invloed van de global city groeit
  • Global cities / wereldsteden 
    Steden met wereldwijde invloed.

Inwoneraantal maakt niet uit.


Slide 23 - Slide

Multiculturele ondernemingen 

Slide 24 - Slide