2.1 Arbeidsmarkt: vraag en aanbod

Arbeidsmarkt: vraag en aanbod

1 / 24
volgende
Slide 1: Slide
newEditorBedrijfseconomieVoortgezet speciaal onderwijsLeerroute 6

In deze les zitten 24 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 1 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

Arbeidsmarkt: vraag en aanbod

Deze slide heeft geen instructies

Lesdoel

Ik kan uitleggen hoe vraag en aanbod op de arbeidsmarkt samenhangen met werkgelegenheid, vacatures en werkloosheid.

Deze slide heeft geen instructies

Wat is de arbeidsmarkt?

De arbeidsmarkt is de plek waar vraag naar arbeid en aanbod van arbeid samenkomen. Werkgevers zoeken werknemers, en mensen bieden hun arbeid aan om te werken en inkomen te verdienen.

Benadruk dat de arbeidsmarkt geen fysieke markt hoeft te zijn. Het gaat om alle situaties waarin werkgevers en werknemers elkaar vinden.

Twee kanten van de arbeidsmarkt

  • Komt van werkgevers

  • Bedrijven en organisaties zoeken personeel

  • De vraag hangt af van productie en dienstverlening

Vraag naar arbeid

Aanbod van arbeid

  • Komt van werknemers

  • Mensen stellen zich beschikbaar om te werken

  • Het aanbod hangt af van wie wil en kan werken

Deze slide heeft geen instructies

Aanbod van arbeid

  • Alle mensen die willen en kunnen werken

  • Niet iedereen in een land hoort automatisch bij dit aanbod

  • Leeftijd, opleiding en beschikbaarheid spelen mee

Je kunt hier kort het verschil noemen tussen totale bevolking en mensen die echt beschikbaar zijn voor werk.

Beroepsbevolking

De beroepsbevolking bestaat uit mensen die betaald werk hebben én mensen die geen werk hebben maar wel zoeken en beschikbaar zijn. Deze groep vormt een belangrijk deel van het aanbod van arbeid.

Maak duidelijk dat scholieren, gepensioneerden of mensen die niet zoeken meestal niet tot de beroepsbevolking horen.

Vraag naar arbeid

De vraag naar arbeid is de hoeveelheid arbeid die werkgevers nodig hebben. Als bedrijven groeien of meer produceren, nemen zij vaak meer personeel aan. Bij minder vraag naar producten daalt de vraag naar arbeid meestal ook.

Leg het verband met de economie: meer productie vraagt vaak om meer werknemers.

Wie zorgen voor het aanbod van arbeid?

A

werknemers

B

werkgevers

C

bedrijven

D

vacatures

Toetst het verschil tussen vraag en aanbod op de arbeidsmarkt.

Kernbegrippen invullen

Op de arbeidsmarkt komen de vraag naar arbeid en het aanbod van arbeid samen. De beroepsbevolking bestaat uit mensen met betaald werk en mensen die werk zoeken en beschikbaar zijn.

vraag naar arbeid
aanbod van arbeid
beroepsbevolking
werkgelegenheid
vacatures
arbeidsjaren

De drie kernbegrippen uit het eerste lesblok moeten hier op de juiste plek komen.

Vacatures

  • Een vacature is een openstaande baan

  • Veel vacatures wijzen vaak op veel vraag naar arbeid

  • Vacatures laten zien waar personeelstekorten ontstaan

Noem eventueel dat niet elke vacature meteen wordt vervuld, bijvoorbeeld door tekort aan geschikte kandidaten.

Werkgelegenheid

Werkgelegenheid is de hoeveelheid werk die er in een land of sector beschikbaar is. Het gaat om het totaal aantal banen of arbeidsplaatsen dat werkgevers aanbieden.

Werkgelegenheid gaat over beschikbare banen; dat is iets anders dan alleen het aantal mensen dat werkt.

Arbeidsjaren

Een arbeidsjaar is een maat voor werk in voltijd. Twee deeltijdbanen van een halve werkweek samen zijn ongeveer gelijk aan één arbeidsjaar. Zo kun je werkgelegenheid nauwkeuriger meten dan alleen met het aantal personen.

Dit helpt bij het onderscheid tussen banen, personen en hoeveelheid gewerkte arbeid.

Krappe arbeidsmarkt

Van een krappe arbeidsmarkt is sprake als er veel vraag naar arbeid is en relatief weinig aanbod. Er zijn dan veel vacatures en werkgevers hebben moeite om personeel te vinden.


Welke gevolgen heeft een krappe arbeidsmarkt voor de werknemer en de werkgever?

Je kunt voorbeelden noemen zoals techniek, zorg of onderwijs, zonder te veel uit te weiden.

Gevolgen van krapte

  • Meer openstaande vacatures

  • Bedrijven concurreren om personeel

  • Lonen en arbeidsvoorwaarden kunnen stijgen

Leg uit dat hogere lonen een manier kunnen zijn om meer aanbod van arbeid aan te trekken.

Wat laat veel vraag naar arbeid vaak zien?

A

veel vacatures

B

hoge werkloosheid

C

kleine beroepsbevolking

D

weinig productie

Sluit aan op de uitleg over vraag naar arbeid, vacatures en werkgelegenheid.

Begrippen toepassen

De werkgelegenheid is het totaal aantal banen. Met arbeidsjaren meet je nauwkeuriger hoeveel werk er echt is. Veel openstaande banen noem je vacatures.

werkgelegenheid
arbeidsjaren
vacatures
beroepsbevolking
werkloosheid
arbeidsmarkt

Controleert of leerlingen banen, arbeidsjaren en vacatures uit elkaar kunnen houden.

Ruime arbeidsmarkt

Van een ruime arbeidsmarkt is sprake als het aanbod van arbeid groter is dan de vraag naar arbeid. Er zijn dan minder vacatures en meer mensen die een baan zoeken dan er banen beschikbaar zijn.


Welke gevolgen heeft een krappe arbeidsmarkt voor de werknemer en de werkgever?



Deze slide heeft geen instructies

Gevolgen van ruimte

  • Meer concurrentie tussen werkzoekenden

  • Minder openstaande vacatures

  • Kans op werkloosheid wordt groter

Benadruk dat een ruime arbeidsmarkt niet betekent dat niemand werk vindt, maar wel dat het moeilijker kan zijn.

Werkloosheidspercentage

Het werkloosheidspercentage geeft aan welk deel van de beroepsbevolking geen betaald werk heeft, maar wel werk zoekt en beschikbaar is. Dit percentage laat zien hoe ruim of krap de arbeidsmarkt ongeveer is.

Noem dat het gaat om een percentage van de beroepsbevolking, niet van de totale bevolking.

Samenhang op de arbeidsmarkt

Meer vraag naar arbeid → meer werkgelegenheid → meer vacatures


Meer aanbod van arbeid dan vraag → grotere kans op werkloosheid


Zo laten vacatures en het werkloosheidspercentage zien hoe de arbeidsmarkt ervoor staat.

Deze slide verbindt de kernbegrippen. Gebruik hem als samenvattende kapstok voor de hele les.

Wanneer is de arbeidsmarkt ruim?

A

vraag groter dan aanbod

B

aanbod groter dan vraag

C

veel banen in voltijd

D

iedereen heeft werk

Laat leerlingen het contrast tussen krap en ruim herkennen.

Samenhang op de arbeidsmarkt

Bij een krappe arbeidsmarkt zijn er veel vacatures en is personeel moeilijk te vinden. Bij een ruime arbeidsmarkt zijn er meer werkzoekenden dan banen. Het werkloosheidspercentage laat zien welk deel van de beroepsbevolking zonder werk zit, maar wel zoekt.

krappe arbeidsmarkt
ruime arbeidsmarkt
werkloosheidspercentage
werkgelegenheid
arbeidsjaar
aanbod van arbeid

Hier komen de drie afsluitende kernbegrippen samen.

Begrippenlijst

arbeidsmarkt - plek waar vraag naar arbeid en aanbod van arbeid samenkomen

aanbod van arbeid - mensen die willen en kunnen werken

vraag naar arbeid - behoefte van werkgevers aan werknemers

beroepsbevolking - mensen met werk en mensen zonder werk die werk zoeken

vacature - openstaande baan

werkgelegenheid - totaal aantal beschikbare banen

arbeidsjaar - hoeveelheid arbeid gelijk aan één voltijdbaan

Deze slide heeft geen instructies

Begrippenlijst

krappe arbeidsmarkt - situatie met veel vraag naar arbeid en weinig aanbod

ruime arbeidsmarkt - situatie met meer aanbod van arbeid dan vraag naar arbeid

werkloosheidspercentage - percentage van de beroepsbevolking dat werkloos is

Deze slide heeft geen instructies