DUURZAAMHEID · ENERGIE EN VOEDSEL
Quiz
Terugblik: Duurzame ontwikkeling
DUURZAAMHEID · ENERGIE EN VOEDSEL
Quiz
Terugblik: Duurzame ontwikkeling
Les 3 van 3. Leerlingen beantwoorden individueel; bespreek na elke paar vragen kort de antwoorden. Image credit: Geographer / Wikimedia Commons, CC BY-SA 2.0
Welk afval is biologisch afbreekbaar?
Een glazen pot
Een aluminium blikje
Een appelklokhuis
Een zak van gewoon plastic
Een appelklokhuis wordt door reducenten afgebroken. Glas, aluminium en gewoon plastic niet. Verwachte fout: plastic kiezen.
Waarom is aardgas geen hernieuwbare energiebron?
Het raakt op voordat het opnieuw kan ontstaan
Het geeft bij verbranding geen energie
Het kan alleen op zee worden gewonnen
Reducenten breken het snel af
Aardgas ontstaat veel langzamer dan we het gebruiken. Verwachte fout: denken dat hernieuwbaar iets met de plaats van winning te maken heeft.
Welke maatregel is energiebesparing?
Zonnepanelen op het dak leggen
Een huis isoleren zodat je minder verwarmt
Een kolencentrale vervangen door een gascentrale
Stroom afnemen van een windpark
Besparen is minder gebruiken. De andere maatregelen veranderen hoe energie wordt opgewekt of ingekocht. Verwachte fout: zonnepanelen kiezen omdat ze duurzaam zijn.
Een school gebruikt 40.000 kWh en bespaart 25%. Hoeveel kWh blijft over?
10.000 kWh
15.000 kWh
25.000 kWh
30.000 kWh
25% van 40.000 is 10.000. 40.000 min 10.000 is 30.000. Verwachte fout: 10.000 kiezen, het bespaarde deel in plaats van wat overblijft.
Vul in
Biologische landbouw werkt zonder synthetische bestrijdingsmiddelen en zonder kunstmest, maar met bijvoorbeeld natuurlijke vijanden.
Synthetische middelen en kunstmest horen niet bij biologische landbouw. Verwachte fout: afbreekbare invullen, omdat een middel dat afbreekbaar is niet automatisch biologisch is.
Geef een nadeel van biologische landbouw.
Bijvoorbeeld: de opbrengst per hectare is meestal lager, dus is er meer land nodig voor dezelfde hoeveelheid voedsel. Verwachte fout: een voordeel noemen, zoals minder middelen in de natuur.
Welke stof hoopt zich het sterkst op in een voedselketen?
Een persistente stof die niet wordt uitgescheiden
Een stof die reducenten snel afbreken
Een stof die snel wordt uitgescheiden
Een stof die alleen in water voorkomt
Accumulatie vraagt om een stof die niet wordt afgebroken en niet wordt uitgescheiden. Verwachte fout: denken dat elke giftige stof ophoopt.
Door DDT kregen roofvogels dunne eierschalen. Waarom juist roofvogels?
Ze worden vaker met DDT bespoten
Ze drinken meer water met DDT
Ze staan hoog in de keten, dus de concentratie is hoog
Ze hebben geen afweer tegen stoffen
Door accumulatie is de concentratie DDT het hoogst aan de top van de voedselketen. Verwachte fout: denken dat roofvogels rechtstreeks worden bespoten.
Welke uitspraak over resistentie tegen een bestrijdingsmiddel klopt?
Elk insect wordt na enkele keren spuiten resistent
Het middel maakt insecten resistent door mutatie
Het middel selecteert de resistente individuen
Resistentie ontstaat alleen bij een lage dosis
Resistente individuen zijn er toevallig al en overleven en planten zich voort. Verwachte fout: denken dat het middel zelf de resistentie veroorzaakt.
Welke uitspraak is een normatieve overweging?
Wij horen de natuur intact door te geven
DDT veroorzaakte dunne eierschalen bij roofvogels
Een persistente stof blijft lang in het milieu
Windturbines wekken stroom op zonder koolstofdioxide
Een normatieve overweging gaat over wat goed of fout is. De andere uitspraken zijn feiten die je kunt onderzoeken. Verwachte fout: een feit kiezen omdat het een sterk argument lijkt.
Hoe zeker voel je je over dit onderwerp?
Heel zeker
Redelijk zeker
Niet zo zeker
Helemaal niet zeker
Gebruik de uitslag om te bepalen of je een onderdeel herhaalt.
DUURZAAMHEID · ENERGIE EN VOEDSEL
Goed gedaan!
Goed gedaan. Je kunt nu uitleggen wat duurzame ontwikkeling is, hoe je bij energie en voedsel rekening houdt met duurzaamheid en wat accumulatie en resistentie met bestrijdingsmiddelen te maken hebben.
Deze slide heeft geen instructies