4BB K6 planten en dieren en hun samenhang: planten

Planten en dieren en hun samenhang
planten
1 / 48
volgende
Slide 1: Tekstslide
BiologieMiddelbare schoolvmbo tLeerjaar 4

In deze les zitten 48 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

Onderdelen in deze les

Planten en dieren en hun samenhang
planten

Slide 1 - Tekstslide

Functies
Bloem: Voortplanting

Stengel: Stevigheid en transport van stoffen

Blad: Energie maken

Wortels: Water en mineralen uit de grond halen.
De bloem is het voortplantingsorgaan van de plant. Veel planten hebben vrouwelijke bloemen die worden bestuivd door de wind of door insecten en vormen daarna zaadjes. 
De stengel is een onderdeel van de plant wat zorgt voor stevigheid en dat de plant rechtop blijft staan, net als de botten in jouw lichaam. De plant heeft hier wel water voor nodig!
Het blad is belangrijk voor de plant om energie te maken. In de plantencellen zitten bladgroenkorrels. Deze kunnen zelf uit zonlicht energie maken. Het blad heeft veel plantencellen, dus de meeste energie van de plant komt hiervandaan. 
De wortels van de plant nemen water en mineralen op uit de grond, deze heeft de plant nodig om te groeien en om stevig te blijven. 

Slide 2 - Tekstslide

Sleep de kaartjes 
naar de goede plek
Wortel
Bloem
Blad
Stengel

Slide 3 - Sleepvraag

Planten
Producenten
Produceren glucose (= org. stof)
Glucose bevat veel energie

Een deel van de glucose gaat naar de volgende schakel van de voedselketen --> planteneters eten de planten (consumenten)



Slide 4 - Tekstslide

Uit welke delen bestaat een plant?
 Een plant bestaat ook uit organen, net zoals bij mensen.

Elk orgaan heeft zijn eigen bouw en taak 

  • Wortels: Water uit de bodem, meststoffen: mineralen
  • Stengel: Houdt de plant overeind, de stengel zorgt ervoor dat water en stoffen naar de bladeren en bloemen kunnen en andersom
  • Bladeren: Nerven, zorgen voor vervoer van water en stoffen maar geven ook stevigheid. Bladmoes: hierin maakt de plant zijn eigen voedingsstoffen
  • Bloemen: zijn voor de voortplanting.  Uit de zaden groeien nieuwe planten.

Slide 5 - Tekstslide

Gaswisseling in de plant
Via de huidmondjes wordt koolstofdioxide opgenomen en zuurstof afgestaan aan de lucht (als het licht is)


Via de huidmondjes gaat koolstodioxide het blad in. Dit kan nu gebruikt worden voor de fotosynthese.
Het teveel aan zuurstof kan via het huidmondje het blad weer uit.
Het huidmondje kan ook water laten verdampen
Huidmondjes zitten aan de onderkant van het blad
Huidmondjes gezien door de microscoop

Slide 6 - Tekstslide

wortelharen
 
Wortelharen nemen water + mineralen op uit de bodem. 

 



Slide 7 - Tekstslide

Functie van stengels
  • De stengel zorgt voor het vervoer van voedingsstoffen en water. 
  • In een stengel lopen vaten
  • vaatbundels 
  • vaten zorgen voor transport voor stoffen in de plant. 

Slide 8 - Tekstslide

 In de stengel bevinden zich het vaatbundels:

-bastvaten
- houtvaten

Slide 9 - Tekstslide

Slide 10 - Video

Transport in een plant.
  • Via vaatbundels vervoeren planten water, mineralen en glucose binnen de plant.
  • Houtvaten vervoeren water en mineralen omhoog naar de bladeren.
  • Bastvaten vervoeren glucose en andere voedingsstoffen richting de wortels.

Slide 11 - Tekstslide

Bast en houtvaten

Slide 12 - Tekstslide

Houtvaten


- Ontstaan uit boven elkaar liggende houtcellen

- Dwarswanden en cellen verdwijnen

- Ligging in de stengels aan de binnenkant

- vervoeren water en mineralen omhoog 

Bastvaten


- Ontstaan uit boven elkaar liggende bastvaten

- In de dwarswanden komen openingen

- Ligging in de stengels aan de buitenkant

- vervoeren water en glucose naar beneden

Slide 13 - Tekstslide

Houtvaten


Ezelsbruggetje:


Houtvaten vervoeren stoffen omHoog

Bastvaten


ezelsbruggetje:


Bastvaten vervoeren stoffen naar Beneden

Bastvaten zitten aan de Buitenkant van de stengel.

Slide 14 - Tekstslide

Houtvat

Vervoert water en mineralen omhoog
Bastvat

Vervoert water en glucose naar beneden
Bastvat

Vervoert water en glucose naar beneden
Houtvat

Vervoert water en mineralen omhoog

Slide 15 - Tekstslide

Transport via de stengel
  • De stengel verbindt de wortels met de bladeren
  • Water (en opgeloste stoffen) moeten van de wortel naar de bladeren
  • Voedingsstoffen die gemaakt zij bij de fotosynthese moeten van de bladeren naar de wortels (en andere delen bv. vruchten en zaden)

  • Door de hele plant lopen transportbuisjes
  • We noemen dit vaten
  • Deze vaten zitten in groepjes bij elkaar ....
  • ..... vaatbundels.

  • Het transport gaat dus in twee richtingen
  • Van beneden naar boven ....
  • ..... water en mineralen via houtvaten
  • Van boven naar beneden  ....
  • .... glucose en water via bastvaten

Slide 16 - Tekstslide

Vaatbundels
houtvaten
bastvaten

Slide 17 - Tekstslide

Hoe komt het water in de bladeren?
  • In het blad zitten huidmondjes. dit zijn kleine openingen waardoor stoffen naar buiten kunnen. 
  • Het water in de cellen rondom de huidmondjes verdampt en gaat via het huidmondje naar buiten. Dit water wordt door de buurcellen aangevuld. 
  • Door opname van water door de wortels en verdamping van water uit de bladeren blijft de waterstroom in de houtvaten op gang. 
  • Het aanzuigen van water door de huidmondjes heet zuigkracht van de bladeren. 

Slide 18 - Tekstslide

Functie wortels
Een plant gebruikt zijn wortels de hele dag en nacht om water en voedingsstoffen uit de grond te halen. 

Slide 19 - Tekstslide

Functies wortels
  • Water met mineralen opnemen via de wortelharen
    (soms mest nodig)
  • Stevigheid voor in de grond
  • Reservestoffen opslaan
plant gebruik water voor:
  • transport van stoffen
  • om de vacuole te vullen
    =stevigheid
  • fotosynthese

Slide 20 - Tekstslide

Wortels
Nemen water op via wortelharen
Dit water moet naar de rest van de plant
Het vervoeren van dit water 
noemen we transport
Dit gaat via vaatbundels

Slide 21 - Tekstslide

wortelharen
  • Aan de wortels zitten wortelharen. hiermee zuigt de plant water op. 
  • Wortelharen zijn heel dun.
  • Hierdoor kan de plant makkelijke water opnemen

Slide 22 - Tekstslide

Wat is een huidmondje, en waar vind je ze?
A
een kleine opening, op de huid van koudbloedige dieren.
B
een kleine opening, in de wortels van een plant.
C
een kleine opening, op de bladeren van een plant.
D
huidmondjes bestaan niet.

Slide 23 - Quizvraag

Wat was de functie van een huidmondje?
A
Water opnemen
B
Het maken van voedingsstoffen
C
Zorgen dat een boom groen blijft
D
Het uitwisselen van gassen

Slide 24 - Quizvraag

Welk gas gaat via het huidmondje naar buiten bij fotosynthese?
A
koolzuur
B
zuurstof
C
koolstofdioxide
D
glucose

Slide 25 - Quizvraag

Hoe komen houtachtige stengels aan hun stevigheid?
En kruidachtige stengels?
A
Houtachtige en kruidachtige stengels krijgen door water hun stevigheid
B
Houtachtige stengels krijgen door hout hun stevigheid, kruidachtige stengels door kruiden.
C
Houtachtige stengels krijgen door hout hun stevigheid, kruidachtige stengels door water.
D
Houtachtige en kruidachtige stengels krijgen door hout hun stevigheid.

Slide 26 - Quizvraag

Je ziet hier de punten van een wortel met wortelharen. Wat is een taak van de wortel?
A
watertransport, voedselopslag
B
wateropname, stevigheid in de grond
C
voedsel maken, voedselopslag
D
groei van de plant, watertransport

Slide 27 - Quizvraag

Wat is de functie van de stengel?
A
Stevigheid
B
Vervoer van voedingsmiddelen en water
C
Het opnemen van zonlicht
D
Het aantrekken van insecten

Slide 28 - Quizvraag

In de cellen van een huidmondje van een blad kan fotosynthese plaatsvinden
A
waar
B
niet waar

Slide 29 - Quizvraag

Bastvaten vervoeren....
A
van de wortel naar de bladeren
B
van de bladeren naar de wortel

Slide 30 - Quizvraag

Wat vervoert een 1) houtvat? En wat vervoert een 2) bastvat?
A
1) Glucose, 2) Water & mineralen
B
1) Water & mineralen, 2) Glucose
C
1) Glucose, 2) Glucose
D
1) Water & mineralen, 2) water & mineralen

Slide 31 - Quizvraag

Houtvat
Bastvat

Slide 32 - Sleepvraag

Houtvaten
Bastvaten
Vervoer Water / mineralen
Vervoer energierijke stoffen

Slide 33 - Sleepvraag

Ligging bastvat blad?
A
buitenkant
B
binnenkant
C
onderzijde
D
bovenzijde

Slide 34 - Quizvraag

In de afbeelding hierboven zie je een houtvat of een bastvat?
A
bastvat
B
houtvat

Slide 35 - Quizvraag

In welke richting verloopt het transport door de bastvaten?

A
van de bladeren naar de wortels
B
van de wortels naar de bladeren
C
van de bladeren naar de wortels en van de wortels naar de bladeren

Slide 36 - Quizvraag

Wat zijn houtvaten en bastvaten?
A
Een soort buisjes in een plant
B
Tonnen om wijn in te bewaren
C
Bepaalde bloedvaten in een insect

Slide 37 - Quizvraag

Nr 1 = bastvat
Nr 2 = houtvat
A
nee
B
ja

Slide 38 - Quizvraag

Zijwortel
Hoofdwortel
Wortelharen
Worteltop

Slide 39 - Sleepvraag

Hoe heet het beschermende laagje genoemd die de delende cellen in de wortel beschermen
A
Wortelschoentje
B
Wortelkapje
C
Wortelsjaaltje
D
Wortelmutsje

Slide 40 - Quizvraag

Water gaat de plant in en uit. Welke weg gaat water door de plant ?
A
wortels bladeren stengel huidmondjes
B
huidmondjes bladeren stengel wortels
C
wortels stengels bladeren huidmondjes
D
huidmondjes bladeren wortels stengels

Slide 41 - Quizvraag

Met welk onderdeel neemt een plant water op?
A
Wortel
B
Wortelharen
C
Stengels
D
Knollen

Slide 42 - Quizvraag

Met welke onderdelen maakt een plant zijn eigen voedingsstoffen ?
A
huidmondjes
B
bladgroenkorrels
C
vaatbundels
D
wortelharen

Slide 43 - Quizvraag

Met welk deel van de wortel neemt een plant water en mineralen op?
A
met de zijwortels
B
met de wortelharen

Slide 44 - Quizvraag

Bastvaten
In welke richting verloopt het transport in bastvaten?

A
Van de bladeren naar de wortels.
B
Van de bladeren naar alle delen van de plant.
C
Van de wortels naar de bladeren
D
Van de wortels naar alle delen van de plant.

Slide 45 - Quizvraag

Waarom wordt er geen glucose gemaakt in wortels?
A
omdat fotosynthese licht nodig heeft
B
er is niet genoeg water
C
er is geen CO2 onder de grond

Slide 46 - Quizvraag

Is het vastzetten in de bodem een functie van de wortels?
A
Ja
B
Nee

Slide 47 - Quizvraag

Een peen is een verdikte wortel die reservestoffen bevat.
Hoe komen de reservestoffen in de peen?
A
via bastvaten
B
via houtvaten
C
via haarvaten
D
via wortelharen

Slide 48 - Quizvraag