Voedselrelaties en duurzame ontwikkeling (Biologie vwo), les 3: Terugblik quiz

ECOSYSTEEM · DUURZAAMHEID

Quiz

Terugblik: Voedselrelaties en duurzame ontwikkeling

1 / 15
volgende
Slide 1: Slide
newEditorBiologieMiddelbare schoolvwoLeerjaar 4-6

In deze les zitten 15 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 30 min
Dit is niet oké

Introductie

Terugblik met twaalf vragen over signaalstoffen, parasitisme, voedselweb, kringloop, de weg van microplastic, bestrijdingsmiddelen, biodiversiteit, energiebesparing, biologische landbouw, hernieuwbare energiebronnen en waardeoordelen.

Onderdelen in deze les

ECOSYSTEEM · DUURZAAMHEID

Quiz

Terugblik: Voedselrelaties en duurzame ontwikkeling

Les 3 van 3. Leerlingen beantwoorden individueel; bespreek na elke paar vragen kort de antwoorden. Image credit: Andy Morffew / Wikimedia Commons, CC BY 2.0

Bij gevaar geeft een bladluis een stof af; soortgenoten vluchten. Welke stof?

A

Een bestrijdingsmiddel

B

Een persistente stof

C

Een signaalstof

D

Een biologisch afbreekbare stof

Een stof die een organisme afgeeft en waarop een ander organisme reageert is een signaalstof. Verwachte fout: bestrijdingsmiddel kiezen omdat de luizen wegvluchten.

Een lintworm in de darm neemt voedsel mee en geeft klachten. Welke relatie?

A

Mutualisme

B

Parasitisme

C

Commensalisme

D

Predatie

De lintworm heeft voordeel en de gastheer nadeel, en de gastheer wordt niet meteen opgegeten: parasitisme. Verwachte fout: predatie kiezen omdat de lintworm voedsel haalt uit de gastheer.

Vul in

Alle voedselketens in een vijver samen vormen een voedselweb, waarin sommige organismen meerdere soorten eten.

voedselketens
voedselweb
voedselrelatie
symbiose

Voedselketens en voedselweb. Verwachte fout: voedselrelatie invullen; dat is de relatie tussen twee organismen.

Waarom past biologisch afbreekbare verpakking bij een gesloten kringloop?

A

Planten nemen de verpakking rechtstreeks op

B

De verpakking verdwijnt met het afval uit het systeem

C

De verpakking verbrandt vanzelf zonder resten

D

Reducenten maken er stoffen van die planten opnemen

Reducenten maken van de verpakking anorganische stoffen die planten weer kunnen opnemen, dus de stoffen blijven in het systeem. Verwachte fout: denken dat planten de verpakking zelf opnemen.

Zet op volgorde: de weg van microplastic door een sloot

1

Een autoband slijt en er komen deeltjes vrij

2

Regenwater spoelt de deeltjes naar een sloot

3

Een vis eet het plankton

4

Plankton neemt de deeltjes op

Van bron naar de voedselketen: slijtage, transport met water, opname door plankton, opname door de vis. Verwachte fout: de vis voor het plankton zetten.

Welk soort bestrijdingsmiddel doodt onkruid?

Een herbicide. Verwachte fout: insecticide noemen; dat doodt insecten, een fungicide doodt schimmels.

Welke maatregel vergroot de biodiversiteit op en rond een akker?

A

Elk jaar hetzelfde gewas telen

B

Alle onkruid en insecten bestrijden

C

Een bos omzetten in akkerland

D

Bloemrijke randen langs het land

Bloemrijke randen bieden voedsel en schuilplaats aan veel soorten. Verwachte fout: alle insecten bestrijden kiezen om de oogst te beschermen; dat verlaagt juist de biodiversiteit.

Een huis gebruikt 1500 m3 gas. Isoleren bespaart 20%. Hoeveel m3 blijft over?

A

300 m3

B

1200 m3

C

1480 m3

D

1800 m3

20% van 1500 is 300; 1500 - 300 = 1200 m3. Verwachte fout: de besparing (300) als uitkomst noemen of 20 m3 aftrekken (1480).

Waarom is voor biologische teelt gemiddeld meer land nodig?

A

Er worden meer bestrijdingsmiddelen gebruikt

B

Gewassen groeien alleen op verse grond

C

De opbrengst per hectare is gemiddeld lager

D

Er is geen onkruid dat verwijderd moet worden

Zonder kunstmest en synthetische middelen is de opbrengst gemiddeld lager, dus is meer land nodig voor dezelfde hoeveelheid voedsel. Verwachte fout: denken dat biologisch meer middelen gebruikt.

Vul in

Zon en wind horen bij de hernieuwbare energiebronnen; aardolie en aardgas heten fossiele brandstoffen en raken wel op.

hernieuwbare energiebronnen
fossiele brandstoffen
energiebesparing
energieproductie

Hernieuwbare energiebronnen en fossiele brandstoffen. Verwachte fout: energiebesparing invullen; dat is minder energie gebruiken.

Welke uitspraak is een waardeoordeel?

A

Boeren horen te stoppen met bestrijdingsmiddelen

B

Een insecticide kan nuttige insecten doden

C

DDT wordt in vetweefsel opgeslagen

D

Biologische teelt brengt per hectare minder op

Horen te stoppen gaat over wat gewenst is en is niet met onderzoek te toetsen. De andere drie uitspraken zijn feiten. Verwachte fout: een feit kiezen omdat het over bestrijdingsmiddelen gaat.

Waarom schaden microplastics een vis?

A

Deeltjes worden snel afgebroken tot giftige stoffen

B

De maag raakt vol en er komen schadelijke stoffen mee

C

Deeltjes halen zuurstof uit het bloed van de vis

D

Deeltjes geven de vis resistentie tegen insecticiden

Microplastics worden niet afgebroken, kunnen de maag vullen en kunnen schadelijke stoffen binden. Verwachte fout: denken dat kunststof in het lichaam snel wordt afgebroken.

Hoe zeker voel je je over dit onderwerp?

1

Heel zeker

2

Redelijk zeker

3

Niet zo zeker

4

Helemaal niet zeker

Gebruik de uitslag om te bepalen of je een onderdeel herhaalt.

ECOSYSTEEM · DUURZAAMHEID

Goed gedaan!

Goed gedaan. Je kunt nu voedselrelaties en symbiose benoemen, een voedselweb lezen en uitleggen hoe je bij energie en voedsel rekening houdt met duurzame ontwikkeling, en wat accumulatie en resistentie betekenen.

Deze slide heeft geen instructies