Wat gaan we doen?
Herhalen hoofdstuk 6 en 7
Uitleg hoofdstuk 8
Zelfstandig opdrachten maken
Donderdag 5 november: Topvorm toets hoofdstuk 5 - 8
Woensdag 4 november zijn alle opdrachten af (in je boek en online).
Wat gaan we doen?
Herhalen hoofdstuk 6 en 7
Uitleg hoofdstuk 8
Zelfstandig opdrachten maken
Donderdag 5 november: Topvorm toets hoofdstuk 5 - 8
Woensdag 4 november zijn alle opdrachten af (in je boek en online).
Opdracht 8 (p. 65-66): Maak de dialoog af
Vraag:
Heb je misschien zin om iets leuks te doen?
Je kunt niet, want je bent bezig met de volgende activiteit:
leren voor de theorie van mijn rijexamen
Reactie:
Nee, ik kan niet. Ik ben de theorie van mijn rijexamen aan het leren.
Nee, ik kan niet. Ik zit de theorie van mijn rijexamen te leren.
Opdracht 8 (p. 65-66): Maak de dialoog af
Vraag:
Heb je misschien zin om zaterdag te zeilen?
Je kunt niet, want je bent bezig met de volgende activiteit:
het huishouden doen
Reactie:
...
Opdracht 8 (p. 65-66): Maak de dialoog af
Vraag:
Heb je misschien zin om vanavond samen te gaan hardlopen?
Je kunt niet, want je bent bezig met de volgende activiteit:
huiswerk maken
Reactie:
...
Opdracht 8 (p. 65-66): Maak de dialoog af
Vraag:
Heb je misschien zin om dit weekend die nieuwe tentoonstelling te bezoeken?
Je kunt niet, want je bent bezig met de volgende activiteit:
in de tuin werken
Reactie:
...
Opdracht 8 (p. 65-66): Maak de dialoog af
Vraag:
Heb je misschien zin om dit weekend naar een concert te gaan?
Je kunt niet, want je bent bezig met de volgende activiteit:
je huis schilderen
Reactie:
...
Opdracht 8 (p. 65-66): Maak de dialoog af
Vraag:
Heb je misschien zin om morgenavond te gaan bowlen?
Je kunt niet, want je bent bezig met de volgende activiteit:
koken voor mijn vrienden
Reactie:
...
Leerdoelen
In hoofdstuk 7 heb je geleerd hoe je vertelt wat iemand nu doet door de werkwoorden zitten, staan, lopen en liggen te gebruiken.
In deze les leer je welke werkwoorden je nog meer in combinatie met te en een infinitief gebruikt.
Herhalen hoofdstuk 7
Opdracht:
Maak een zin met de werkwoorden staan, zitten, liggen en lopen + te + infinitief.
Voorbeeldzinnen
Amir staat op zijn vriend te wachten.
Fatima zit gezellig met haar vriendin te kletsen.
Sarah ligt een boek te lezen.
Serhii loopt door het park te wandelen.
Het werkwoord dat je gebruikt, is afhankelijk van de positie van het lichaam.
Hoofdstuk 8 - De zon begint te schijnen
De volgende werkwoorden gebruiken we ook in combinatie met te en een infinitief. Op blz. 67 van je boek staan voorbeeldzinnen.
beginnen
beloven
besluiten
durven
hangen
helpen
hopen
leren
proberen
verbieden
vergeten
verwachten
vragen
Hoofdstuk 8 - De zon begint te schijnen
Het werkwoord hoeven gebruiken we altijd met niet of geen.
Hij hoeft dit weekend niet te werken.
Zij hoeft geen geld te betalen.
Let op!
Het woord te en de infinitief staan aan het eind van de zin.
Ik ben vergeten mijn laptop mee te nemen.
Oefenen
Beantwoord de vragen. Maak een goede zin.
Wat durf je echt niet te doen?
Wat vraag je vaak aan je vrienden?
Wat hoop je later te worden?
Aan de slag
Maak eerst de opdrachten van hoofdstuk 8 in je boek.
Klaar? Ga dan online verder. Maak eerst de opdrachten van hoofdstuk 7 af en ga daarna verder met de opdrachten van hoofdstuk 8.
Klaar t/m 2.8? Werk verder aan 2.9.
Donderdag 5 november: toets Topvorm hoofdstuk 5, 6, 7 en 8.
Woensdag 4 november zijn alle opdrachten af (in je boek en online).
Ik kan goede zinnen maken met te + een infinitief.