L22: De samengestelde zin

pag. 239
1 / 37
next
Slide 1: Slide
NederlandsMiddelbare schoolmavoLeerjaar 4

This lesson contains 37 slides, with interactive quizzes and text slides.

Items in this lesson

pag. 239

Slide 1 - Slide

Wat gaan we zien...

  • Het verschil tussen een enkelvoudige en een samengestelde zin
  • Het verschil tussen nevenschikking en onderschikking
  • De belangrijkste nevenschikkende en onderschikkende voegwoorden en zinsverbanden.

Slide 2 - Slide

Deel 1: 


de enkelvoudige en samengestelde zin

Slide 3 - Slide

Enkelvoudige  zin
1. a. Onderstreep telkens de woorden die je nodig hebt om de kern van de boodschap te begrijpen.
pag. 239

Slide 4 - Slide

b. Over welke zinsdelen gaat het?
  •  --->onderwerp (o) en persoonsvorm (pv) = zin
pag . 239

Slide 5 - Slide

Samengestelde zin
2.a Duid de onderwerpen en persoonsvormen aan.

Slide 6 - Slide

Samengestelde zin
2.a Duid de onderwerpen en persoonsvormen aan.

Slide 7 - Slide

b. Wat is het verschil tussen een enkelvoudige en samengestelde zin?

Slide 8 - Open question

Slide 9 - Slide

c. Hoe maak je een samengestelde zin?

Slide 10 - Open question

Slide 11 - Slide

Even denken...
Waarom gebruiken we enerzijds enkelvoudige zinnen en anderzijds samengestelde zinnen? 
Wat is het nut/ doel?

Slide 12 - Slide

  gemakkelijker en korter
meer structuur en meer informatie in 1 zin.

Slide 13 - Slide

Maak oef. 4 a-b-c
  • Duid alle onderwerpen aan.
  • Duid alle pv's aan.
  • Is het een enkelvoudige (EZ) of samengestelde (SZ) zin?
pag. 240
Duo
timer
7:00

Slide 14 - Slide

Slide 15 - Slide

Slide 16 - Slide

Slide 17 - Slide

4H-MWc zal deze vraag gemakkelijk kunnen oplossen.
A
Enkelvoudige zin
B
Samengestelde zin

Slide 18 - Quiz

4H-MWc heeft de vorige vraag met gemak opgelost want ze hebben goed opgelet.
A
Enkelvoudige zin
B
Samengestelde zin

Slide 19 - Quiz

Deel 2:


Nevenschikking en onderschikking

Slide 20 - Slide

Maak eerst oef. 1 en 2
pag. 241
timer
3:00
Duo
Duo

Slide 21 - Slide

oef. 1
oef. 2

Slide 22 - Slide

Slide 23 - Slide

Een leerstrategie is de manier waarop leerlingen het leren aanpakken zodat ze makkelijker hun leerdoel bereiken.
A
Enkelvoudige zin
B
Samengestelde zin

Slide 24 - Quiz

Een leerstrategie is de manier waarop leerlingen het leren aanpakken zodat ze makkelijker hun leerdoel bereiken.
A
Nevenschikking
B
Onderschikking

Slide 25 - Quiz

Er bestaan veel zo'n strategieën, maar welke leerstrategieën werken echt?
A
Enkelvoudige zin
B
Samengestelde zin

Slide 26 - Quiz

Er bestaan veel zo'n strategieën, maar welke leerstrategieën werken echt?
A
Nevenschikking
B
Onderschikking

Slide 27 - Quiz

Maak verder oef. 4 a, b en c
pag. 243

Slide 28 - Slide

Dit zijn de signaalwoorden uit de vorige oefening. Sleep ze naar de juiste kolom.
maar
want
en
zodat
omdat
als
waardoor
doordat
die

Slide 29 - Drag question

Deel 3: 


Zinsverbanden
pag. 244

Slide 30 - Slide

Zinsverbanden
Ik durf niet te kijken omdat ik bang was.
---> omdat geeft hier een reden aan.

Ik wou drinken maar de melk was te zuur.
----> maar duidt op een tegenstelling.


pag. 244

Slide 31 - Slide

Maak oef. 1 en 2
zinsverbanden: signaalwoorden drukken een verband uit tussen 2 zinnen.
opsomming
tegenstelling
gevolg
oorzaak
vergelijking
tijd
voorwaarde

toegeving 
reden 
doel
pag. 244
timer
10:00

Slide 32 - Slide

Slide 33 - Slide

Slide 34 - Slide

Maak oef. 3 (CS->SS)
1. Zoek de o en de pv's.
2. Markeer het signaalwoord.
3. Lees de 2 zinnen apart.
4. Bepaal het verband tussen de 2 zinnen.
pag. 245
opsomming
tegenstelling
gevolg
oorzaak
vergelijking
tijd
voorwaarde

toegeving 
reden 
doel

Slide 35 - Slide

Maak de zelftest op pag. 246
-> Correctiesleutel op SS/doc/leerwerkboek/ L22

Klaar? Online op Diddit kan je nog oefenen.
timer
5:00

Slide 36 - Slide

Evaluaties:
AGENDA:

Taak
  • Opdrachtomschrijving staat in Google Classroom.
  • Taak over de samengestelde zin tegen _______?__________

Slide 37 - Slide