D: culturen

1 / 37
volgende
Slide 1: Tekstslide

In deze les zitten 37 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat zou jij doen?
Meneer Loukili, oorspronkelijk van Afghaanse afkomst, is terminaal ziek en zal waarschijnlijk in korte tijd overlijden. 
Zijn familie is vaak en met veel personen bij hem aanwezig. 
Ze verlaten zijn kamer alleen tijdens de zorgmomenten. 
Als je met een collega binnenkomt om meneer te verzorgen heeft zijn familie zijn bed dwars door de kamer gezet. Je kunt er bijna niet meer bij.


Hij wilde graag zijn bed richting Mekka, zegt zijn zoon.

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Communicatie in verschillende culturen

3 Stappenmethode (Pinto)

1. Het leren kennen van de eigen cultuurgebonden waarden en normen.
Welke regels zijn van invloed op het eigen denken, handelen en communiceren?


2.Het leren kennen van de cultuurgebonden normen en waarden van de ander.


3. Het leren omgaan met de verschillen

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Referentiekader
De wijze waarop jij de wereld om je heen waarneemt en hoe je daar betekenis aan geeft

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat is cultuur?

Slide 5 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Wat zou jij doen?
Je viert sinterklaas avond met de groep jongeren met een matig verstandelijke beperking. 
Er is lekkers en 2 pieten komen cadeautjes brengen.

Het is een gezellige avond, er wordt veel gezongen en gelachen. Ook Johan, een van de cliënten geniet met volle teugen. 

Als zijn moeder onverwacht op bezoek komt is ze erg boos.
“wij Jehova’s vieren dit soort heidense feesten niet en dat had jij moeten weten. Kom Johan, naar je kamer”
Johan gaat huilend mee naar boven….

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies




• Voorkomen van: schuld
• Nastreven van: zelfwaardering en persoonlijk geluk, integriteit
• Persoonlijk succes: persoonlijke prestaties verhogen, innerlijke rijkdom
• Opvoeding: angst voor schuld, veel discussie en uitleg, aanmoedigen van zelfstandigheid
• Communicatie: direct communicatie, oog in oog, directe confrontatie, feiten belangrijker dan aanzien




  • Voorkomen van: gezichtsverlies, schaamte
  • Nastreven van: eer, respect
  • Groepseer familie, eervol gedrag verhoogt aanzien, vrouw zwakke schakel
  • Opvoeding: angst voor schaamte lijfstraffen, belonen van respect
  • Communicatie; indirect, openlijke confrontaties vermijden, eer belangrijker dan feiten
G-cultuur                                       F-cultuur

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Cultuurverschillen
                                    Maslow                               Pinto






G - cultuur                                      F-cultuur

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Cultuur is..

Het geheel van waarden en normen dat mensen aan elkaar overdragen.
Aangeleerd door alles wat je meemaakt.

  • Het land waar je bent opgegroeid / de buurt of stad waar je vandaan komt
  • De opleiding die je hebt gedaan
  • Opvoeding
  • Religie
  • Vrienden
  • ....

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies





Intercultureel vakmanschap

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Stappenplan uitgebreid 
Stap 1: Je eigen (cultuurgebonden) normen en waarden leren kennen. Welke regels en codes zijn van invloed op je denken, handelen en communiceren?
  
Stap 2: De (cultuurgebonden) normen, waarden en gedragscodes van de ander leren kennen. Scheid meningen over het gedrag van de ander van de feiten. Onderzoek wat het ‘vreemde’ gedrag van de ander betekent.

Stap 3: Bepaal hoe je in de gegeven situatie met de geconstateerde verschillen in normen en waarden omgaat. Bepaal vervolgens waar je grenzen liggen wat betreft aanpassing aan en acceptatie van de ander. Maak deze grenzen aan de ander duidelijk.

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Noem drie voorbeelden van culturele diversiteit in Nederland

Slide 13 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Ik-cultuur
Wij-cultuur

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Hoe noem je het feit dat mensen verschillen o.a. afkomst, leeftijd, sekse, nationaliteit, seksuele geaardheid, religie en taalgebruik?
A
Diversiteit
B
Culturele identiteit
C
Interculturele communicatie
D
Autonomie

Slide 15 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Is de piramide van Pinto vooral op Westers, of Niet-Westerse cultuur gericht?
A
Westers
B
Niet-Westers

Slide 18 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Volgens Pinto bestaat goede interculturele communicatie uit drie stappen, de juiste volgorde is als volgt:
A
1. Wat zijn de waarden en normen van de ander? 2.Wat zijn je eigen waarden en normen? 3. Hoe kun je dan in een bepaalde situatie met elkaar omgaan?
B
1. Hoe kun je in een bepaalde situatie met elkaar omgaan? 2. Wat zijn de waarden en normen van een ander? 3. Wat zijn je eigen waarden en normen?
C
1. Wat zijn je eigen waarden en normen? 2. Wat zijn de waarden en normen van de ander? 3. Hoe kun je dan in een bepaalde situatie met elkaar omgaan?
D
1. Hoe kun je in een bepaalde situatie met elkaar omgaan? 2. Wat zijn je eigen waarden en normen? 3. Wat zijn de waarden en normen van een ander?

Slide 19 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Cultuur wordt bepaald door
- Culturele afkomst
- Taal/lichaamstaal
-Leeftijd
- Rituelen
- Nationaliteit
- Sekse en Seksuele gaardheid
-Referentiekader/waarden en normen
- Religie
- Taalgebruik, etc

Slide 20 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 21 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 22 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Welke gezegde of uitdrukking kan nog meer tot (culturele) miscommunicatie leiden?

Slide 23 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Welke piramide is hiernaast te zien?
A
Piramide van Maslow
B
Piramide van Pinto

Slide 24 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 25 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat is cultuur?

Slide 26 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Verschillen 
De F-cultuur: fijnmazig
De F-cultuur wordt gekenmerkt door een fijnmazig systeem van normen en waarden. De mate van structuur is groot en er bestaan veel vastgestelde regels voor wat wenselijk en onwenselijk gedrag is. In een fijnmazige cultuur hoeft men weinig persoonlijke afwegingen te maken; veel stappen die men neemt lijken niet meer dan logisch en bevinden zich in de lijn der verwachtingen.
De G-cultuur: grofmazig
In een grofmazige cultuur zijn normen en waarden, goed en kwaad, niet heel duidelijk omschreven. Veel dingen moet men zelf uitvinden en in veel gevallen dient men zich zelf een mening te vormen over wat wenselijk en onwenselijk is. Afwijken van de gebaande wegen wordt (in zekere mate) gewaardeerd.

Slide 27 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Bij welke Piramide stond het individu centraal?
A
Maslow
B
Pinto

Slide 28 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Verschillende soorten subculturen
We maken onderscheid tussen vijf soorten subculturen:
  1. Etnische subculturen
  2. Regionale subculturen
  3. Religieuze subculturen
  4. Jeugdculturen
  5. Generaties 

Slide 29 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Subculturen
Naast dominante culturen hebben we ook subculturen. Dit zijn kleinere groepen met een gemeenschappelijke cultuur. En daar zijn er veel van. Want alle groepen mensen die hun eigen waarden, normen en gewoonten hebben zijn een subcultuur. 
subcultuur
Een cultuur van een kleine groep mensen in de samenleving. 

Slide 30 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat is de juiste betekenis van subcultuur?
A
Cultuur van alle mensen in een land.
B
Cultuur van alle mensen in Zuid-Holland.
C
Cultuur van alle mensen in Limburg.
D
Cultuur van een kleine groep mensen.

Slide 31 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Welke waarde, norm of gewoonte past het best bij de subcultuur?
LGBTQ
Afro-Amerikaans
Feministen

Slide 32 - Sleepvraag

Laat de leerlingen de naam van de subcultuur bij de juiste afbeelding slepen. Bespreek daarna met de leerlingen waarom die daarbij hoort. Dus: waaraan herken je deze subcultuur dan? Betrek hier de waarden/normen en gewoonten van de betreffende subcultuur bij.

Slide 33 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 34 - Link

Deze slide heeft geen instructies

Verschillende culturen binnen de Nederlandse Samenleving



Dominante cultuur

Subculturen

Jongerenculturen

Etinische subcultuur

Regionale subculturen

Noem van elke cultuur hier boven een voorbeeld.

Slide 35 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Multiculturele  samenleving

Slide 36 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

De Nederlandse samenleving

In onze samenleving zijn er twee belangrijk waarden:

1. Gelijkheid

2. Vrijheid

Deze waarden zijn zo belangrijk dat er rechten van gemaakt zijn die gelden voor alle mensen in Nederland:

Grondrechten

Deze zijn opgenomen in de Nederlandse Grondwet.

Slide 37 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies