INTERNATIONAAL · ONTWIKKELINGSLANDEN
Quiz
Terugblik: Arm en rijk
INTERNATIONAAL · ONTWIKKELINGSLANDEN
Quiz
Terugblik: Arm en rijk
Les 3 van 3. Leerlingen beantwoorden individueel; bespreek na elke paar vragen kort de antwoorden. Image credit: safaritravelplus / Wikimedia Commons, CC0
Welk kenmerk hoort bij onderontwikkeling?
Een hoog inkomen per hoofd van de bevolking
Een zeer lage bevolkingsgroei
Veel mensen die niet goed kunnen lezen
Een grote voorraad natuurlijke hulpbronnen
Laaggeletterdheid is een kenmerk. Alle leerwegen.
Vul in
Het IMF leent geld aan landen met geldproblemen. Een NGO is een particuliere hulporganisatie.
Alleen KB en GL/TL. IMF: geld en advies. NGO: niet-gouvernementele organisatie.
Nationaal inkomen per hoofd 5.000 euro, 2 miljoen inwoners. Nationaal inkomen?
10 miljoen euro
10 miljard euro
100 miljard euro
2.500 euro
5.000 x 2.000.000 = 10.000.000.000. Verwachte fout: een nul vergeten of delen in plaats van vermenigvuldigen.
Rijke landen heffen hoge invoerrechten op producten uit arme landen. Wat is dit?
Een vorm van noodhulp
Een vorm van kwijtschelding
Een gift aan arme landen
Een oorzaak van welvaartsverschillen
Invoerrechten maken producten uit arme landen duurder en moeilijker te verkopen. Alle leerwegen.
Zet op volgorde, van eerst naar laatst
Alleen KB en GL/TL. Voorbeeld van een microkrediet uit de uitleg.
Een organisatie bouwt een school en leidt leraren op. Welke hulp is dit?
Noodhulp
Een invoerrecht
Contingentering
Structurele hulp
Hulp voor de lange termijn is structurele hulp. Alle leerwegen.
Wat is ontwikkelingssamenwerking?
Arme landen sluiten hun grens voor invoer
Rijke en arme landen werken samen aan meer welvaart
Rijke landen kopen alle producten van arme landen
Een lening zonder rente aan één bedrijf
Samenwerking om de welvaart te laten groeien. Alle leerwegen.
Boeren eten wat ze zelf telen. Wat doet dat met het nationaal inkomen per hoofd?
Te hoog, want alles wordt dubbel geteld
Het verandert niet, want alles telt mee
Te laag, want zelfvoorziening wordt niet meegeteld
Te hoog, want zelf telen kost veel geld
Zelfvoorziening wordt niet verkocht en dus nauwelijks geregistreerd. Alle leerwegen.
Producenten en kopers spreken een stabiele prijs voor koffie af. Wat is dit?
Een grondstofovereenkomst
Een invoerrecht
Een zachte lening
Gebonden hulp
Alleen KB en GL/TL. Grondstofovereenkomst: afspraak over een stabiele prijs.
Noem een gevolg van onderontwikkeling.
Goed: armoede, werkloosheid of een lage levensverwachting (KB en GL/TL ook: schuldenproblematiek, politieke instabiliteit). Verwachte fout: een oorzaak noemen, zoals beperkte scholing.
Kim koopt vaker producten uit ontwikkelingslanden. Wat is een gevolg daar?
Minder werk en inkomen voor de producenten
Meer werk en inkomen voor de producenten
Alleen meer werk voor mensen in Nederland
Automatisch kwijtschelding van alle schulden
Meer vraag naar hun producten betekent meer inkomen en werk. Verwachte fout: denken dat kopen schadelijk is. Alle leerwegen.
Een rijk land schrijft een deel van de schuld van een arm land af. Wat is dit?
Contingentering
Een invoerrecht
Noodhulp
Kwijtschelding
Alleen KB en GL/TL. Kwijtschelding van schulden.
Hoe zeker voel je je over dit onderwerp?
Heel zeker
Redelijk zeker
Niet zo zeker
Helemaal niet zeker
Gebruik de uitslag om te bepalen of je een onderdeel herhaalt.
INTERNATIONAAL · ONTWIKKELINGSLANDEN
Goed gedaan!
Je kent nu de kenmerken, oorzaken en gevolgen van onderontwikkeling en de maatregelen daartegen. Vraag bij elke examenvraag: wat is het begrip, en wat is het gevolg voor het land?
Cet élément n'a pas d'instructions