Notenschrift en intervallen (Muziek havo), les 3: Terugblik quiz

VAKTHEORIE · TOONHOOGTE

QUIZ

Terugblik: Notenschrift en intervallen

1 / 18
suivant
Slide 1: Slide
newEditorMuziekMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4,5

Cette leçon contient 18 diapositives, avec quiz interactifs et diapositives de texte.

time-iconLa durée de la leçon est: 30 min
Signaler cette leçon

Introduction

Terugblik met een quiz van twaalf vragen, waarvan drie luistervragen, over notenschrift, voortekens, chromatiek, transponeren en intervallen.

Éléments de cette leçon

VAKTHEORIE · TOONHOOGTE

QUIZ

Terugblik: Notenschrift en intervallen

Les 3 van 3. Leerlingen beantwoorden individueel; bespreek na elke paar vragen kort de antwoorden. Image credit: Puikstekend / Wikimedia Commons, CC BY-SA 4.0

Video: The White Stripes: Seven Nation Army (officiële videoclip). Wat leerlingen horen: de gitaarriff aan het begin klinkt als een bas. Hij begint met twee gelijke tonen (reine prime) en springt dan een kleine terts omhoog.

Je hoort het begin van een riff. Welk interval vormen de eerste twee tonen?

A

Reine prime

B

Kleine secunde

C

Grote secunde

D

Kleine terts

De riff begint met twee gelijke tonen. Daarna volgt een sprong omhoog van een kleine terts. Wie kleine secunde kiest, hoort de lage klank als een stapje.

Video: Beethoven: Für Elise (Lang Lang, Deutsche Grammophon). Wat leerlingen horen: het bekende thema dat steeds heen en weer gaat tussen twee tonen vlak naast elkaar. Goede antwoord: kleine secunde.

De pianist speelt steeds twee tonen kort na elkaar. Welk interval is dat?

A

Grote secunde

B

Kleine terts

C

Kleine secunde

D

Reine prime

Het thema schommelt tussen E en Dis, een halve toon uit elkaar: kleine secunde. Wie grote secunde kiest, hoort een hele toon.

Video: Over the Rainbow (Judy Garland, The Wizard of Oz, WaterTower Music). Wat leerlingen horen: na een korte inleiding zingt de zangeres een grote sprong omhoog bij de eerste twee lettergrepen. Goede antwoord: rein octaaf.

Je hoort het begin van Over the Rainbow. Welk interval klinkt bij Some-where?

A

Reine kwint

B

Rein octaaf

C

Grote sext

D

Reine kwart

De zangeres springt bij de eerste twee lettergrepen een octaaf omhoog. Wie reine kwint kiest, onderschat de grote sprong.

Welke twee tonen vormen samen een grote secunde?

A

E en F

B

C en E

C

D en F

D

C en D

Een grote secunde is twee halve tonen: C naar D. E naar F is maar een halve toon (kleine secunde).

Vul in: chromatiek en glissando

Een reeks tonen die steeds een halve toon verschillen heet chromatiek; bij een glissando glijd je van de ene toon naar de andere.

chromatiek
glissando
transponeren
interval

Chromatiek is een reeks halve tonen, een glissando is glijden. Veelgemaakte fout: de twee omdraaien.

Een melodie wordt een kwart hoger gezet, verder verandert er niets. Hoe heet dat?

A

Chromatiek

B

Een glissando

C

Melodische verdichting

D

Transponeren

Een melodie hoger of lager zetten met gelijke intervallen heet transponeren.

Zet de intervallen van klein naar groot

1

Reine prime

2

Grote terts

3

Reine kwint

4

Klein septiem

Aantal halve tonen: 0, 4, 7 en 10. Veelgemaakte fout: klein septiem vooraan zetten omdat het woord klein erin zit.

Welke toon klinkt bij deze noot?

A

E

B

E met mol (es)

C

F

D

D met mol (des)

De twee mollen staan op de B en de E. De noot in de bovenste ruimte is E, dus klinkt hij als es. Wie E kiest, vergeet de voortekens bij de sleutel. Image credit: LessonUp, eigen afbeelding

Een melodie klimt steeds hoger en daalt aan het eind rustig terug. Wat bouwt het stijgen op?

A

Melodische ontspanning

B

Melodische verdunning

C

Melodische spanning

D

Een glissando

Het stijgen bouwt spanning op, het dalen geeft ontspanning. Wie ontspanning kiest, verwart de twee richtingen.

Wat gebeurt er in de tweede maat vergeleken met de eerste?

A

Melodische verdichting

B

Melodische verdunning

C

Transponeren

D

Chromatiek

In de tweede maat staan veel meer tonen dicht bij elkaar: verdichting. De tonen gaan met hele en halve stappen, maar niet steeds met halve tonen, dus het is geen chromatiek. Image credit: LessonUp, eigen afbeelding

Welk interval is C naar A, omhoog gerekend?

Goed antwoord: grote sext (zes letters, negen halve tonen). Veelgemaakte fout: reine kwint of grote terts, door verkeerd tellen.

Welk interval is C naar F met kruis?

A

Reine kwart

B

Overmatige kwart

C

Reine kwint

D

Grote terts

C D E F zijn vier letters, dus een kwart. Met het kruis telt het 6 halve tonen: overmatig. Wie reine kwart kiest, vergeet het kruis.

Hoe zeker voel je je over dit onderwerp?

1

Heel zeker

2

Redelijk zeker

3

Niet zo zeker

4

Helemaal niet zeker

Gebruik de uitslag om te bepalen of je een onderdeel herhaalt.

♪ VAKTHEORIE · TOONHOOGTE

GOED GEDAAN!

Je kent nu de basis van notenschrift en intervallen. Herhaal de sleutels en intervallen met de notenbeelden uit les 1.

Cet élément n'a pas d'instructions