H5 Nederland in de wereld

In dit hoofdstuk

1 / 65
suivant
Slide 1: Slide
newEditorEconomieMiddelbare schoolvmbo g, t, mavoLeerjaar 4

Cette leçon contient 65 diapositives, avec quiz interactifs et diapositives de texte.

time-iconLa durée de la leçon est: 50 min
Signaler cette leçon

Éléments de cette leçon

In dit hoofdstuk

Welke landen zijn lid van de EU?

Nederland is lid van de Europese Unie (EU). De landen van de EU werken met elkaar samen op economisch gebied. Tussen de landen van de EU is vrijhandel van goederen en diensten. Ook mogen personen werken, studeren en wonen binnen de EU waar ze willen. Een aantal lidstaten heeft de euro als munteenheid. Dit heet de eurozone.


Welke landen zijn lidstaten? In 2016 waren dat 28 landen. Weet jij ze allemaal?


Maak de puzzel.

1

minute

00

second

5.1 de wereld in Nederland

Introductie

Nederland is een handelsland met veel import en export. Veel van wat je koopt, komt uit het buitenland. En veel Nederlandse producten gaan naar het buitenland. In deze paragraaf leer je waarom import voor Nederland zo belangrijk is.


Leerdoel

  • Ik kan uitleggen waarom producten uit het buitenland belangrijk zijn voor Nederland.

H5 Nederland in de wereld

Welke producten heb jij vandaag bij je of draag je, die uit het buitenland komen?

import (invoer)


De aankoop van producten in het buitenland.

Wat is import?

A

De aankoop van buitenlandse producten

B

Belastingen op lokale goederen

C

Exporteren naar andere landen

Voordelen van import voor de Nederlandse consument

  • Grote variatie in producten en diensten


  • Meer concurrentie tussen Nederlandse en Buitenlandse bedrijven.


Waarom is het voordelig voor de consument dat er veel concurrentie is?


importquote


De import in procenten van de totale productie van een land (het bbp).

Opdracht 12a

Huiswerk

H5 paragraaf 1 opdracht 6 t/m 12

Importquote berekenen

Formule:​

​

Importwaarde : totale productie x 100%



H5.2 Nederland exportland

Meer dan de helft van alles wat we in Nederland maken, wordt verkocht aan het buitenland. Zonder die verkoop zouden zeer veel mensen zonder werk zitten. Het buitenland is daarom erg belangrijk voor Nederland.


Leerdoel:

Ik kan uitleggen waarom export belangrijk is voor de Nederlandse economie.

Waarom is export belangrijk voor Nederland?

A

Het is alleen goed voor grote bedrijven.

B

Het versterkt de Nederlandse economie.

C

Het creëert banen voor mensen.

D

Het vermindert de werkgelegenheid.

Wat gebeurt er zonder export in Nederland?

A

Veel mensen zouden zonder werk zitten.

B

De economie zou krimpen.

C

Er zou meer productie zijn.

D

Export is onbelangrijk voor Nederland.

Hoe bereken je de importquote?

A

Import goederen in € : totale productie in € x 100

B

Totale productie in € : import goederen in € x 100

C

Answer C

D

Answer D

Oefening

1A: In welk gebied wordt de meeste Nederlandse kaas verkocht?


1B: De totale kaasexport van Nederland is €3.543.720

Hoeveel procent daarvan werd naar andere EU-landen geëxporteerd? Geef je berekening en rond af op hele procenten.

Importquota en exportquota

In de vorige les hebben we geleerd hoe we de importquote berekenen.


Deze les leer je hoe je de exportquote berekent.



Importquota en exportquota

In de vorige paragraaf hebben we geleerd hoe we de importquote berekenen.


In deze paragraaf gaan we de exportquote berekenen.



Wat bedoelen we met export?

Importquota en exportquota

Wat kun je zeggen over het belang van import en export voor de economie?

Huiswerk

H5.2 opdracht: 2, 3, 4, 5, 9, 11 en 12


1

minute

00

second

Welke opdracht(en) vond je makkelijk en waarom?

Welke opdracht(en) vond je lastig en waarom?

5.3 Internationale handel

Nederland koopt veel verschillende goederen uit het buitenland. Nederland verkoopt veel van deze goederen weer door aan andere landen, het grootste gedeelte binnen Europa, maar ook daarbuiten. Deze paragraaf gaat over de internationale handel en de samenstelling van de Nederlandse import en export.


Leerdoel: Ik kan aangeven welke rol Nederland heeft in de internationale handel en in de samenstelling van de import en export.

Verschil in klimaat

Er is internationale arbeidsverdeling tussen Nederland en landen met een tropisch klimaat, bij de productie van voedsel. Door de internationale arbeidsverdeling kunnen Nederlanders en buitenlanders beter en goedkoper in hun behoeften voorzien. Wij kunnen bijvoorbeeld goedkoper melk en tarwe produceren en warme landen kunnen goedkoper kokosnoten en rijst produceren. Dat is gunstig voor de welvaart. Er zijn meer verschillen die tot internationale arbeidsverdeling leiden. Zo heeft Nederland wel aardgas, maar voor ijzer moeten we in andere landen zijn.

Wat betekent internationale arbeidsverdeling?

A

Productie is alleen lokaal georganiseerd

B

Alle landen produceren dezelfde producten

C

Verschillende landen produceren verschillende goederen

D

Samenwerking tussen landen voor productie

Wat produceert Nederland veel?

A

Melk

B

Rijst

C

Aardgas

D

Kokosnoten

Betalingsbalans en dekkingsgraad

Nederland drijft handel met de hele wereld, het meest met de EU. Nederland verdient meer geld met export dan het uitgeeft aan import. Dat betekent dat er een overschot is op de betalingsbalans. De betalingsbalans is een overzicht van alle betalingen van en naar het buitenland. De inkomsten uit de verkoop van goederen en diensten zijn dus hoger dan de uitgaven aan import. Dat kun je uitdrukken in de dekkingsgraad.


Formule dekkingsgraad = export : import × 100.

Oefening

Huiswerk

5.3 opdracht 6 t/m 12

5.4 Binnen de EU

Je kunt van Nederland door bijna heel Europa reizen zonder je paspoort te laten zien. Je kunt er ook werken, wonen en studeren. Je mag al je spullen meenemen zonder dat je wordt gecontroleerd. Binnen de Europese Unie is er vrij verkeer van goederen, diensten, kapitaal en personen. In deze paragraaf leer je daar meer over.


Leerdoelen:

Ik kan uitleggen wat vrij verkeer van goederen, kapitaal en mensen binnen de EU betekent.

Ik kan de voor- en nadelen van vrijhandel uitleggen.


Geef voorbeelden van vrij verkeer van goederen.

Geef voorbeelden van vrij verkeer van kapitaal.

Geef voorbeelden van vrij verkeer van diensten.

Geef voorbeelden van vrij verkeer van personen.

Huiswerk

5.4 opdracht: 3, 4, 5, 6, 8, 9, 10, 11, 12

5.5 Vreemd geld

Als je naar Denemarken, Engeland of Turkije op vakantie gaat, moet je met vreemd geld betalen. Veel mensen vinden dat prima, ook al is het minder gemakkelijk. Maar bedrijven en handelaren denken daar anders over. Afrekenen in vreemd geld kan voor hen zeer nadelig zijn. In deze paragraaf leer je daar meer over.


Leerdoel: Ik kan uitleggen wat de invloed is van vreemd geld op de internationale handel en er berekeningen mee maken.

Euro’s en andere valuta


Vroeger moest je altijd geld wisselen als je in het buitenland wilde betalen.

Nu is dat niet meer nodig in de landen van de Europese Monetaire Unie (EMU). Deze landen gebruiken allemaal dezelfde munteenheid: de euro.

Buiten de eurozone moet je nog steeds betalen met vreemd geld. Een ander woord is: vreemde valuta. De meest gebruikte valuta in de internationale handel is de Amerikaanse dollar (USD of $).


Opdracht 3

Huiswerk

5.5 opdracht: 3, 4, 5, 6, 7, 10, 11, 12 en 13.

5.6 de eurozone

De meeste landen van de EU zitten in de eurozone en hebben de euro als munt. Dit maakt deze landen meer afhankelijk van elkaar. Dat kan nadelig zijn, maar er is ook een voordeel. Want bij onderlinge handel hoeven ze geen rekening meer te houden met wisselkoersen. In deze paragraaf leer je daarover.


Leerdoelen:

Ik kan de voor- en nadelen van de eurozone benoemen.

Ik kan uitleggen wat de invloed van de euro is op de economie van de EMU-landen.

Huiswerk

5.6 opdracht: 7 t/m 13


Belangrijke begrippen 5.7

  • protectie

  • invoerrechten

  • contingentering

  • importquotum

Wat zijn invoerrechten?

A

Belastingen op geïmporteerde goederen

B

Kortingen op exportproducten

Wat is contingentering?

A

Verhoging van exportvolumes

B

Beperking van de hoeveelheid invoer

Wat is een importquotum?

A

Minimale prijs voor binnenlandse producten

B

Maximale hoeveelheid geïmporteerde goederen

Wat is het doel van protectie?

A

Bescherming van binnenlandse industrieën

B

Verlagen van belastingtarieven

Wie kan invoerrechten heffen?

A

De overheid van het land

B

Individuele consumenten

Huiswerk

5.7 opdracht: 6 t/m 13

Einde hoofdstuk 5

De volgende 3 dia's zijn voor mijn collega's daar hoef je niks mee te doen :)

5.7 de EU en de rest van de wereld

De landen van de EU werken nauw met elkaar samen als het gaat over de internationale handel. Binnen de EU is de handel vrij, maar dat geldt niet voor de handel van EU-landen met andere landen. In deze paragraaf leer je daarover.


Leerdoel:

Ik kan benoemen welke rol de EU speelt in de wereldhandel en hoe de economieën van EU-landen daarvan profiteren.


Welke 2 kenmerken horen bij het begrip?

Dekkingsgraad

Open economie

export : import x 100

betalingsbalans

veel import en export

internationale handel

Verschil in klimaat

Er is een internationale arbeidsverdeling tussen Nederland en land met een tropisch klimaat, bij de productie van voedsel.

Door deze arbeidsverdeling kunnen Nederlanders en buitenlanders beter en goedkoper voorzien in hun behoeften. Wij kunnen bijvoorbeeld goedkoper melk en tarwe produceren en warme landen kunnen goedkoper kokosnoten en rijst produceren.

internationale
melk en tarwe
kokosnoten en rijst

Lessonup delen met leerlingen in SOM

  1. Log in via het onderwijsportaal van je school.

  2. Ga naar de lesplanner of studiewijzer van het vak of de les waarin je het bestand wilt toevoegen.

  3. Maak (indien nodig) een nieuw lesmoment of onderdeel aan.

  4. Voeg een bijlage toe via de knop + Toevoegen of via de bijlageoptie in de studiewijzer.

  5. Selecteer het PDF-bestand van je LessonUp-les en bevestig.

Het bestand wordt opgeslagen bij het betreffende onderdeel in de studiewijzer en is zo toegankelijk voor je studenten.

Slide interactief maken met AI

Welke smiley past bij jou als het gaat om werken met LessonUp?

Wat zou je nog willen leren/weten?