Vorm: song en rondo (Muziek havo), les 3: Terugblik quiz

VAKTHEORIE · VORM

QUIZ

Terugblik: Vorm: song en rondo

1 / 14
suivant
Slide 1: Slide
newEditorMuziekMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4,5

Cette leçon contient 14 diapositives, avec quiz interactifs et diapositives de texte.

time-iconLa durée de la leçon est: 30 min
Signaler cette leçon

Introduction

Terugblik met quiz over de vorm van een song en het rondo.

Éléments de cette leçon

VAKTHEORIE · VORM

QUIZ

Terugblik: Vorm: song en rondo

Les 3 van 3. Leerlingen beantwoorden individueel; bespreek na elke paar vragen kort de antwoorden. Image credit: Norbert Nagel / Wikimedia Commons, CC BY-SA 4.0

Welk onderdeel klinkt aan het begin van een song, vaak instrumentaal?

A

De intro

B

De bridge

C

De coda

D

Het refrein

De intro (voorspel) opent het nummer. De coda is juist het slot.

Wat is kenmerkend voor het refrein van een song?

A

Het klinkt maar één keer

B

Het heeft elke keer een nieuwe tekst

C

Het is altijd instrumentaal

D

Het keert terug met dezelfde tekst en melodie

Dezelfde tekst en melodie bij elke herhaling is het kenmerk van het refrein. Een nieuwe tekst hoort bij het couplet.

Vul in: bouwstenen

Een couplet heeft een andere tekst bij elke herhaling en de bridge klinkt als een tussenstuk dat afwijkt van couplet en refrein.

couplet
bridge
refrein
tussenspel

Veelgemaakte fout: refrein invullen bij het eerste gat, terwijl het refrein juist dezelfde tekst houdt.

Wat betekent de letter A' in een vormschema?

A

Een volledig nieuw deel

B

Bijna dezelfde muziek als A, met een kleine verandering

C

Een deel dat precies gelijk is aan A

D

Het slot van het stuk

Het accent geeft een kleine variatie aan op deel A.

Zet de delen van Für Elise (ABACA) in de juiste volgorde

1

Hoofdthema A

2

A keert terug

3

Tussendeel C

4

Tussendeel B

5

A sluit af

A is het couplet, B het refrein, C de bridge. Fout: de bridge te vroeg zetten.

In het schema intro A A B A B coda: hoe vaak klinkt het deel A?

A

Drie keer

B

Twee keer

C

Vier keer

D

Eén keer

A staat op plek 2, 3 en 5. Wie twee kiest, mist het derde couplet.

Wat is een rondo?

A

Een vorm waarin stemmen elkaar nazingen

B

Een liedvorm met een bridge

C

Een vorm met een terugkerend rondorefrein en tussendelen

D

Een vorm in drie delen met een coda

Een rondo heeft een terugkerend rondorefrein. Nazingen is een canon, een bridge hoort bij een popsong.

Welk schema hoort bij Beethovens Für Elise?

A

ABAB

B

ABACA

C

AABB

D

ABCABC

Für Elise is een rondo met het schema ABACA.

Hoe hoor je dat een stuk een rondo is?

Goed: het openingsthema keert na elk contrasterend deel terug. Verwachte fout: alleen zeggen dat het stuk herhaald wordt zonder het contrast.

Vul in: rondo

In het schema ABACADA klinkt het rondorefrein vier keer en zijn B, C en D de tussendelen.

rondorefrein
D
bridge
E

A is het rondorefrein. Veelgemaakte fout: bridge invullen. Dat begrip hoort bij een song.

Een tussenstuk met tekst klinkt één keer en afwijkend. Wat is het?

A

Het refrein

B

Het tweede couplet

C

De prechorus

D

De bridge

Een deel dat maar één keer klinkt en afwijkt, is de bridge.

Hoe zeker voel je je over vorm: song en rondo?

1

Heel zeker

2

Redelijk zeker

3

Niet zo zeker

4

Helemaal niet zeker

Gebruik de uitslag om te bepalen of je een onderdeel herhaalt.

♪ VAKTHEORIE · VORM

GOED GEDAAN!

Je kent nu de onderdelen van een song, je kunt een vormschema met letters noteren en je herkent de refreinen van een rondo. Probeer het bij je volgende lievelingsnummer: welk schema hoor je?

Cet élément n'a pas d'instructions