Herfst
Herfst
Cet élément n'a pas d'instructions
kenmerken
van de herfst
bladeren, paddenstoelen
en dieren
knutselen
Aan het eind van deze les kun je:
Drie kenmerken van de herfst noemen en herkennen (verkleurende bladeren, vallend fruit/zaden zoals kastanjes, en veranderend weer).
Verschillende soorten herfstbladeren en boomvruchten bij herkennen.
Een herfstkunstwerk maken met natuurlijke materialen en verschillende schildertechnieken (ecoline/verf).
Waar denk jij aan bij het woord herfst?
Begin een kringgesprek. Waar denken de leerlingen aan bij het woord herfst? Moedig hen aan om terug te denken aan hun eigen ervaringen. Misschien is het nu al herfstig buiten, of herinner je je de herfst van vorig jaar nog?
Kijkplaat
Laat de leerlingen naar de kijkplaat kijken en vraag welke herfstdieren, -planten en -vruchten ze zien.
Toon een uitvergroting: Klik op het betreffende onderdeel om de afbeelding groot op het scherm te tonen.
Terug naar het overzicht: Klik nogmaals op de afbeelding om deze te sluiten en verder te zoeken naar andere elementen op de plaat.
Wat staat er allemaal op de kijkplaat? (v.l.n.r.)
- kastanje
- haas
- eekhoorntjesbrood
- paarse schijnridder
- eekhoorn
- slak
- roodborst
- uil
- hert
- mus
- eikel
- egel
- vliegenzwam
Boom- en Vruchtherkenning (Hotspots)
Op het scherm zie je zes hotspots. Achter elke hotspot zit een uitvergroting van het blad én de bijbehorende vrucht van een boomsoort (zoals het blad van de kastanjeboom met een kastanje).
- Klik één voor één op de hotspots om steeds een nieuwe boomsoort te onthullen.
- Bespreek elke boomsoort uitgebreid met de klas aan de hand van de onderstaande verdiepende vragen.
- Sluit het venster en ga door naar de volgende hotspot.
Vragen om te stellen per boomsoort:
Het Blad:
- Contouren en vorm: hoe ziet de rand van het blad eruit? Is deze glad, gekarteld, kartelig of diep ingesneden?
- Kleur: welke herfstkleuren zie je op het blad? Is het overal dezelfde kleur of verloopt de kleur?
- Textuur (zintuig): hoe denk je dat dit blad aanvoelt? Glad, ruw, droog, dik of juist heel dun?
De vrucht:
- Uiterlijk: hoe ziet de bijbehorende vrucht eruit? Heeft deze een harde schil, stekels of bijvoorbeeld 'vleugeltjes' (zoals bij de esdoorn)?
- Herkenning: waar kun je deze vrucht in de natuur of in het bos tegenkomen?
Sleepopdracht (blad & vrucht)
In deze opdracht koppelen de leerlingen het juiste blad aan de bijbehorende vrucht.
Uitvoering: roep steeds één leerling naar het digibord om een blad naar de juiste vrucht te slepen.
Tip: laat de klas meedenken door ze bij een juiste match een duim omhoog te laten geven!
Paddenstoelen Herkennen (hotspots)
Op het scherm zie je vijf hotspots. Achter elke hotspot zit een uitvergroting van een specifieke paddenstoel.
Klik één voor één op de hotspots om steeds een nieuwe paddenstoel te onthullen. Bespreek de paddenstoel met de klas en laat ze letten op de vorm en kleur. Sluit de hotspot en ga door naar de volgende.
1. Vliegenzwam (rood met witte stippen) Hint: Hij is felrood met witte stippen, precies zoals in een prentenboek.
2. Elfenbankje (de waaier op een boom) Hint: een stoeltje voor elfjes! Groeit als een platte, gestreepte waaier aan de zijkant van een boomstam.
3. Zwavelkopje (het gele trossen-paddenstoeltje) Hint: ze staan gezellig heel dicht op een kluitje. Ze zijn knalgeel en groeien altijd in een hele grote groep bij elkaar.
4. Stinkzwam (de stinkerdfles) Hint: je ruikt hem nog sneller dan je hem ziet. Hij ziet er een beetje uit als een lange raket en ruikt niet zo lekker.
5. Eekhoorntjesbrood (de grote bruine bol) Hint: een dikke bruine bolhoed. Hij heeft een grote, ronde bruine hoed en een hele dikke, stevige stam. Eekhoorns zijn er dol op!
Hoe kun jij deze paddenstoelen herkennen?
Laat de leerlingen terug denken. Hoe kunnen ze de paddenstoelen herkennen? Geef enkele leerlingen de beurt.
Beweeg het zoeklicht.
Welke dieren kan jij vinden in het herfstbos?
Klik op hun hoofd.
Aan het eind van deze les kun je:
Drie kenmerken van de herfst noemen en herkennen (verkleurende bladeren, vallend fruit/zaden zoals kastanjes, en veranderend weer).
Verschillende soorten herfstbladeren en boomvruchten bij herkennen.
Een herfstkunstwerk maken met natuurlijke materialen en verschillende schildertechnieken (ecoline/verf).
Heb je de zeven herfstdieren gevonden?
Cet élément n'a pas d'instructions
Maak een herfstboom
Laat de leerlingen met vingerverf bladeren maken in verschillende herfstkleuren. Een blad is een vingerafdruk. Gebruik eventueel de bijlage als basis voor de boom. De leerlingen kunnen ook zelf met bruine verf een stam maken.
Benodigdheden:
- A4 of bijlage afgedrukt
- verf (bruin, geel, oranje, rood)
- schorten
- keukenpapier voor vieze vingers
- placemats
Maak een spin in
een web
)
Kastanje-spin
Benodigdheden:
- 1 grote kastanje (vers/zacht prikt het makkelijkst)
- 8 houten satéprikkers (of tandenstokers)
- 1 bol witte wol
- schaar
- Optioneel: prikpen/handboor, lijm en 2 giebeloogjes
Stappenplan:
- Prik rondom de zijkant van de kastanje 8 gaatjes (4 aan de linkerzijde, 4 aan de rechterzijde). Steek in elk gaatje een satéprikker. Dit vormen de 8 spinnenpoten en het frame voor het web. Tip voor de docent: Help de leerlingen door vooraf de gaatjes te maken met een handboortje of prikpen.
- Bind het uiteinde van de witte wol vast aan de basis van één van de prikkers, zo dicht mogelijk bij de kastanje.
- Ga met het draad naar de volgende prikker. Sla het draad er één keer helemaal omheen (een 'slag' maken) en ga door naar de volgende prikker. Blijf zo rondgaan van pootje naar pootje. Werk gestaag van binnen (bij de kastanje) naar buiten.
- Is het spinnenweb groot genoeg? Knoop het uiteinde van de wol stevig vast aan de laatste prikker en knip het overtollige draad af. Plak eventueel aan de voorkant twee giebeloogjes op de kastanje om de spin helemaal af te maken.
Wat heb jij geleerd over
de herfst?
Cet élément n'a pas d'instructions
Fijne herfst!
Cet élément n'a pas d'instructions